<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Ramadān al-Mubārak &#8211; Stichting NIRI</title>
	<atom:link href="https://tangali.net/category/ramadan-al-mubarak/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://tangali.net</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Sat, 21 Feb 2026 05:45:58 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=7.0.1</generator>

<image>
	<url>https://tangali.net/wp-content/uploads/2024/05/cropped-Niri-5-32x32.jpg</url>
	<title>Ramadān al-Mubārak &#8211; Stichting NIRI</title>
	<link>https://tangali.net</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
	<item>
		<title>Wat het vasten níet verbreekt</title>
		<link>https://tangali.net/wat-het-vasten-niet-verbreekt/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 21 Feb 2026 05:40:48 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=6610</guid>

					<description><![CDATA[Inleiding In Ramaḍān‑i sharīf, of tijdens een qaḍāʾ‑vasten, of een kaffārah‑vasten, of tijdens een gelofte‑vasten of vrijwillig (nafl) vasten, als men vergeet dat men vast en men eet, drinkt of seksuele gemeenschap heeft, of als men een nachtelijke zaadlozing krijgt tijdens de slaap, of als men wakker zijnde onvrijwillig zaad uitstoot door slechts te kijken [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-60184573349d9ff5204bc4430ee40c96">Inleiding</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In Ramaḍān‑i sharīf, of tijdens een qaḍāʾ‑vasten, of een kaffārah‑vasten, of tijdens een gelofte‑vasten of vrijwillig (nafl) vasten, als men vergeet dat men vast en men eet, drinkt of seksuele gemeenschap heeft, of als men een nachtelijke zaadlozing krijgt tijdens de slaap, of als men wakker zijnde onvrijwillig zaad uitstoot door slechts te kijken [naar iets prikkelends], of als men jodiumtinctuur, een zalf of kohl aanbrengt [zelfs als de kleur of geur ervan in het speeksel of de urine wordt waargenomen], of als men lustvol kust, roddelt (ghībah), hijāma (cupping) toepast, een mondvol onvrijwillig braakt of een kleine hoeveelheid vrijwillig braakt, of als water in het oor komt, of stof, rook of een vlieg onvrijwillig via mond of neus in de keel terechtkomt, [of als men kunstmatige lucht krijgt via een zuurstofslang, of als men niet kan voorkomen dat de rook van andermans sigaretten in de mond of neus komt], of als men na het spoelen van de mond de achtergebleven natheid samen met het speeksel doorslikt, of als men medicatie in het oog of in een tandholte aanbrengt, zelfs als men de smaak ervan in de keel voelt; in al deze gevallen wordt het vasten niet verbroken.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-fb99211ff651204c1a5f854422ce570e">Handelingen en voorzichtigheden</h5>



<p class="wp-block-paragraph">De auteur van <strong>Ba</strong><strong>ḥ</strong><strong>r al</strong><strong>‑</strong><strong>R</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong>iq</strong> zegt: ‘In sommige gevallen wordt de mond beschouwd als een inwendig deel van het lichaam. Daarom wordt het vasten niet verbroken wanneer een vastende zijn eigen speeksel doorslikt. Dit is vergelijkbaar met het passeren van onreinheden van de maag naar de darmen. Bloed dat in de mond verschijnt door een wond, door het trekken van een tand, op de plaats van een injectie, of bloed dat vanuit de maag in de mond komt, verbreekt noch het vasten noch de wudu. Wanneer men dit bloed uitspuugt of doorslikt, en het speeksel meer is dan het bloed — dat wil zeggen wanneer de kleur geelachtig is — worden beide nog steeds niet verbroken. Hetzelfde geldt voor andere substanties die vanuit de maag in de mond komen: in dat geval wordt noch de wudu noch het vasten verbroken. Als een mondvol (in de mond komt en) naar buiten komt, worden beide verbroken. De binnenkant van de mond wordt soms beschouwd als een uitwendig deel van het lichaam. Het vasten wordt niet verbroken wanneer men water in de mond neemt.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hetzelfde wordt vermeld in <strong>Jawharat al</strong><strong>‑</strong><strong>Nayyira</strong>. Hieruit blijkt dat wanneer een tand wordt getrokken en er veel bloed vloeit, het vasten niet wordt verbroken zolang men het bloed uitspuugt. Wanneer men niet vast, wordt de wudu niet verbroken wanneer men het doorslikt. In beide gevallen worden noch het vasten noch de wudu verbroken wanneer het bloed minder is dan de hoeveelheid speeksel.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In <strong>Fatāwā Hindiyyah</strong> staat: ‘Het toedienen van een klysma (klysma/enema) of het druppelen van medicatie in de gehoorgang verbreekt het vasten, maar maakt geen kaffārah verplicht. Het inbrengen van water of olie in de penis verbreekt het vasten niet, zelfs niet wanneer de vloeistof de blaas bereikt. Het inbrengen van vloeistof in het vrouwelijke geslachtsdeel verbreekt echter wél het vasten van een vrouw. Het inbrengen van een natte of met zalf ingesmeerde vinger in de anus of de vagina verbreekt het vasten. Een droge vinger (in anus of vagina ingebracht) verbreekt het vasten niet. Water dat onbedoeld in de anus terechtkomt tijdens het reinigen na de ontlasting verbreekt het vasten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Handelingen die onze Profeet Mohammed ﷺ afkeurde, naliet of waarvan Hij anderen weerhield, worden makrūh genoemd. Deze handelingen zijn niet uitdrukkelijk verboden in de Qurʾān al‑Karīm. Echter, de Boodschapper van Allāh ﷺ vermeed sommige van deze handelingen strikter dan andere. De geleerden van Ahl al‑Sunnah (moge Allāh Ta’ālā deze grote persoonlijkheden rijkelijk belonen) hebben deze strengere categorie onderscheiden en deze handelingen ‘<strong>makr</strong><strong>ū</strong><strong>h ta</strong><strong>ḥ</strong><strong>rīmī’</strong> genoemd, vanwege het gevaar dat zij dicht bij ḥarām komen. De overige makrūh‑handelingen noemden zij ‘makrūh tanzīhī’.] Het aanbrengen van <em>kajal</em> (kool op de ogen) of cosmetica op de snor, het ruiken aan bloemen, muskus of lotions verbreekt het vasten niet; noch zijn deze handelingen makrūh. Zaken zoals kohl (op de ogen) en cosmetica (op de snor) zijn wél makrūh wanneer zij worden gebruikt ter verfraaiing; hetzelfde geldt voor bloemen die aan de kraag zijn bevestigd of in de hand worden gedragen. Het ruiken van stoffige of rokerige zaken, of het kauwen op kunstmatige kauwgom, verbreekt het vasten. Het gebruik van de miswāk, hijāma (cupping) of aderlaten is niet makrūh.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is <strong>musta</strong><strong>ḥ</strong><strong>abb</strong> om de suḥūr laat te nuttigen en om zich te haasten met de Iftār. Ibn ʿĀbidīn zegt: ‘Deze aanbeveling is bedoeld om te voorkomen dat de Iftār wordt uitgesteld tot het moment dat de sterren zichtbaar worden. Bij bewolkt weer dient men, zelfs als de adhān is uitgeroepen en het kanon is afgevuurd, niet te verbreken totdat men zeker weet dat de zon is ondergegaan.’ In de 187e āyah van Surah al‑Baqarah wordt bevolen dat het vasten begint zodra al‑fajr al‑ṣādiq aanbreekt. Dit is een bevel van Allah en kan niet worden veranderd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Allāh Ta’ālā openbaart</p>



<p class="has-text-align-right has-text-color has-link-color has-large-font-size wp-elements-a8da76f69cfa90df55dcf42df24069ab wp-block-paragraph" style="color:#05f707">&nbsp;أُحِلَّ لَكُمْ لَيْلَةَ ٱلصِّيَامِ ٱلرَّفَثُ إِلَىٰ نِسَآئِكُمْ هُنَّ لِبَاسٌ لَّكُمْ وَأَنْتُمْ لِبَاسٌ لَّهُنَّ عَلِمَ ٱللَّهُ أَنَّكُمْ كُنتُمْ تَخْتانُونَ أَنْفُسَكُمْ فَتَابَ عَلَيْكُمْ وَعَفَا عَنْكُمْ فَٱلآنَ بَٰشِرُوهُنَّ وَٱبْتَغُواْ مَا كَتَبَ ٱللَّهُ لَكُمْ وَكُلُواْ وَٱشْرَبُواْ حَتَّىٰ يَتَبَيَّنَ لَكُمُ ٱلْخَيْطُ ٱلأَبْيَضُ مِنَ ٱلْخَيْطِ ٱلأَسْوَدِ مِنَ ٱلْفَجْرِ ثُمَّ أَتِمُّواْ ٱلصِّيَامَ إِلَى ٱلَّليْلِ وَلاَ تُبَٰشِرُوهُنَّ وَأَنْتُمْ عَٰكِفُونَ فِي ٱلْمَسَٰجِدِ تِلْكَ حُدُودُ ٱللَّهِ فَلاَ تَقْرَبُوهَا كَذٰلِكَ يُبَيِّنُ ٱللَّهُ ءَايَٰتِهِ لِلنَّاسِ لَعَلَّهُمْ يَتَّقُونَ</p>



