Cryptomunt, Bitcoin

De moderne financiële wereld ontwikkelt zich in hoog tempo, waarbij nieuwe digitale betaalmiddelen zoals Bitcoin steeds meer aandacht krijgen. Voor moslims blijft echter één uitgangspunt onveranderd: elke vorm van economische activiteit moet worden getoetst aan de Heilige Qur’ān en de Sunnah, zodat zij niet indruist tegen de Sharīʿah. Binnen deze kaders onderzoekt dit document de aard, betrouwbaarheid en toelaatbaarheid van cryptomunten, met name Bitcoin, en plaatst deze in het bredere kader van islamitische economische principes en fiqh al‑muʿāmalāt.

Het vrijemarktprincipe als islamitisch principe binnen de Sharīʿah‑economie

De islam heeft de mens veel vrijheid gegeven, maar wel te begrijpen als vrijheid in gebondenheid. Dit wil zeggen dat voordat de mens een activiteit verricht, een dienst of product ontwikkelt, hij gaat toetsen aan de Heilige Qur’ān en Sunnah of het resultaat van de inspanning niet indruist tegen de Sharīʿah. (Qur’ān 2:208; Radd al‑Muḥtār, Kitāb al‑Buyūʿ; Fatāwā Razviyya, j. 18)

Ten aanzien van betaalmiddelen is met de tijd veel veranderd van chartaal naar giraal geld, maar hiertegenover staat dat altijd de rechthebbende eigenaar zijn tegoeden in contant geld kan opnemen bij de bank. Islam beschouwt goederen met intrinsieke waarde als valuta. Dus papiergeld of elektronisch geld kan worden gebruikt zolang het wordt ondersteund door een van deze grondstoffen tegen een vaste wisselkoers; met andere woorden, het papier is slechts een contract waarin is bepaald dat de drager het papier kan inwisselen voor een vaste maat (gewicht) van die specifieke grondstof. (Qurṭubī, Tafsīr, onder 9:34; ʿĀlamgīrī, Kitāb al‑Ṣarf)

Tot 1971 werden de meeste valuta’s van de wereld ondersteund door goud. Maar alleen overheden konden papier inwisselen, niet de gemiddelde burger. De prijs van een grondstof wordt bepaald door de markt zolang valuta (papier) niet wordt gebruikt. Aan de andere kant kan de prijs/waarde van waren worden gemanipuleerd of aangepast door de makers van papiergeld op grond van de marktwet van vraag en aanbod. (Iḥyāʾ ʿUlūm al‑Dīn, Kitāb Ādāb al‑Kasb; Durr al‑Muḥtār, Kitāb al‑Buyūʿ)

Allāh Ta’ālā gebruikt het woord geld vele malen in de Heilige Qur’ān en er staat ook veel over in de aḥādith, omdat het een basisbehoefte is en een vitale rol speelt in het leven. Vandaar: om te weten hoe je op een betere manier geld kunt verdienen en uitgeven is erg belangrijk. (Qur’ān 4:5; Qur’ān 2:188; Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 2085)

Omstandigheden om ons heen, gedrag van mensen en de welvaart van een land zijn allemaal afhankelijk van het gebruik van geld. (Bahāre Sharīʿat, j. 16, Bāb al‑Buyūʿ)

Hieronder volgen enkele voorbeelden van grondstoffen die als valuta kunnen worden gebruikt: goud (als gouden dinar), zilver (als zilveren dirham), dadels, tarwe, gerst en zout. De genoemde zes items zijn afgeleid van een ḥadith, dat wil zeggen goud, zilver, dadels, tarwe, gerst en zout, en werden gebruikt als geld in het ruilsysteem. (Ṣaḥīḥ Muslim, Kitāb al‑Musāqāh, ḥadith 1587)

Allāh Ta’ālā openbaart:

“O, gij die gelooft, laat uw rijkdommen en uw kinderen u niet afleiden van de gedachtenis aan Allāh. En wie dat doet behoort tot de verliezers.” Surah al Munāfiqun (de huichelaars), H63, vers 9

De bit is de kleinste eenheid van informatie, namelijk een symbool of signaal dat twee waarden kan aannemen: aan of uit, ja of nee, hoog of laag, geladen of niet‑geladen. Het binaire talstelsel stelt deze waarden voor met 1 en 0.

  1. De DNB is de toezichthouder en licentieverstrekker voor Bitcoin bedrijven in Nederland.
  2. Cryptodienstverleners moeten na de goedkeuring van de DNB in een speciaal register worden ingeschreven. Het eerste dienstverlenersbedrijf dat is gelukt om een vergunning te krijgen, is AMDAX.

Van bovenstaande kunnen wij dus afleiden dat Bitcoin onbetrouwbaar is. Cryptomunten worden veel in de onderwereld gebruikt om drugs en menselijke organen te verkopen. Deze activiteiten zijn volkomen harām in de islam.