<p class="wp-block-paragraph">“Het is je veroorloofd, om op de nacht van het vasten tot uw vrouwen in te gaan. Zij zijn een gewaad voor u en jij bent haar een gewaad. Allāh weet, dat je onrechtvaardig hebt gehandeld tegenover jezelf en heeft Zich met barmhartigheid tot jou gewend en je verlichting geschonken. Daarom mag je nu tot haar ingaan en betrachten, hetgeen Allāh je heeft verordend; en eet en drinkt, totdat bij de dageraad de witte draad zich onderscheidt van de zwarte draad. Voltooit dan het vasten tot het vallen van de avond. En verbreng je tijd niet met uw vrouwen wanneer je in de Moskeeën houdt. Dit zijn de beperkingen van Allāh &#8211; dus nadert deze niet. Zo zet Allāh zijn geboden uiteen voor de mensen, opdat zij vroom zullen zijn.” (Qur’ān 2:187)</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een zieke persoon vast niet wanneer zijn ziekte daardoor zal verergeren; een zwangere vrouw, een vrouw die borstvoeding geeft en een soldaat in oorlogstoestand vasten niet wanneer zij verzwakt zijn. Zij verrichten qaḍāʾ van het vasten zodra zij herstellen. Een arbeider die weet dat hij ziek zal worden door te werken voor zijn levensonderhoud, mag zijn vasten niet verbreken vóórdat hij daadwerkelijk ziek wordt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een persoon die op reis gaat met de intentie om een afstand van drie dagreizen (104 kilometer, sommige ) af te leggen, wordt een musāfir. De musāfir mag de volgende dag zijn vasten verbreken en verricht qaḍāʾ na Ramaḍān; toch is het beter dat hij vast wanneer dit hem geen schade berokkent. Voor het verbreken van het vasten tijdens de reis of op plaatsen waar men van plan is minder dan vijftien dagen te verblijven, is geen kaffārah vereist. Wanneer zijn reis eindigt en hij terugkeert naar huis, of wanneer hij besluit vijftien dagen op de plaats van bestemming te blijven, verricht hij qaḍāʾ voor de dagen waarop hij niet heeft gevast.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>In de klassieke </em><em>Ḥ</em><em>anafī</em><em>‑</em><em>fiqh wordt iemand als mus</em><em>ā</em><em>fir beschouwd wanneer hij met de intentie vertrekt om een afstand van drie dagreizen af te leggen. Deze drie dagreizen worden in de bronnen uitgedrukt als achtenveertig Shar</em><em>ʿ</em><em>ī</em><em>‑</em><em>mijlen. Een Shar</em><em>ʿ</em><em>ī</em><em>‑</em><em>mijl is echter geen moderne mijl: zij is gebaseerd op de traditionele maat van vierduizend dhir</em><em>ā</em><em>ʿ</em><em>, waarbij </em><em>éé</em><em>n dhir</em><em>ā</em><em>ʿ</em><em> ongeveer tussen de achtenveertig en vierenvijftig centimeter ligt. Daardoor komt </em><em>éé</em><em>n Shar</em><em>ʿ</em><em>ī</em><em>‑</em><em>mijl uit op ongeveer 1,92 tot 2,16 kilometer. Wanneer men deze maat vermenigvuldigt met achtenveertig, ontstaat een afstand die varieert tussen ongeveer tweeënnegentig en honderdvier kilometer. Veel Ottomaanse en Indo</em><em>‑</em><em>Subcontinent</em><em>‑</em><em>geleerden kozen voor de hogere waarde als voorzorg (i</em><em>ḥ</em><em>tiyā</em><em>ṭ</em><em>), zodat men nooit ten onrechte als niet</em><em>‑</em><em>reiziger wordt beschouwd. Daarom wordt in de meeste </em><em>Ḥ</em><em>anafī</em><em>‑</em><em>werken </em><em>—</em><em> zoals Fat</em><em>ā</em><em>w</em><em>ā</em><em> al</em><em>‑</em><em>Hindiyyah, Radd al</em><em>‑</em><em>Mu</em><em>ḥ</em><em>tār en Ba</em><em>ḥ</em><em>r al</em><em>‑</em><em>R</em><em>ā</em><em>ʾ</em><em>iq </em><em>—</em><em> de afstand van ongeveer 104 kilometer aangehouden als praktische grens voor het vaststellen van de status van mus</em><em>ā</em><em>fir. Zodra iemand met deze intentie zijn woonplaats verlaat, gelden de regels van </em><em>Ṣ</em><em>afar.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Mensen die niet ziek zijn en geen musāfir zijn, moeten vasten, zelfs wanneer zij arbeiders, soldaten of studenten zijn. Indien zij niet vasten, begaan zij een zware zonde. Zij moeten het vasten met qaḍāʾ inhalen. Als zij het vasten verbreken nadat zij niyyāh hebben gemaakt, moeten zij bovendien kaffārah verrichten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De auteur van <strong>Behjat al</strong><strong>‑</strong><strong>Fat</strong><strong>ā</strong><strong>w</strong><strong>ā</strong> zegt: ‘Wanneer Ramaḍān‑i sharīf samenvalt met een van de zomermaanden, kan een leugenaar zich voordoen als een religieus persoon en jongeren, studenten en arbeiders weerhouden van het vasten door te zeggen: “Het is toegestaan voor jullie om geen niyyāh te maken en nu niet te vasten; jullie kunnen qaḍāʾ verrichten wanneer de dagen in de winter korter zijn. Als jullie eten en drinken zonder niyyāh te maken in Ramaḍān, is kaffārah niet verplicht.” Hij zal zwaar gestraft worden. Hij zal worden verhinderd om zulke uitspraken te doen.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">“Ibn ʿĀbidīn zegt: ‘Wanneer een zieke persoon ernstige vrees heeft dat zijn ziekte zal verergeren, of dat zijn herstel zal vertragen, of dat hij hevige pijn zal krijgen, of wanneer een ziekenverzorger vreest dat hijzelf ziek zal worden (als hij vast) en daardoor zijn patiënten in <em>halāk</em> zal brengen, dan vasten deze personen niet en verrichten zij later qaḍāʾ.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wanneer een gezond persoon sterk gelooft dat hij ziek zal worden, of wanneer een ambtenaar die zware lichamelijke arbeid verricht onder moeilijke omstandigheden — zoals het reinigen van een rivier — vreest ernstig ziek te worden door extreme hitte of kou, wat <em>halāk</em> veroorzaakt, of wanneer een vrouw [die voor haar eigen levensonderhoud werkt, alleen woont en geen financiële steun ontvangt] sterk gelooft dat zij ziek zal worden als zij vast terwijl zij zware fysieke arbeid verricht, zoals wassen of huishoudelijk werk — wat eveneens een oorzaak van <em>halāk</em> is — dan is het toegestaan om niet te vasten of het vasten dat men heeft bedoeld te verbreken, en hiervoor qaḍāʾ te verrichten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een ‘sterk geloof’ betekent dat men tekenen van levensgevaar waarneemt op basis van eigen ervaring, of op basis van de informatie van een deskundige moslimarts (<em>ṭ</em><em>abīb muslim </em><em>ḥ</em><em>ādhīq</em>). ‘Deskundig’ (<em>ḥ</em><em>ādhīq</em>) betekent: specialist in een bepaald medisch vakgebied. Het is toegestaan onderzocht en behandeld te worden door een arts die bekendstaat als een kāfir (ongelovige) of als iemand die zware zonden begaat; maar daden van aanbidding mogen niet worden opgegeven op basis van hun advies. Het verbreken van het vasten op basis van hun advies brengt kaffārah met zich mee.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">De auteur zegt onder het hoofdstuk <em>Ikrāh</em> (dwang) dat het verliezen van een orgaan of ledemaat, het verliezen van al zijn bezit, een gewelddadige of martelende gevangenschap, en mishandeling — dit alles behoort tot de oorzaken van <em>halāk</em>.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In het boek <strong>ʿ</strong><strong>Imād al‑Islām</strong> staat: ‘Wanneer men geen deskundige moslimarts kan vinden en men geen eigen ervaring heeft, dient men eerst een klein opgerold stukje papier of een ongekookte rijstkorrel zonder water door te slikken, daarna wat voedsel te eten, en vervolgens de medicatie in te nemen. Deze procedure bevrijdt iemand van de verplichting tot kaffārah.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">In <strong>Ba</strong><strong>ḥ</strong><strong>r al‑Rā</strong><strong>ʾ</strong><strong>iq</strong> staat: ‘Een persoon die door een giftig dier wordt gebeten, verbreekt het vasten om een tegengif in te nemen en verricht na Ramaḍān qaḍāʾ.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ibn ʿĀbidīn zegt aan het einde van zijn verhandeling over de handelingen die het vasten verbreken: ‘Een persoon die een middel van bestaan nodig heeft en gelooft dat hij mogelijk ziek zal worden als hij werkt, verbreekt het vasten. Als hij echter een werknemer is met een contract en zijn werkgever hem geen verlof geeft in Ramaḍān, en hij en zijn gezin beschikken over levensonderhoud, dan verbreekt hij het vasten niet. Want voor zo iemand is bedelen ḥarām. Als hij niet beschikt over levensonderhoud voor zichzelf en zijn gezin, dan is het noodzakelijk dat hij een lichtere baan zoekt die niet wordt belemmerd door het vasten. Als hij geen lichtere baan kan vinden, is het toegestaan het vasten te verbreken en door te werken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Evenzo, wanneer het vasten in Ramaḍān schadelijk is voor iemand die het gewas maait — bijvoorbeeld wanneer hij het gewas niet kan maaien en het gewas daardoor verloren gaat of gestolen wordt — [of wanneer het zeker is dat een gebouw zal instorten door regen als de bouw niet op tijd wordt voltooid], en wanneer het onmogelijk is iemand te vinden die het werk tegen betaling kan doen, dan is het toegestaan het vasten te verbreken en het werk te verrichten. Na het voltooien van het werk vast hij en verricht hij na Ramaḍān qaḍāʾ voor de dagen waarop hij niet heeft gevast. Dit is geen zonde.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Iedereen die zeker ziek zal worden of zal sterven door dorst wanneer hij doorgaat met vasten, mag het vasten verbreken en verricht qaḍāʾ. In dat geval is er geen kaffārah.’”</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-16cef82263b1e08f0b7eb2f5e52bc8dc">Besluit</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Uit de besproken klassieke Ḥanafī‑bronnen — waaronder <em>Ba</em><em>ḥ</em><em>r al‑Rā’iq</em>, <em>Radd al‑Mu</em><em>ḥ</em><em>tār</em>, <em>Fatāwā al‑Hindiyya</em>, <em>Jawharat al‑Nayyira</em>, <em>Behjat al‑Fatāwā</em> en <em>ʿ</em><em>Imād al‑Islām</em> — blijkt dat de Sharʿī‑regelgeving rond het verbreken van het vasten een fijnmazige en zorgvuldig afgebakende structuur kent. De geleerden maken een duidelijk onderscheid tussen handelingen die het vasten daadwerkelijk verbreken, handelingen die het vasten niet verbreken maar wel <em>makrūh</em> zijn, en handelingen die volledig toegestaan blijven. De consistentie tussen deze werken toont dat de Ḥanafī‑madhhab het principe van zekerheid (<em>yaqīn</em>) en het vermijden van twijfel (<em>i</em><em>ḥ</em><em>tiyā</em><em>ṭ</em>) centraal stelt: het vasten wordt slechts verbroken wanneer een externe substantie het lichaam binnendringt via een Sharʿī‑relevante opening op een wijze die door de wetgever als verbreking wordt aangemerkt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Tegelijkertijd erkennen de geleerden dat het vasten nooit bedoeld is om schade, ziekte of <em>halāk</em> te veroorzaken. Daarom wordt in alle bronnen benadrukt dat zieken, zwangere vrouwen, vrouwen die borstvoeding geven, reizigers en personen die door extreme omstandigheden ernstig ziek zouden worden, het vasten mogen uitstellen en later <em>qa</em><em>ḍ</em><em>ā</em><em>ʾ</em> verrichten. De verplichting tot <em>kaffāra</em> geldt uitsluitend wanneer men het vasten in Ramaḍān moedwillig verbreekt zonder geldige Sharʿī‑reden. De fiqh‑literatuur waarschuwt bovendien nadrukkelijk tegen misleiding: het ontmoedigen van gezonde mensen om in Ramaḍān te vasten, of het aanmoedigen om zonder geldige reden geen <em>niyya</em> te maken, wordt als een zware overtreding beschouwd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Samenvattend bevestigen de klassieke bronnen dat het vasten een daad van aanbidding is die bescherming, waardigheid en geestelijke discipline beoogt. De Sharīʿa biedt ruimte voor noodzakelijke uitzonderingen, maar staat geen willekeur of gemakzucht toe. Wie in staat is te vasten, moet vasten; wie niet in staat is, wordt door de wetgever beschermd. Deze balans tussen verplichting en barmhartigheid vormt de kern van de fiqh‑regels rond het verbreken van het vasten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Lees ook <a href="https://tangali.net/wat-het-vasten-verbreekt-mub%e1%b9%adilat-al-%e1%b9%a3awm/" data-type="post" data-id="6599">Wat het vasten verbreekt </a>>>></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-77c370aed5d754a0fd038f59b44a806e">Bronnen</h5>



<ul class="wp-block-list">
<li>Abū Bakr al‑Ḥaddād. (n.d.). <em>Jawharat al‑Nayyira</em>. Dār al‑Kutub al‑ʿIlmiyya.</li>



<li>al‑Hindī, N. (Ed.). (n.d.). <em>al‑Fatāwā al‑Hindiyya</em>. Dār al‑Kutub al‑ʿIlmiyya.</li>



<li>al‑Qāḍī, M. (n.d.). <em>Behjat al‑Fatāwā</em>. Dār al‑Kutub al‑ʿIlmiyya.</li>



<li>al‑Ḥalabī, I. (n.d.). <em>ʿ</em><em>Imād al‑Islām</em>. Dār al‑Kutub al‑ʿIlmiyya.<br>Ibn ʿĀbidīn, M. A. (n.d.). <em>Radd al‑Mu</em><em>ḥ</em><em>tār </em><em>ʿ</em><em>al</em><em>ā</em><em> al‑Durr al‑Mukht</em><em>ā</em><em>r</em>. Dār al‑Fikr.</li>



<li>Ibn Nujaym, Z. (n.d.). <em>Ba</em><em>ḥ</em><em>r al‑Rā’iq shar</em><em>ḥ</em><em> Kanz al‑Daqā’iq</em>. Dār al‑Kutub al‑ʿIlmiyya.</li>
</ul>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-niet-verbreekt%2F&amp;linkname=Wat%20het%20vasten%20n%C3%ADet%20verbreekt" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-niet-verbreekt%2F&amp;linkname=Wat%20het%20vasten%20n%C3%ADet%20verbreekt" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-niet-verbreekt%2F&amp;linkname=Wat%20het%20vasten%20n%C3%ADet%20verbreekt" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-niet-verbreekt%2F&#038;title=Wat%20het%20vasten%20n%C3%ADet%20verbreekt" data-a2a-url="https://tangali.net/wat-het-vasten-niet-verbreekt/" data-a2a-title="Wat het vasten níet verbreekt"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wat het vasten verbreekt (mubṭilāt al‑ṣawm)</title>
		<link>https://tangali.net/wat-het-vasten-verbreekt-mub%e1%b9%adilat-al-%e1%b9%a3awm/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 21 Feb 2026 04:57:46 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=6599</guid>

					<description><![CDATA[Wat het vasten verbreekt en wanneer qaḍāʾen kaffārah verplicht worden Inleiding In de maand Ramaḍān, wanneer men weet dat men vast en wanneer men vóór het aanbreken van fajr de niyyah heeft gemaakt, verbreekt het eten of drinken van iets voedzaams — dat wil zeggen het inbrengen van een voedende, medicinale, verdovende of bedwelmende substantie [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>Wat het vasten verbreekt en wanneer qaḍāʾen kaffārah verplicht worden</em></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-60184573349d9ff5204bc4430ee40c96">Inleiding</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In de maand Ramaḍān, wanneer men weet dat men vast en wanneer men vóór het aanbreken van fajr de niyyah heeft gemaakt, verbreekt het eten of drinken van iets voedzaams — dat wil zeggen het inbrengen van een voedende, medicinale, verdovende of bedwelmende substantie in de maag via de mond — het vasten en maakt zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht. Volgens deze definitie verbreekt roken het vasten en vereist het zowel qaḍāʾ als kaffārah. Op basis hiervan volgt de academisch geordende fiqh‑analyse:</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-6b66750af2d9077d44628534fae1ae64">Handelingen die het vasten verbreken én zowel qaḍāʾals kaffārah verplichten</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Deze categorie betreft opzettelijke overtredingen tijdens een geldige Ramaḍān‑dag, waarbij:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>de vastende weet dat hij vast,</li>



<li>een geldige niyyah vóór fajr heeft gemaakt,</li>



<li>en bewust een handeling verricht die het vasten verbreekt.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">1. Het opzettelijk eten of drinken van iets voedend of medicinaals: Dit omvat voedsel, drank, medicinale substanties, narcotische of bedwelmende middelen, alles wat via de mond in de maag komt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">2. Het opzettelijk roken: Roken verbreekt het vasten en maakt zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht. De rook bevat vaste en vloeibare deeltjes die via speeksel de maag bereiken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">3. Seksuele gemeenschap (vrijwillig of vrijwillig ondergaan). Elke vorm van seksuele gemeenschap verbreekt het vasten en vereist: qaḍāʾ en kaffārah.</p>



<p class="wp-block-paragraph">4. Bewust verder eten nadat men denkt dat het vasten al ongeldig was. Zelfs wanneer men ten onrechte denkt dat het vasten al verbroken was, geldt: Als iemand bewust iets eet omdat hij denkt dat zijn vasten al verbroken was, dan wordt zijn vasten dán daadwerkelijk verbroken en zijn zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-4aeb605a935ab75db960df9649a4d96d">Handelingen die het vasten verbreken en alleen qaḍāʾvereisen</h5>



<p class="wp-block-paragraph">1. Wanneer de niyyah vóór fajr niet is gemaakt. Als iemand geen niyyah vóór fajr heeft gemaakt en vóór <em>daʿwah</em> iets doet dat het vasten verbreekt: (1) volgens Imām Abū Yūsuf en Imām Muḥammad: qaḍāʾ + kaffārah en (2) volgens Imām al‑Aʿẓam Abū Ḥanīfah: alleen qaḍāʾ. Wanneer men een qaḍāʾ‑vasten, een gelofte‑vasten of een vrijwillig (nafl) vasten verbreekt, is er geen kaffārah verschuldigd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">2. Na <em>da</em><em>ʿ</em><em>wah</em> iets doen dat het vasten verbreekt. Na <em>da</em><em>ʿ</em><em>wah</em> (het midden van de Sharʿī dag): Als die persoon na de tijd van daʿwah eet of drinkt, is kaffārah volgens alle drie de imāms niet verplicht. Dus: alleen qaḍāʾ.</p>



<p class="wp-block-paragraph">3. Het verbreken van andere soorten vasten. Kaffārah geldt alleen voor een geldig Ramaḍān‑vasten. Daarom: (1) qaḍāʾ‑vasten, (2) kaffārah‑vasten, (3) nadhr‑vasten en (4) nafl‑vasten vereisen geen kaffārah wanneer ze worden verbroken. Wanneer men een qaḍāʾ‑vasten, een gelofte‑vasten of een vrijwillig (nafl) vasten verbreekt, is er geen kaffārah verschuldigd.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-a3b5e65cabe8f571b8ef136b478c3050">Wanneer wordt kaffārah verplicht? (Samenvatting in tabelvorm)</h5>



<p class="wp-block-paragraph">De straf van kaffārah is de genoegdoening voor het ontheiligen van de eer en waardigheid van de gezegende maand Ramaḍān.</p>



<figure class="wp-block-table"><table class="has-fixed-layout"><tbody><tr><td><strong>Categorie</strong></td><td><strong>Handeling</strong></td><td><strong>Breekt het vasten?</strong></td><td><strong>Qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong> verplicht?</strong></td><td><strong>Kaffārah verplicht?</strong></td><td><strong>Toelichting</strong></td></tr><tr><td><strong>1. Opzettelijkvoedsel‑ of drank-inname tijdens Rama</strong><strong>ḍ</strong><strong>ān</strong></td><td>Eten, drinken, medicinale of voedende substantie innemen</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Het eten of drinken van iets voedzaam verbreekt het vasten en maakt zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht.</td></tr><tr><td><strong>2. Roken</strong></td><td>Sigaretten, shisha, etc.</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Roken verbreekt het vasten en maakt zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht.</td></tr><tr><td><strong>3. Seksuele gemeen-schap</strong></td><td>Vrijwillig of vrijwillig ondergaan</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Het hebben van, of ertoe gebracht worden om seksuele gemeenschap te hebben, verbreekt het vasten en maakt zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht.</td></tr><tr><td><strong>4. Bewust verder eten nadat men denkt dat het vasten al ongeldig was</strong></td><td></td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Als iemand bewust iets eet omdat hij denkt dat zijn vasten al verbroken was… dan wordt het vasten op dat moment daadwerkelijk verbroken en zijn zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht.</td></tr><tr><td><strong>5. Geen niyyah vóór fajr, en vóór da</strong><strong>ʿ</strong><strong>wah iets doen dat het vasten verbreekt</strong></td><td>Handelingdie normaal het vasten verbreken</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td><em>Volgens twee imāms</em>: Ja. <em>Volgens Imām al‑A</em><em>ʿ</em><em>ẓ</em><em>am</em>: Nee.</td><td>Als een persoon vóór de tijd van daʿwah iets doet dat zijn vasten verbreekt, zijn zowel qaḍāʾ als kaffārah verplicht… maar volgens Imām al‑Aʿẓam is in dat geval alleen qaḍāʾ nood-zakelijk.</td></tr><tr><td><strong>6. Geen niyyah vóór fajr, maar ná da</strong><strong>ʿ</strong><strong>wah breken</strong></td><td>Eten, drinken, etc.</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Nee</td><td>Als die persoon na de tijd van daʿwah eet of drinkt, is kaffārah volgens alle drie de imāms niet verplicht.</td></tr><tr><td><strong>7. Breken van een qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong>, nadhr of nafl vasten</strong></td><td>Elke verbreking</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Nee</td><td>Wanneer men een qaḍāʾ vasten, een gelofte vasten of een vrijwillig (nafl) vasten verbreekt, is er geen kaffārah verschul-digd.</td></tr><tr><td><strong>8. Herhaling van een daad die eerder alleen qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong> vereiste</strong></td><td>Opzettelijk dezelfde daad op een andere dag</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Ja</td><td>Als een persoon… op een andere dag dezelfde handeling opnieuw opzettelijk verricht, dan is het voor hem eveneens verplicht om kaffārah te verrichten.</td></tr></tbody></table></figure>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-44f8df2dae219b395fddf9a59a8a60ac">Wanneer wordt géén kaffārah verplicht?</h5>