Het gaat bij het aanbieden van cryptodiensten om twee soorten diensten. Een aanbieder van cryptodiensten kan geld zoals euro’s en dollars wisselen voor virtuele valuta’s zoals Bitcoin enzovoort. Ook kan een aanbieder van cryptodiensten klanten een bewaarportemonnee aanbieden voor het opslaan van zulke virtuele valuta’s.

Pas als een dienstverlener door de DNB is goedgekeurd, kan zo’n bedrijf handelen in Bitcoin. Dit wil dus zeggen dat er ook criminelen zijn die handelen in Bitcoin. Aanbieders van cryptodiensten die in of vanuit Nederland actief willen worden, moeten een inschrijving in het openbaar register van DNB aanvragen. Daarvoor moeten zij kunnen aantonen dat zij voldoen aan de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en de Sanctiewet 1977. DNB houdt bij geregistreerde aanbieders van cryptodiensten uitsluitend toezicht op deze twee wetten. De geregistreerde ondernemingen staan niet onder prudentieel toezicht van DNB of onder gedragstoezicht van de AFM. Dit betekent dat er geen toezicht wordt gehouden op financiële bedrijfsrisico’s en er geen sprake is van specifieke financiële consumentenbescherming.

Wij zien dus dat ook in het Westen illegaliteit niet wordt getolereerd.

Overgeleverd van Abū Saʿīd al‑Khudri raḍiyAllāhu ʿanhu dat de Profeet Mohammed ﷺ twee soorten zakelijke transacties verbood en twee manieren van kleden. De twee soorten zakelijke transacties zijn mulāmasah en munābadhah. (Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 2144; Ṣaḥīḥ Muslim, Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 1511)

Mulāmasah: is een vorm van verkoop (bayʿ) die vooral populair was in de dagen van de vroege islam en pre‑islam, waarbij de koper of de verkoper een stuk gevouwen doek gebruikte om een verkooptransactie uit te voeren, door dat doek aan te raken als teken van het afronden van de verkoop, zonder het ooit te zien. Een dergelijke daad van aanraken gaf aanleiding tot de bijnaam mulāmasah. Bayʿ al‑mulāmasah is ontoelaatbaar door de Sharīʿah vanwege de hoeveelheid gharār (onzekerheid, gevaar, kans of risico) die daarmee gepaard gaat: de verkoop wordt voltooid zonder dat het onderliggende object door de koper wordt gezien. Bayʿ al‑mulāmasah staat bekend als aanraakverkoop. (Radd al‑Muḥtār, Kitāb al‑Buyūʿ; Mukhtaṣar Qudūrī, Bāb al‑Buyūʿ)

Munābadhah: een koopcontract dat heerste in de dagen van de Profeet Mohammed ﷺ waarin de verkoper of de koper een stuk stof naar de ander gooide en deze daad van gooien de deal afsloot. (Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 2144)

  1. Bitcoin is (meestal) halāl, zeggen geleerden; volgens de islamitische wet zijn er een aantal criteria waaraan individuen zich moeten houden om ervoor te zorgen dat hun investering of andere inkomsten als halāl worden beschouwd.
  2. Ten eerste worden inkomsten verkregen door onethische of uitbuitende middelen zoals omkoping, afpersing en winstbejag als harām beschouwd. (Qur’ān 2:188; Iḥyāʾ ʿUloom ud‑Dīn, Kitāb Ādāb al‑Kasb)

Meestal wil zeggen dat er ook harām zaken mee worden gedreven. De Sharīʿah verbiedt om deel te nemen aan twijfelzaken, omdat voor twijfel geen ruimte is in de islam. Op dit punt alleen al is Bitcoin harām. (Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Kitāb al‑Īmān, ḥadith 52: “Laat wat twijfelachtig is.”)

Een paar Certified Professional in Sharīʿah‑studenten aan de Raza Sharīʿah & Sufi School hadden mij (Tangali) zeven jaar geleden uitgenodigd in Holiday Inn in Zuidoost voor een bijeenkomst met ulema uit Engeland die handelen in Bitcoin. Ik heb meteen gezegd dat Bitcoin harām is omdat het nergens is.