<ul class="wp-block-list">
<li>Als de vastende <strong>geen niyyah vóór fajr</strong> heeft gemaakt en pas <strong>na <em>da</em></strong><strong><em>ʿ</em></strong><strong><em>wah</em></strong> breekt vasten.</li>



<li>Als de vastende wordt <strong>gedwongen</strong> te breken.</li>



<li>Als de vastende breekt <strong>om een geldige Shar</strong><strong>ʿ</strong><strong>ī</strong><strong> reden</strong>.</li>



<li>Als het gaat om <strong>qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong>‑, nadhr‑ of nafl‑vasten</strong>.</li>



<li>Als de verbreking gebeurt door een handeling die <strong>alleen qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong> vereist</strong> (bijv. opzettelijk braken).</li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-2716879d6e382dab0e4713bad16146c5">Herhaling van een daad die eerst alleen qaḍāʾvereiste</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Als een persoon op één dag van Ramaḍān iets doet dat alleen qaḍāʾ vereist, en hij/zij verricht dezelfde handeling opzettelijk op een andere dag, dan is het voor hem/haar ook verplicht om kaffārah te verrichten. Dus op &#8230;</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Dag 1: handeling die <strong>alleen qaḍāʾ</strong> vereist. </li>



<li>Dag 2: dezelfde handeling <strong>opzettelijk</strong> herhalen. </li>



<li>Resultaat: <strong>qaḍāʾ+ kaffārah</strong>.</li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-af69f040b14c757d40aaa4c29ef2b76c">samenvatting</h5>



<ul class="wp-block-list">
<li><strong>Qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong> + Kaff</strong><strong>ā</strong><strong>rah</strong>: opzettelijk eten, drinken, roken, seksuele gemeenschap, of bewust verder eten na vermeende verbreking — mits een geldige niyyah vóór fajr.</li>
</ul>



<ul class="wp-block-list">
<li><strong>Alleen qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong>: geen niyyah vóór fajr, verbreking na <em>da</em><em>ʿ</em><em>wah</em>, of verbreking van qaḍāʾ‑, nadhr‑ of nafl‑vasten.</li>



<li><strong>Herhaling</strong>: een tweede opzettelijke verbreking maakt kaffārah verplicht.</li>
</ul>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-verbreekt-mub%25e1%25b9%25adilat-al-%25e1%25b9%25a3awm%2F&amp;linkname=Wat%20het%20vasten%20verbreekt%20%28mub%E1%B9%ADil%C4%81t%20al%E2%80%91%E1%B9%A3awm%29" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-verbreekt-mub%25e1%25b9%25adilat-al-%25e1%25b9%25a3awm%2F&amp;linkname=Wat%20het%20vasten%20verbreekt%20%28mub%E1%B9%ADil%C4%81t%20al%E2%80%91%E1%B9%A3awm%29" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-verbreekt-mub%25e1%25b9%25adilat-al-%25e1%25b9%25a3awm%2F&amp;linkname=Wat%20het%20vasten%20verbreekt%20%28mub%E1%B9%ADil%C4%81t%20al%E2%80%91%E1%B9%A3awm%29" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fwat-het-vasten-verbreekt-mub%25e1%25b9%25adilat-al-%25e1%25b9%25a3awm%2F&#038;title=Wat%20het%20vasten%20verbreekt%20%28mub%E1%B9%ADil%C4%81t%20al%E2%80%91%E1%B9%A3awm%29" data-a2a-url="https://tangali.net/wat-het-vasten-verbreekt-mub%e1%b9%adilat-al-%e1%b9%a3awm/" data-a2a-title="Wat het vasten verbreekt (mubṭilāt al‑ṣawm)"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Een fiqh‑analytische verhandeling over het vasten in de maand Ramaḍān</title>
		<link>https://tangali.net/een-fiqh-analytische-verhandeling-over-het-vasten-in-de-maand-rama%e1%b8%8dan/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 21 Feb 2026 04:10:05 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=6592</guid>

					<description><![CDATA[Juridische grondslagen, praktische voorschriften en klassieke bronnen Inleiding Het vierde van de vijf principes van de Islam is om elke dag te vasten in de gezegende maand Ramaḍān. Het vasten werd farḍ op de tiende dag van de maand Shaʿbān, achttien maanden na de Hidjra, en een maand vóór de Ghazzah (Heilige Oorlog) van Badr. [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>Juridische grondslagen, praktische voorschriften en klassieke bronnen</em></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-60184573349d9ff5204bc4430ee40c96">Inleiding</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het vierde van de vijf principes van de Islam is om elke dag te vasten in de gezegende maand Ramaḍān. Het vasten werd farḍ op de tiende dag van de maand Shaʿbān, achttien maanden na de Hidjra, en een maand vóór de Ghazzah (Heilige Oorlog) van Badr. Ramaḍān betekent “verbranden”. De zonden van degenen die in deze maand vasten en Allāh Ta’ālā om vergeving smeken, zullen verbranden en verdwijnen.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-da9dcdc8036ff14b0fb9c46127982380">Overleveringen uit Ahadith</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In Riyāḍ-un-Nāṣiḥīn wordt vermeld dat Ḥazrat Abū Hurayrah (raḍiyAllāhu ʿanhu) in Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī heeft overgeleverd dat Rasūlullāh ﷺ heeft gezegd: “Wanneer de maand Ramaḍān aanbreekt, worden de poorten van het Paradijs geopend, de poorten van de Hel gesloten, en de Shayāṭīn worden geketend.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Imām al‑Aʾimmah Muhammad ibn Isḥāq ibn Huzayma rapporteert daarnaast dat Ḥazrat Salmān al‑Fārsī (raḍiyAllāhu ʿanhu) heeft overgeleverd dat Rasūlullāh ﷺ in zijn khuṭbah op de laatste dag van Shaʿbān het volgende verklaarde: “O gelovigen! Een verheven maand werpt zijn schaduw over jullie. Een maand waarin één nacht — de Lailat al‑Qadr — beter is dan duizend maanden. Allāh Ta’ālā heeft het dagelijkse vasten in deze maand verplicht gesteld (farḍ). Het verrichten van het tarāwīḥ‑gebed gedurende de nachten van deze maand is een bevestigde sunnah. Een kleine daad van liefdadigheid omwille van Allah in deze maand staat gelijk aan het verrichten van een farḍ in andere maanden. En het verrichten van een farḍ in deze maand staat gelijk aan het verrichten van zeventig farḍ in andere maanden.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Rasūlullāh ﷺ vervolgde: “Deze maand is de maand van ṣabr (geduld), en de beloning voor ṣabr is het Paradijs. Het is de maand van onderlinge verbondenheid en goede omgang. In deze maand wordt de levensvoorziening van de gelovigen vermeerderd. Wie in deze maand een vastende het Iftār aanbiedt, diens zonden worden vergeven en Allāh Ta’ālā bevrijdt hem van het Hellevuur. Hij ontvangt bovendien een gelijke beloning als de vastende, zonder dat dit iets afdoet aan de beloning van de vastende zelf.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">De Sahāba (raḍiyAllāhu ʿanhum) zeiden: “O Boodschapper van Allah, niet ieder van ons beschikt over de middelen om een vastende een volledige maaltijd aan te bieden.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Rasūlullāh ﷺ antwoordde: “De beloning geldt ook voor degene die slechts een dadel aanbiedt, of een beetje water om het vasten te verbreken, of een kleine hoeveelheid melk. Deze maand kent in haar eerste tien dagen Raḥmah (barmhartigheid), in de middelste tien dagen maghfirah (vergeving), en in de laatste tien dagen niyyāh (bevrijding) van het Hellevuur. Allāh Ta’ālā schenkt vergeving en bevrijding aan degenen die de taken van hun ondergeschikten — arbeiders, ambtenaren, studenten, soldaten — vergemakkelijken.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Vervolgens zei hij: “Verricht in deze maand vier zaken overvloedig. Twee daarvan worden door Allāh Ta’ālā bijzonder geliefd: het uitspreken van de Kalima al‑Shahādah en het verrichten van istighfār. De istighfār is een smeekbede voor vergeving, bescherming tegen rampspoed en aanvaarding van daden van aanbidding. Zij luidt: ‘Astaghfirullāh al‑‘ʿAẓīm al‑Karīm alladhî lā ilāha illā Anta, Huwal‑Hayyul‑Qayyûm, wa atûbu ilayh.’ De andere twee zijn: het vragen om het Paradijs en het zoeken van bescherming tegen de Hel. Wie in deze maand water geeft aan een vastende, zal op de Dag der Opstanding geen dorst kennen.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">In Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī wordt het volgende ḥadīth overgeleverd: “Wie het vasten in de maand Ramaḍān verricht in de overtuiging dat het een door Allāh Ta’ālā opgelegde verplichting (farḍ) is, en wie zijn beloning (thawāb) uitsluitend van Allāh Ta’ālā verwacht, diens voorgaande zonden worden vergeven.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze overlevering maakt duidelijk dat twee voorwaarden essentieel zijn:</p>