  • Bij twijfel is al het moderne geld niet halāl. De Sharīʿah verbiedt deelname aan twijfelzaken (shubuhāt). → Onderbouwd door de bekende ḥadith: “Laat wat twijfelachtig is.” (Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Kitāb al‑Īmān, ḥadith 52)
  • Daar Bitcoin niet door de Nederlandse autoriteiten zoals DNB of AFM wordt gecontroleerd, maakt dit Bitcoin harām. Het ontbreken van toezicht en regulering valt onder gharār en ḍarar, beide verboden. Hanafi‑fiqh: valuta moet qīmah of thaman zijn, met stabiele waarde en erkende autoriteit. (Radd al‑Muḥtār, Kitāb al‑Ṣarf)
  • In de Sharīʿah is er geen geldige reden om Bitcoin of andere crypto als valuta te accepteren. Het is slechts een denkbeeldig getal dat wordt gegenereerd door een complex wiskundig proces. (Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Kitāb al‑Īmān, ḥadith 52; Radd al‑Muḥtār, Kitāb al‑Ṣarf; Fatāwā Razviyya, j. 18)
  • Crypto heeft geen intrinsieke waarde (qīmah) en geen wettelijke status als thaman. → Aḥmad Raza Khan raḍiyAllāhu ʿanhu behandelt vergelijkbare kwesties in moderne valuta. (Fatāwā Razviyya, j. 18)

Een moslim kan de aandelen van een naamloze vennootschap verwerven met de volgende voorwaarden. De hoofdactiviteit van het bedrijf moet halāl (toegestaan) zijn volgens de Sharīʿah. Een moslim kan dus niet investeren in een bedrijf waarvan de hoofdactiviteit harām of twijfelachtig is, zoals de traditionele banken, verzekeringsmaatschappijen, bedrijven die handelen in wijnen, wapens enzovoort. (Mukhtaṣar Qudūrī, Bāb al‑Buyūʿ)

Als het hoofdbedrijf halāl is, maar het is betrokken bij het lenen van geld op rente of het plaatsen van zijn geld op een rentedragende rekening, moet een islamitische aandeelhouder zijn stem verheffen tegen deze praktijk in de jaarlijkse algemene vergadering van het bedrijf, of — als dat niet mogelijk is — door het bedrijf te schrijven om zijn bezwaar kenbaar te maken. (Fatāwā Razviyya, j. 18)

Wanneer een islamitische aandeelhouder een dividend ontvangt, moet hij zich ervan vergewissen welk deel van de winst van de vennootschap is ontstaan op haar rentedragende rekeningen. Dan moet een soortgelijk deel uit zijn eigen dividend door hem worden gegeven aan een persoon of personen die recht hebben op zakāt. (Radd al‑Muḥtār, Kitāb al‑Zakāt)

Algemeen verbod in muʿāmalāt.

  1. Alle economische activiteiten zijn wettelijk toegestaan, zolang deze activiteiten geen van de principes van de Sharīʿah overtreden.
  2. In lijn met deze stelregel is de unanieme mening van alle vier de grote islamitische Sharīʿah‑canonieke scholen (Hanafī, Mālikī, Shāfiʿī en Hanbalī) dat alle vormen van zakelijke transacties die op z’n minst één van de principes van de Sharīʿah overtreden, ongeldig worden beschouwd. (Mukhtaṣar Qudūrī, Bāb al‑Buyūʿ; Radd al‑Muḥtār, Kitāb al‑Buyūʿ; ʿĀlamgīrī, Kitāb al‑Buyūʿ)

De mens leeft en gedijt door sociale en contractuele behoeften. Zijn behoeften zijn zo talrijk en multidimensionaal dat hij alleen niet al zijn behoeften en verlangens kan vervullen. Hij heeft iemand nodig om hem te helpen, zoals hij zelf anderen helpt om hun doel en doelen te bereiken. (Iḥyāʾ ʿUloom ud‑Dīn, Kitāb Ādāb al‑Muʿāmalāt)

Het scheppingsschema van Allāh Ta’ālā heeft dit primaire doel in het oog dat menselijke wezens worden geboren met onderscheidend vermogen, dat door onderlinge samenwerking het heilige object van levensonderhoud en ontwikkeling van menselijke vooruitgang op aarde van stadium naar stadium beweegt zonder te laten en te hinderen. De schepseldrang in de een bevredigt de vervulling van materiële behoeften van een ander. Dit betekent met andere woorden dat de eeuwige verschijnselen van “vraag en aanbod” de kern vormen van de menselijke vooruitgang in deze wereld. (Bahāre Sharīʿat, j. 16, Bāb al‑Buyūʿ)

Iemand heeft zijn interesse gericht op handel en zaken, iemand is geneigd om zijn intelligentie en arbeid in de landbouw te gebruiken, terwijl sommige anderen, meer capabel en met kwaliteiten, hun verbetering en welvaart zoeken in de politiek of in militaire beroepen. Dit immer bewegende fenomeen van “geven en nemen”, “vraag en aanbod”, blijft op de een of andere manier mogelijk. Een van de kanalen van menselijke wil en hun bevrediging is de meest voorkomende praktijk van kopen en verkopen, die vanwege het steeds stijgende niveau van transacties steeds complexer is geworden en in aantal en aard is uitgebreid. (Mukhtaṣar Qudūrī, Bāb al‑Buyūʿ)