<ol start="1" class="wp-block-list">
<li>de overtuiging dat het vasten een goddelijke verplichting is, en</li>



<li>het verrichten van het vasten met oprechte verwachting van goddelijke beloning.</li>
</ol>



<p class="wp-block-paragraph">Daaruit volgt dat een gelovige zich dient te onthouden van klachten over de lengte van de dagen of de moeilijkheid van het vasten. Integendeel: het vasten onder moeilijke omstandigheden, te midden van mensen die niet vasten, behoort als een spirituele gunst en een verheven voorrecht te worden beschouwd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ḥāfiẓ ‘Abd al‑‘Azîm al‑Munzirî vermeldt in zijn werk al‑Targhīb wa’l‑Tarhîb, en Ḥāfiẓ Aḥmad al‑Baihāqi in zijn Sunan, een overlevering van Jābir ibn ‘Abdullāh (raḍiyAllāhu ʿanhu) waarin Rasūlullāh ﷺ verklaart in de maand Ramaḍān schenkt Allāh Ta’ālā mijn Ummah vijf gaven die aan geen enkele eerdere profeet zijn gegeven:</p>



<ol start="1" class="wp-block-list">
<li>Op de eerste nacht van Ramaḍān kijkt Allāh Ta’ālā met Raḥmah (Barmhartigheid) naar de gelovigen. Degene naar wie Allāh Ta’ālā met Raḥmah kijkt, zal niet worden gestraft.</li>



<li>De geur van de adem van de vastende is bij Allāh Ta’ālā aangenamer dan welke geur dan ook.</li>



<li>Gedurende de gehele maand verrichten de engelen dag en nacht smeekbeden voor de vergeving van de vastende.</li>



<li>In Ramaḍān bereidt Allāh Ta’ālā een plaats in het Paradijs voor, bestemd voor degenen die vasten.</li>



<li>Op de laatste dag van Ramaḍān schenkt Allāh Ta’ālā vergeving aan alle gelovigen die hebben gevast.”</li>
</ol>



<p class="wp-block-paragraph">Ḥazrat Imām‑i‑Rabbānī (quddisa sirruh) schrijft in de vijfenveertigste brief van het eerste deel van de Maktūbāt: “De beloning (thawāb) voor alle nafl‑daden — zoals vrijwillige gebeden, dhikr en liefdadigheid — die worden verricht in de maand Ramaḍān al‑Sharīf, is gelijk aan de beloning van een farḍ die in andere maanden wordt verricht. Eén farḍ die in deze maand wordt verricht, staat gelijk aan zeventig farḍ in andere maanden.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hij vervolgt: “Wie een vastende het Iftār aanbiedt, diens zonden worden vergeven en hij wordt bevrijd van het Hellevuur. Bovendien ontvangt hij een gelijke beloning als de vastende, zonder dat dit iets afdoet aan de beloning van de vastende zelf.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Verder verklaart Imām‑i‑Rabbānī: “Ook leidinggevenden die in deze maand de omstandigheden voor hun ondergeschikten — werknemers, ambtenaren, studenten, soldaten — vergemakkelijken zodat zij het vasten goed kunnen verrichten, zullen vergeving ontvangen en bevrijd worden van het Hellevuur.” Hij beschrijft vervolgens de praktijk van Rasūlullāh ﷺ: “Tijdens Ramaḍān al‑Sharīf placht Rasūlullāh slaven vrij te laten en te schenken wat men Hem vroeg. Degenen die in deze maand daden van aanbidding en goede werken verrichten, ontvangen de beloning alsof zij deze daden het gehele jaar door hebben verricht. Wie deze maand echter ontheiligt en zonden begaat, zal het gehele jaar in zonde doorbrengen.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarom benadrukt Imām‑i‑Rabbānī: “Men moet deze maand als een unieke gelegenheid beschouwen. Men dient zoveel mogelijk daden van aanbidding te verrichten en zich toe te leggen op datgene wat Allāh Ta’ālā liefheeft. Deze maand is een kans om het Hiernamaals te verdienen.” Hij herinnert eraan dat: (1) De Qur’ān al‑Karīm in de maand Ramaḍān is neergezonden. (2) De Lailat al‑Qadr zich in deze maand bevindt.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-c8dcaf98611c4f666c4329004c636784">Tot de belangrijke sunnat van Ramaḍān behoren</h5>



<ol start="1" class="wp-block-list">
<li>Het verbreken van het vasten met dadels, overeenkomstig de praktijk van Rasūlullāh ﷺ.</li>



<li>Het uitspreken van de du’ā bij het Iftār, zoals vermeld in de annotatie van al‑Shalbî op Tabyîn: “Dhahabī al‑zama’, wabtallati al‑‘urûq, wa thabata al‑ajr Inshā’Allāh Ta’ālā.”<br>(Betekenis: “De tijd van honger is voorbij; onze aderen zijn bevochtigd; en, Inshā’Allāh, de beloning is vastgesteld.”)</li>



<li>Het verrichten van het tarāwīḥ‑gebed.</li>



<li>Het reciteren van de gehele Qur’ān, al dan niet in de vorm van een khatm.</li>
</ol>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-65e76911e59c4b7ea982d9b5ad17a1a7">De drie farḍ-vereisten van het vasten (ṣawm)</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In de fiqh‑uitleg van Imām‑i‑Rabbānī quddisa sirruh worden drie farḍ‑componenten van het vasten onderscheiden. Deze vormen de minimale, juridisch bindende voorwaarden voor de geldigheid van het vasten binnen de Sharīʿah.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>1. De niyyāh (intentie): </strong>De vastende moet een bewuste, innerlijke intentie vormen om te vasten. Deze niyyāh is een gericht besluit dat het vasten wordt verricht ter voldoening aan de door Allāh Ta’ālā opgelegde verplichting.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>2. Kennis van de vroegste en laatste tijd van de niyyāh: </strong>De vastende moet weten (1) wat het vroegste moment is waarop de niyyāh geldig kan worden gevormd, en (2) wat het laatste moment is waarop de niyyāh nog rechtsgeldig kan worden gevormd. Voor het farḍ‑vasten van Ramaḍān betekent dit dat de niyyāh uiterlijk vóór fajr ṣādiq aanwezig moet zijn. Deze kennis is zelf een farḍ, omdat de geldigheid van het vasten ervan afhangt.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>3. Het zich onthouden van alle zaken die het vasten verbreken: </strong>Vanaf fajr ṣādiq tot zonsondergang (maghrib) moet men zich onthouden van alle handelingen die het vasten ongeldig maken. Dit betreft de volledige duur van de Sharʿī dag. De term Sharʿī is een adjectief dat betekent: “datgene wat is voorgeschreven door de Islamitische Sharīʿah.”</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-2bc57a332e2901777cf7a1662c7d83da">Er zijn acht soorten vasten (ṣawm)</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Binnen de klassieke fiqh worden acht categorieën van vasten onderscheiden. Deze indeling verduidelijkt de juridische status (ḥukm), de verplichtingsgraad en de spirituele waarde van elk type vasten binnen de Sharīʿah. Deze indeling verduidelijkt de juridische status, verplichtingsgraad en spirituele waarde van elk type vasten binnen de Sharīʿah. De categorieën vormen de basis voor onderwijs, toetsing en praktische toepassing binnen de islamitische rechtsmethodologie.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>1. Het vasten dat far</strong><strong>ḍ</strong><strong> is en op een vastgestelde tijd plaatsvindt: </strong>Dit betreft het vasten van de maand Ramaḍān al‑Sharīf. Het is een tijdgebonden verplichting (farḍ mu‘ayyan).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>2. Het vasten dat farḍis maar niet aan een vaste tijd gebonden</strong>. Voorbeelden hiervan zijn: (1) Qaḍāʾ‑vasten: het inhalen van gemiste Ramaḍān‑dagen. (2) Kaffārah‑vasten: het boetevasten voor bepaalde overtredingen. Het vasten van kaffārah is farḍ‑i ‘amalî: wie het ontkent, wordt geen ongelovige, maar laat wel een verplichte handeling na.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>3. Het vasten dat wājib is en aan een vaste tijd gebonden: </strong>Dit betreft vasten dat men door een gelofte (nadhr) aan een specifieke dag of periode heeft verbonden. Voorbeeld: “Ik zal vasten op dag X.”</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>4. Het vasten dat wājib is maar niet tijdgebonden: </strong>Dit betreft geloften die niet aan een specifieke datum zijn gekoppeld. Voorbeeld: “Ik zal één dag vasten,” zonder datum.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>5. Het vasten dat sunnah is: </strong>Dit zijn vasten die door de Profetische praktijk worden aanbevolen. Voorbeeld: De 9e en 10e van Muḥarram (Tâsû‘â en ‘Ashura).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>6. Het vasten dat mustahab (aanbevolen) is: </strong>Voorbeelden zijn (1) De 13e, 14e en 15e van elke islamitische maand (ayyâm al‑bîd). (2) Vrijdag vasten — hoewel sommige geleerden dit makrūh achten wanneer men alleen vrijdag vast. Daarom is het beter om donderdag of zaterdag erbij te vasten. (3) De dag van ‘Arafa (de dag vóór ‘Īd al‑Adḥā). Het principe: Wanneer iets door sommige geleerden als sunnah en door anderen als makrūh wordt beschouwd, is het beter om voorzichtigheid te betrachten.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>7. Het vasten dat </strong><strong>ḥ</strong><strong>arām is: </strong>Het is verboden te vasten op (1) De eerste dag van ‘Īd al‑Fiṭr en (2) alle vier dagen van ‘Īd al‑Adḥā</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>8. Het vasten dat makrūh is: </strong>Voorbeelden zijn (1) Alleen op de 10e van Muḥarram vasten (zonder de 9e of 11e). (2) Alleen op zaterdag vasten. (3) Vasten op Nawruz en Mihrijân (ongeveer 20 maart en 20 september). (4) Het hele jaar door elke dag vasten. (5) Zwijgvasten: vasten terwijl men zichzelf verbiedt te spreken.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-671875bb8040a5f7fceacd4d4a983c57">Het begin van de maand Ramaḍān en de zichtbaarheid van de nieuwe maan</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In Marāqī al‑Falāḥ wordt het volgende ḥadīth‑i‑sharīf overgeleverd: “Wanneer jullie de (nieuwe) maan zien, begin dan met vasten. En wanneer jullie haar opnieuw zien, beëindig dan het vasten.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze profetische instructie vormt de basis voor de vaststelling van het begin en einde van de maand Ramaḍān. Daaruit volgt dat de maand Ramaḍān begint zodra de nieuwe maansikkel (ḥilāl) daadwerkelijk wordt waargenomen.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-75e85941db8312cf885d5db195b8eb52">Het verbod op het vaststellen van Ramaḍān door berekening of kalender vóór de zichtbare ḥilāl</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In de bespreking van de Qiblah in Radd al‑Muḥtār van Ibn ‘ʿĀbidīn, evenals in Ashî‘at al‑Lam‘ât en Ni‘mat al‑Islam, verklaren de auteurs (Raḥmatullāhi Ta’ālā ‘Alayhim ajmaʿīn) dat: Het beginnen met vasten op basis van een vooraf opgestelde kalender of astronomische berekening, vóórdat de nieuwe maansikkel zichtbaar is geworden, niet toegestaan is. De zichtbare waarneming (ruʾyat al‑ḥilāl) heeft dus voorrang op berekening.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-3e5d7ce38f58b855ac5e4d4f28855309">De plicht om de nieuwe maan te zoeken</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het is wājib‑i‑kifāyah voor de moslimgemeenschap om:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>op de dertigste dag van Shaʿbān,</li>



<li>bij zonsondergang,</li>



<li>actief naar de nieuwe maansikkel te zoeken.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Wanneer de ḥilāl wordt gezien, is het verplicht om dit onmiddellijk te melden aan de Qāḍī (de rechter of religieuze autoriteit), zodat de vastenmaand officieel kan worden uitgeroepen.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-76c3bd31e04a457ca5a82cecdeddea83">De astronomische grens: de ḥilāl kan niet vóór de conjunctie worden gezien</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Taqiyyah al‑Dīn Muhammad ibn Daqîq al‑‘Īd verklaart dat: De nieuwe maan nooit zichtbaar kan zijn vóór één of twee dagen na de astronomische conjunctie (ijtima‘ al‑nayyarayn). De conjunctie is het moment waarop zon en maan op dezelfde lengtegraad staan; vóór dit punt bestaat er geen zichtbare maansikkel. Deze uitspraak bevestigt dat ruʾyat (zichtbare waarneming) en astronomische realiteit elkaar niet tegenspreken, maar dat de Sharīʿah de zichtbare waarneming als juridisch criterium hanteert.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-6cbae9b2abdbe81094249aaa6e673099">Het begin van het vasten en de tijd van fajr ṣādiq</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Unanieme positie van de vier Madhāhib: De geleerden van de vier Madhāhib stellen unaniem dat het vasten begint bij het eerste verschijnen van de witte horizontale lichtstreep aan de horizon, bekend als fajr‑i ṣādiq. Dit markeert het begin van de Sharʿī dag.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-1ba42900143d41b68e1ea3cde07bcb48">Definitie van het vasten volgens Multaqā al‑Abhur</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In Multaqā wordt het vasten als volgt gedefinieerd: “Vasten is: zich te onthouden van eten, drinken en seksuele gemeenschap vanaf fajr tot zonsondergang.” Daarnaast wordt bepaald dat:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>De niyyāh (intentie) een farḍ is,</li>



<li>en dat deze niyyāh gevormd moet worden tussen zonsondergang van de voorafgaande dag en de tijd van daʿwah‑i Kubrā op de dag van het vasten.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Dit geldt voor: (1) het farḍ‑vasten van Ramaḍān, (2) een gelofte‑vasten (nadhr) voor een specifieke dag, (3) en vrijwillige vasten (nafl). Voor elke afzonderlijke dag moet een nieuwe niyyāh worden gemaakt.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De formulering van de niyyāh</h6>



<p class="wp-block-paragraph">1. Niyyah vóór fajr (voor imsâk). Men zegt: “Ik maak de intentie om morgen te vasten.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">2. Niyyah ná fajr (na imsâk) maar vóór daʿwah‑i Kubrā. Men zegt: “Ik maak de intentie om vandaag te vasten.” Dit is geldig voor: (1) Ramaḍān‑vasten, (2) vasten dat voor een specifieke dag is beloofd, (3) vrijwillige vasten.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De tijd van daʿwah‑i Kubrā</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Dahwa‑i Kubrā is: (1)het midden van de Sharʿī dag, (2) dus vóór de ware middag (zawāl).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het wordt berekend als: Dahwa-i-Kubrā is Fajr+(24-Fajr)÷2=Fajr+12-Fajr÷2=12+Fajr÷2. Met andere woorden, de helft van de Fajr-tijd vanaf 12 uur &#8216;s nachts. is Dahwa-i-Kubrā.] Hierbij is “12” het vaste middelpunt van de nacht in het adhāni systeem.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Beperkingen van de niyyāh na fajr</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Voor de volgende soorten vasten is het niet toegestaan om de niyyāh na fajr te maken: (1) Qaḍāʾ‑vasten (inhaalvasten), (2) Kaffārah‑vasten (boetevasten) en (3) Nadhr‑vasten die niet aan een specifieke dag zijn gekoppeld. Deze vereisen een niyyāh vóór fajr.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De verplichting van qaḍāʾ</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Aangezien het vasten van Ramaḍān farḍ is voor elke moslim, is het eveneens farḍ om: (1) gemiste dagen later in te halen (qaḍāʾ), (2) ongeacht de reden van het niet‑vasten.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-38b7af0b6c4d813e904c4bf767884d66">Het vaststellen van Ramaḍān en de regels omtrent de waarneming van de nieuwe maan (ruʾyat al‑ḥilāl)</h5>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>1. Voorwaarden voor het begin van de maand Rama</strong><strong>ḍ</strong><strong>ān. </strong>Voor het vaststellen van het begin van Ramaḍān gelden twee Sharʿī criteria: (1) De nieuwe maansikkel (ḥilāl) moet zichtbaar zijn bij zonsondergang op de 29e dag van Shaʿbān. (2) Indien de ḥilāl niet wordt gezien, wordt Shaʿbān automatisch 30 dagen voltooid. Pas daarna begint Ramaḍān.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>2. De praktijk op de 30e dag van Sha</strong><strong>ʿ</strong><strong>b</strong><strong>ā</strong><strong>n. </strong>Op de 30e dag van Shaʿbān: (1) Men vast tot de tijd van het vroege middaggebed (ẓuhr). (20 Indien de Qāḍī Ramaḍān niet uitroept, moet het vasten worden verbroken. Het is makrūh taḥrīmī om het vasten toch voort te zetten zonder officiële vaststelling van Ramaḍān.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>3. Wanneer iemand begint te vasten zonder ruʾyat. </strong>Als iemand begint te vasten zonder dat de nieuwe maan is waargenomen, en vervolgens wordt de ḥilāl gezien op de 29e nacht van Ramaḍān (wat betekent dat de volgende dag ‘Īd al‑Fiṭr is): (1) Dan moet één dag qaḍāʾ worden verricht, mits het begin van Shaʿbān zelf door ruʾyat is vastgesteld. Indien Shaʿbān niet door ruʾyat is vastgesteld. Volgens Hindiyyah en Qāḍī Khân: Moet men twee dagen qaḍāʾ verrichten. Dit komt doordat de onzekerheid over het begin van Shaʿbān doorwerkt in het vaststellen van Ramaḍān.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>4. Getuigenis voor het vaststellen van Rama</strong><strong>ḍ</strong><strong>ān en ‘Īd. </strong>Voor het vaststellen van Ramaḍān: (10 Bij bewolkt weer: de getuigenis van één ‘ʿādil man of vrouw is voldoende. (2) Bij helder weer: er is een grote groep nodig die de ḥilāl heeft gezien. De Qāḍī (rechter die de aḥkām al‑Islāmiyyah uitvoert) kondigt vervolgens Ramaḍān aan. Voor het vaststellen van ‘Īd al‑Fiṭr: De getuigenis van twee ‘ʿādil personen is vereist.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>5. De definitie van ‘</strong><strong>ʿ</strong><strong>ā</strong><strong>dil. </strong>Een ‘ʿādil persoon is iemand: (1) die geen grote zonden begaat, (2) en die kleine zonden niet herhaaldelijk begaat. Het moedwillig nalaten van het gebed (ṣalāt) is een grote zonde. De getuigenis van iemand met twijfelachtige ‘adāla wordt eveneens geaccepteerd.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>6. Het verbod op het vaststellen van Rama</strong><strong>ḍ</strong><strong>ān of ‘Īd door berekening of kalender</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">In Fatāwā‑i Hindiyyah wordt expliciet vermeld: Het is niet toegestaan om Ramaḍān te beginnen of ‘Īd te vieren op basis van een kalender of astronomische berekening. De Sharīʿah baseert zich op: (1) ruʾyat al‑ḥilāl (daadwerkelijke waarneming), of (2) het volmaken van 30 dagen.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Getuigenis (shahādah) en de voorwaarde van ‘adāla bij het vaststellen van Ramaḍān en ‘Īd</h6>



<p class="wp-block-paragraph">In Ḥadīqah (p. 139) wordt het volgende uiteengezet: “Aanhangers van bid‘a — dat wil zeggen de tweeënzeventig groepen die zijn afgeweken van de Ahl al‑Sunnah — zijn niet ‘ʿādil, ook al behoren zij tot de Ahl al‑Qiblah en verrichten zij allerlei vormen van aanbidding. Want óf zij zijn mulhid geworden en hebben hun Īmān verloren, óf zij zijn mensen van bid‘a en zij kleineren de Ahl al‑Sunnah, wat eveneens een grote zonde is.” Deze passage benadrukt dat ‘adāla (rechtschapenheid) niet uitsluitend wordt bepaald door uiterlijke aanbidding, maar door orthodoxie in geloof en het vermijden van grote zonden.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De vernietiging van ‘adāla door het spreken van kwaad</h6>