Het is overgeleverd door Hazrat Qāsim bin Mughirah raḍiyAllāhu ʿanhu dat de Profeet Mohammed ﷺ zei: “Als iemand rijkdom vergaart met oneerlijke middelen en er liefdadigheid uit geeft, of het uitgeeft op het Pad van Allāh, het besteedt aan zijn familieleden of de vrijheid van een slaaf ermee koopt, dan zal hij in plaats van daarvoor een beloning te krijgen lijden en hij zal naar de Hel worden gestuurd.” (Sunan Abī Dāwūd, Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 4940)

Hazrat Abū Huraira raḍiyAllāhu ʿanhu vertelde dat de Profeet Mohammed ﷺ zei: “Er zal een tijd komen waarin mensen zich niet gaan bekommeren om het gerechtvaardigde en het verbodene.” (Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 2083)

Hazrat Abū Huraira raḍiyAllāhu ʿanhu vertelde dat de Profeet Mohammed ﷺ zei: “Degene die fraudeert, is niet van ons.” (Ṣaḥīḥ Muslim, Kitāb al‑Īmān, ḥadith 102)

Hazrat Ibn ʿUmar raḍiyAllāhu ʿanhu vertelde dat de Profeet Mohammed ﷺ zei: “Degene die illegaal geld heeft verdiend en het ook op illegale wijze spendeert, zal door Allāh worden gezet in een huis van vernedering.” (Sunan al‑Bayhaqī, Shuʿab al‑Īmān)

Hazrat Jābir raḍiyAllāhu ʿanhu vertelde dat de Profeet Mohammed ﷺ tegen Hazrat Kaʿb bin ʿUjrah raḍiyAllāhu ʿanhu zei: “Het vlees en de huid die zijn gegroeid uit illegaal inkomen zullen het Paradijs niet binnengaan.” (Tabrānī al‑Kabīr; Jāmiʿ al‑Tirmidhī, Kitāb al‑Birr, ḥadith 614; al‑Bazār)

  • Heilige Qur’ān. (z.j.). Zonder uitgever.
  • Al‑Qurṭubī, M. ibn A. (z.j.). Al‑Jāmiʿ li‑Aḥkām al‑Qur’ān. (Tafsīr onder 9:34).

Ḥadith‑collecties

Al‑Bukhārī, M. ibn I. (z.j.). Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī. Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 2085, 2144. Muslim, I. al‑Ḥajjāj. (z.j.). Ṣaḥīḥ Muslim. Kitāb al‑Musāqāh, ḥadith 1587; Kitāb al‑Īmān, ḥadith 102. Abū Dāwūd, S. ibn al‑Ashʿath. (z.j.). Sunan Abī Dāwūd. Kitāb al‑Buyūʿ, ḥadith 4940. Al‑Bayhaqī, A. ibn al‑Ḥusayn. (z.j.). Shuʿab al‑Īmān. Al‑Tirmidhī, M. ibn ʿĪsā. (z.j.). Jāmiʿ al‑Tirmidhī. Kitāb al‑Birr, ḥadith 614. Al‑Tabrānī, S. ibn A. (z.j.). Al‑Muʿjam al‑Kabīr. Al‑Bazār, A. Bakr. (z.j.). Musnad al‑Bazār.

Fiqh‑werken (Hanafi en andere canonieke scholen)

Ibn ʿĀbidīn, M. Amīn. (z.j.). Radd al‑Muḥtār ʿalā al‑Durr al‑Muḥtār. Kitāb al‑Buyūʿ; Kitāb al‑Ṣarf; Kitāb al‑Zakāt. Al‑Ḥaṣkafī, ʿA. (z.j.). Durr al‑Muḥtār. Kitāb al‑Buyūʿ. Qudūrī, A. ibn M. (z.j.). Mukhtaṣar al‑Qudūrī. Bāb al‑Buyūʿ. Al‑Hindī, ʿAlāʾ al‑Dīn. (z.j.). Al‑Fatāwā al‑ʿĀlamgīriyyah. Kitāb al‑Ṣarf; Kitāb al‑Buyūʿ.

Fatwa‑literatuur

Aḥmad Raza Khan. (z.j.). Fatāwā Razviyya. Deel 18. Maktaba tul Madina, Karachi.

Klassieke ethiek & muʿāmalāt‑literatuur

Al‑Ghazālī, A. Ḥ. (z.j.). Iḥyāʾ ʿUlūm al‑Dīn. Kitāb Ādāb al‑Kasb; Kitāb Ādāb al‑Muʿāmalāt.

Hedendaagse fiqh‑samenvattingen

Amjad ʿAlī Aʿẓamī. (z.j.). Bahāre Sharīʿat. Deel 16, Bāb al‑Buyūʿ.


Translate »
fout: Content is protected !!