<p class="wp-block-paragraph">In Durr al‑Mukhtār, in de sectie over getuigenis, staat: “Het spreken van kwaad over een moslim is een zonde. Het vernietigt de ‘adāla. De getuigenis van iemand die deze grote zonde begaat, wordt niet geaccepteerd.” Hieruit volgt dat: (1) kwaadsprekerij (ghībah, buhtān), (2) het kleineren van gelovigen, (3) het aanvallen van de Ahl al‑Sunnah de rechtsgeldigheid van iemands getuigenis ongeldig maken.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-2f8e03f549e3905817800945101f1fe0">Toepassing op het vaststellen van Ramaḍān, ‘Īd, Ḥajj, Iftār en gebedstijden</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Op basis van deze principes concluderen de klassieke geleerden bij het vaststellen van: (1) het begin van Ramaḍān, (2) het begin van ‘Īd al‑Fiṭr, (3) het begin van ‘Īd al‑Adḥā, (4) de tijden van Ḥajj, (5) de tijden van Iftār, en (6) de tijden van de ṣalāt, mag men geen getuigenis accepteren van personen die geen erkende Madhhab volgen (lā‑madhhabī) of die bekendstaan om bid‘a.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De reden is dat: (1) hun ‘adāla ontbreekt, (2) hun geloofspositie afwijkt van de Ahl al‑Sunnah, (3) en hun getuigenis volgens de Sharīʿah niet rechtsgeldig is.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Getuigenis van iemand met twijfelachtige ‘adāla</h6>



<p class="wp-block-paragraph">De klassieke bronnen vermelden dat de getuigenis van iemand met twijfelachtige ‘adāla (mastûr al‑hāl) kan worden geaccepteerd, maar niet wanneer het gaat om personen die: (1) openlijk bid‘a verspreiden, (2) grote zonden begaan, (3) of de Ahl al‑Sunnah aanvallen.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het verbod op het volgen van kalender of berekening</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ook in Fatāwā‑i Hindiyyah wordt bevestigd: Het is niet toegestaan om Ramaḍān te beginnen of ‘Īd te vieren op basis van kalender of berekening. De Sharīʿah baseert zich uitsluitend op: (1) ruʾyat al‑ḥilāl (daadwerkelijke waarneming), of (2) het volmaken van 30 dagen.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-a84c96e3f3f233b2637978978cfc341d">Vasten op de polen of op de maan</h5>



<p class="wp-block-paragraph">De klassieke geleerden behandelen ook uitzonderlijke geografische situaties. Voor een moslim die zich bevindt: (1) op de Noordpool of Zuidpool, of (2) op de maan, gelden de volgende Sharʿī regels: (1) Het vasten blijft verplicht, tenzij men de intentie heeft om safari te zijn, (2) wie reist en de Sharʿī voorwaarden van Ṣafar vervult, mag het vasten uitstellen. Wie geen Ṣafar‑intentie heeft, moet vasten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Bij dagen die langer zijn dan 24 uur (dus zonder gaat niet onder) moet men: (1) begint het vasten volgens een vastgestelde tijd en (2) verbreekt het vasten volgens de tijd, door zich te richten naar de tijdrekening van een dichtstbijzijnde islamitische stad waar de dagen normaal zijn. Dit voorkomt dat men vasten zou moeten verrichten gedurende onmogelijke daglengtes.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Qa</strong><strong>ḍ</strong><strong>ā</strong><strong>ʾ</strong><strong> bij terugkeer. </strong>Indien men niet vast: moet men qaḍāʾ verrichten zodra men terugkeert naar een plaats met normale daglengtes.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-16cef82263b1e08f0b7eb2f5e52bc8dc">Besluit</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Deze fiqh‑analytische verhandeling heeft de juridische grondslagen, spirituele dimensies en praktische voorschriften van het vasten in de maand Ramaḍān systematisch uiteengezet op basis van klassieke bronnen binnen de Ahl al‑Sunnah. Uit de besproken teksten blijkt dat het vasten niet slechts een rituele verplichting is, maar een omvattende vorm van aanbidding die het hart, de intentie, de sociale verantwoordelijkheid en de gemeenschap als geheel omvat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De Sharīʿah verbindt het vasten aan drie pijlers: de correcte niyyah, kennis van de geldige tijdstippen, en het zich onthouden van alle zaken die het vasten verbreken. Deze voorwaarden waarborgen dat het vasten niet louter een fysieke onthouding is, maar een bewuste daad van gehoorzaamheid aan Allāh Ta’ālā. De acht categorieën van vasten tonen de rijkdom en nuance van de islamitische rechtsmethodologie, waarin verplichtingen, aanbevelingen en verboden zorgvuldig worden onderscheiden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarnaast bevestigen de klassieke geleerden dat de vaststelling van Ramaḍān uitsluitend gebaseerd is op ruʾyat al‑ḥilāl of het volmaken van dertig dagen, en dat berekening of kalendergebruik geen Sharʿī geldigheid heeft. De betrouwbaarheid van getuigenis — geworteld in ‘adālah — vormt een essentieel onderdeel van deze vaststelling en beschermt de gemeenschap tegen onzekerheid en verdeeldheid.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De spirituele dimensie van Ramaḍān, zoals uiteengezet in de overleveringen van Rasūlullāh ﷺ en de brieven van Imām Rabbānī (quddisa sirruh), benadrukt dat deze maand een unieke gelegenheid is voor vergeving, verheffing en toenadering tot Allāh Ta’ālā. De beloningen die in deze maand worden geschonken overstijgen die van andere tijden, en elke daad van aanbidding wordt vermenigvuldigd in waarde.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Samenvattend bevestigt deze verhandeling dat het vasten in Ramaḍān een synthese vormt van juridische precisie, spirituele diepgang en morele verantwoordelijkheid. Het is een maand waarin de gelovige zichzelf hervormt, zijn relatie met Allāh Ta’ālā versterkt en zijn plaats binnen de gemeenschap hernieuwt. Wie deze maand met kennis, discipline en oprechtheid benadert, vindt daarin een weg naar vergeving, zuivering en nabijheid tot zijn Heer.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Lees verder &#8230;.</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><a href="https://tangali.net/procedure-voor-het-vaststellen-van-de-nieuwe-maansikkel-hilal-volgens-onder-andere-ala%e1%b8%a5azrat/" data-type="post" data-id="6580">Procedure voor het vaststellen van de nieuwe maansikkel (hilāl) volgens onder andere Ālāḥazrat</a> &gt;&gt;&gt;</li>



<li><a href="https://tangali.net/via-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten/" data-type="post" data-id="1245">Via media vaststellen van begin/eind vasten</a> &gt;&gt;&gt;</li>



<li><a href="https://tangali.net/wat-het-vasten-verbreekt-mub%e1%b9%adilat-al-%e1%b9%a3awm/" data-type="post" data-id="6599">Wat het vasten verbreekt (mubṭilāt al‑ṣawm)</a> >>></li>



<li><a href="https://tangali.net/wat-het-vasten-niet-verbreekt/" data-type="post" data-id="6610">Wat het vasten NIET verbreekt</a> >>></li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-77c370aed5d754a0fd038f59b44a806e">Bronnen</h5>



<ul class="wp-block-list">
<li>Al‑Baihāqi, A. (z.j.). <em>Sunan al‑Baihāqi</em>.</li>



<li>Al‑Munḏirī, ʿA. (z.j.). <em>Al‑Targhīb wa’l‑Tarhīb</em>.</li>



<li>Al‑Qāḍī Khan. (z.j.). <em>Fatāwā Qā</em><em>ḍ</em><em>ī Khan</em>.</li>



<li>Al‑Shalbī. (z.j.). Annotatie op <em>Tabyīn al‑</em><em>Ḥ</em><em>aqā</em><em>’</em><em>iq</em>.</li>



<li>Al‑Tahtāwī, A. (z.j.). <em>Ḥ</em><em>āshiyah al‑Ta</em><em>ht</em><em>āwī </em><em>ʿ</em><em>al</em><em>ā</em><em> Mar</em><em>ā</em><em>q</em><em>ī</em><em> al‑Fal</em><em>ā</em><em>ḥ</em>.</li>



<li>Al‑Zabīdī, M. (z.j.). <em>ʿ</em><em>Iqd al‑Jawāhir al‑Thamīnah fī Madhhab al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>lim</em><em>ī</em><em>n</em>.</li>



<li>Al‑Zuhaylī, W. (z.j.). <em>Al‑Fiqh al‑Islāmī wa Adillatuhu</em>.</li>



<li>Bukhārī, M. ibn Ismāʿīl. (z.j.). <em>Ṣ</em><em>a</em><em>ḥ</em><em>ī</em><em>ḥ</em><em> al‑Bukhārī</em>.</li>



<li>Hindiyyah, Fatāwā al‑. (z.j.). <em>Fatāwā al‑Hindiyyah</em>.</li>



<li>Ibn ʿĀbidīn, M. A. (z.j.). <em>Radd al‑Mu</em><em>ḥ</em><em>tār </em><em>ʿ</em><em>al</em><em>ā</em><em> al‑Durr al‑Mukht</em><em>ā</em><em>r</em>.</li>



<li>Ibn Daqīq al‑ʿĪd, T. (z.j.). <em>I</em><em>ḥ</em><em>kām al‑A</em><em>ḥ</em><em>kām</em>.</li>



<li>Ibn Huzayma, M. (z.j.). <em>Ṣ</em><em>a</em><em>ḥ</em><em>ī</em><em>ḥ</em><em> Ibn Khuzaymah</em>.</li>



<li>Imām Rabbānī, A. F. (z.j.). <em>Maktūbāt‑i Imām Rabbānī</em>.</li>



<li>Multaqā al‑Abḥur. (z.j.). <em>Multaqā al‑Ab</em><em>ḥ</em><em>ur</em>.</li>



<li>Niʿmat al‑Islām. (z.j.). <em>Ni</em><em>ʿ</em><em>mat al‑Isl</em><em>ā</em><em>m</em>.</li>



<li>Riyāḍ al‑Nāṣiḥīn. (z.j.). <em>Riyā</em><em>ḍ</em><em> al‑Nā</em><em>ṣ</em><em>i</em><em>ḥ</em><em>īn</em>.</li>



<li>Salmān al‑Fārsī. (z.j.). Overleveringen in <em>Ṣ</em><em>a</em><em>ḥ</em><em>ī</em><em>ḥ</em><em> al‑Bukhārī</em> en secundaire bronnen.</li>



<li>Ṭaḥāwī, A. (z.j.). <em>Shar</em><em>ḥ</em><em> Ma</em><em>ʿ</em><em>ā</em><em>n</em><em>ī</em><em> al‑</em><em>Ā</em><em>th</em><em>ā</em><em>r</em>.</li>
</ul>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Feen-fiqh-analytische-verhandeling-over-het-vasten-in-de-maand-rama%25e1%25b8%258dan%2F&amp;linkname=Een%20fiqh%E2%80%91analytische%20verhandeling%20over%20het%20vasten%20in%20de%20maand%20Rama%E1%B8%8D%C4%81n" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Feen-fiqh-analytische-verhandeling-over-het-vasten-in-de-maand-rama%25e1%25b8%258dan%2F&amp;linkname=Een%20fiqh%E2%80%91analytische%20verhandeling%20over%20het%20vasten%20in%20de%20maand%20Rama%E1%B8%8D%C4%81n" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Feen-fiqh-analytische-verhandeling-over-het-vasten-in-de-maand-rama%25e1%25b8%258dan%2F&amp;linkname=Een%20fiqh%E2%80%91analytische%20verhandeling%20over%20het%20vasten%20in%20de%20maand%20Rama%E1%B8%8D%C4%81n" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Feen-fiqh-analytische-verhandeling-over-het-vasten-in-de-maand-rama%25e1%25b8%258dan%2F&#038;title=Een%20fiqh%E2%80%91analytische%20verhandeling%20over%20het%20vasten%20in%20de%20maand%20Rama%E1%B8%8D%C4%81n" data-a2a-url="https://tangali.net/een-fiqh-analytische-verhandeling-over-het-vasten-in-de-maand-rama%e1%b8%8dan/" data-a2a-title="Een fiqh‑analytische verhandeling over het vasten in de maand Ramaḍān"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Procedure voor het vaststellen van de nieuwe maansikkel (hilāl) volgens onder andere Ālāḥazrat</title>
		<link>https://tangali.net/procedure-voor-het-vaststellen-van-de-nieuwe-maansikkel-hilal-volgens-onder-andere-ala%e1%b8%a5azrat/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 19 Feb 2026 07:47:14 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=6580</guid>

					<description><![CDATA[Een beknopte behandeling van dit thema op hoofdlijnen, bedoeld voor snel inzicht. Stap 1 — Juridische basis (uṣūl) Alle vier madhāhib baseren zich op dezelfde profetische overleveringen: De kernregel: De maand begint door visuele waarneming (ru’yah), niet door berekening (ḥisāb). DE FIQH‑PROCEDURE PER MADHHAB Ḥanafī Shāfiʿī Mālikī Ḥanbalī PROCEDURE IN STAPPEN (GEBASEERD OP ALLE MADHĀHIB) [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>Een beknopte behandeling van dit thema op hoofdlijnen, bedoeld voor snel inzicht.</em></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-e128b50012ac4d437f240f8cf68951c8">Stap 1 — Juridische basis (uṣūl)</h5>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Alle vier madhāhib baseren zich op dezelfde profetische overleveringen:</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li><em>“</em><em>Ṣ</em><em>ūmū li‑ru’yatihi wa‑aftirū li‑ru’yatihi…”</em><br>(Vast wanneer jullie hem zien, verbreek wanneer jullie hem zien.)</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">De kernregel: <strong>De maand begint door visuele waarneming (ru’yah), niet door berekening (</strong><strong>ḥ</strong><strong>isāb).</strong></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-db64da87650f9aa902c3eaeb62335566">DE FIQH‑PROCEDURE PER MADHHAB</h5>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ḥ</strong><strong>anafī</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Eén betrouwbare man of twee vrouwen volstaan voor de waarneming van <strong>Rama</strong><strong>ḍ</strong><strong>ān</strong>.</li>



<li>Voor <strong>Shawwāl</strong> is een grotere groep vereist tenzij de hemel helder is.</li>



<li>Astronomische berekening mag <strong>niet</strong> de maand bepalen; het mag alleen dienen om <strong>onmogelijke claims te verwerpen</strong>.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Shāfi</strong><strong>ʿ</strong><strong>ī</strong><strong></strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Eén rechtvaardige getuige is voldoende voor Ramaḍān.</li>



<li>Voor Shawwāl zijn twee rechtvaardige getuigen vereist.</li>



<li>De qāḍī (rechter) of zijn vertegenwoordiger kondigt de maand officieel af.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Mālikī</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>De getuigenis moet afkomstig zijn van een <strong>bekende, betrouwbare persoon</strong>.</li>



<li>De imam (leider) of zijn vertegenwoordiger beslist.</li>



<li>Lokale waarneming heeft voorrang; internationale uniformiteit is niet verplicht.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ḥ</strong><strong>anbalī</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Eén betrouwbare getuige is voldoende voor Ramaḍān.</li>



<li>Voor Shawwāl zijn twee getuigen vereist.</li>



<li>De autoriteit van de imam (regering) is doorslaggevend.</li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-d111e742aaa484cb5fbf6361d4b403e8">PROCEDURE IN STAPPEN (GEBASEERD OP ALLE MADHĀHIB)</h5>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>1. Observatie op de 29e dag</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>De gemeenschap of een officieel comité observeert de hemel bij zonsondergang.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>2. Getuigenis</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Getuigen melden hun waarneming aan een qāḍī, mufti of comité.</li>



<li>De getuigen worden ondervraagd op betrouwbaarheid, consistentie en plausibiliteit.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>3. Juridische beoordeling</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>De autoriteit beoordeelt:
<ul class="wp-block-list">
<li>betrouwbaarheid van de getuigen,</li>



<li>astronomische plausibiliteit (alleen negatief filter),</li>



<li>lokale omstandigheden.</li>
</ul>
</li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-21db1d1832603859d118c58f608d601e">Officiële afkondiging</h5>



<ul class="wp-block-list">
<li>De imam, qāḍī of erkend comité kondigt de nieuwe maand af.</li>



<li>De gemeenschap volgt de <strong>officiële aankondiging</strong>, niet individuele waarnemingen.</li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-1d2f7055147f0918a623f5c1e0e6c376">De positie van Ālāḥazrat Imam Aḥmad Raza Khan (Fatāwā Razawiyyah)</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Imam Aḥmad Raza Khan Qādrī (raḍiyAllāhu ʿanhu, 1856–1921), een van de grootste soennitische juristen van Zuid‑Azië, heeft een <strong>uitgebreide en systematische behandeling</strong> van ruʾyat al‑hilāl.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Kernpunten uit Fatāwā Razawiyyah</strong></p>



<ol start="1" class="wp-block-list">
<li><strong>Ru’yah is verplicht (far</strong><strong>ḍ</strong><strong> kifāyah)</strong> en kan niet vervangen worden door berekening.</li>



<li><strong>Astronomische berekening is niet toegestaan</strong> om de maand te beginnen, maar mag worden gebruikt om <strong>onmogelijke claims te ontkrachten</strong>.</li>



<li><strong>Getuigenis moet streng worden geverifieerd</strong>, vooral bij bewolkte hemel.</li>



<li><strong>De beslissing van de qā</strong><strong>ḍ</strong><strong>ī/imām bindt de gemeenschap</strong>, zelfs als individuen zelf de maan zagen.</li>



<li><strong>Internationale uniformiteit is niet verplicht</strong>; lokale waarneming heeft voorrang.</li>



<li><strong>Shahādah (getuigenis) moet voldoen aan Sharī</strong><strong>ʿ</strong><strong>ah‑criteria</strong>:
<ul class="wp-block-list">
<li>volwassen, moslim, betrouwbaar, moreel integer.</li>
</ul>
</li>



<li>Bij twijfel: <strong>de maand wordt 30 dagen gemaakt</strong>.</li>
</ol>



<p class="wp-block-paragraph">Imam Aḥmad Raza Khan (raḍiyAllāhu ʿanhu) wordt hierin beschouwd als een van de strengste en meest systematische verdedigers van de klassieke methode.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Fatāwā Razviyya, Jild 7 — Regels voor het vaststellen van het begin van Ramadan</h6>



<p class="wp-block-paragraph">In Jild 7 behandelt Ālāḥazrat Imām Aḥmad Raza Khan <strong>meerdere fatwa’s over de nieuwe maan</strong>, vooral in het kader van:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><strong>Ru’yat‑e‑Basari</strong> (fysieke waarneming)</li>



<li><strong>Shahādah</strong> (getuigenis)</li>



<li><strong>Ikhtilāf‑ul‑Ma</strong><strong>t</strong><strong>āli</strong><strong>ʿ</strong> (verschil in maanzones)</li>



<li><strong>Ḥ</strong><strong>ukm‑e‑</strong><strong>Ḥ</strong><strong>ākim</strong> (beslissing van de qāḍī / overheid)</li>



<li><strong>Astronomische berekeningen</strong></li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Hier zijn de <strong>kernprincipes</strong> zoals Ālāḥazrat ze formuleert:</p>



<h6 class="wp-block-heading">Ramadan begint uitsluitend door fysieke waarneming van de maansikkel</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ālāḥazrat is hierin zeer duidelijk: (1) <strong>Ru’yat‑e‑hilāl</strong> is de <strong>Sharʿī methode</strong>. (2) De maand <strong>mag niet</strong> worden vastgesteld op basis van berekeningen, tabellen of astronomische voorspellingen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hij citeert de bekende aḥādīth: <em>“<strong>Sumū li‑ru’yatihi wa aftirū li‑ru’yatihi.”</strong></em><br>(Vast wanneer jullie hem zien, verbreek wanneer jullie hem zien.)</p>



<h6 class="wp-block-heading">Bij bewolking volstaat één betrouwbare getuige voor Ramadan</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens Jild 7: (1) Bij <strong>heldere hemel</strong>: meerdere getuigen vereist. (2) Bij <strong>bewolking</strong>: <strong>één rechtvaardige moslim</strong> is voldoende voor het begin van Ramadan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dit volgt de Ḥanafī‑madhhab en wordt door Ālāḥazrat bevestigd.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Geen acceptatie van verre landen (geen global sighting)</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ālāḥazrat stelt expliciet: (1) <strong>Ikhtilāf‑ul‑maṭāli‘</strong> is Sharʿī geldig. (2) Een waarneming in <strong>Arabische landen</strong> is <strong>niet bindend</strong> voor India, Pakistan, Europa, enz.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hij noemt: Afstanden, verschil in horizon en verschil in maanzones.</p>



<p class="has-text-color has-link-color wp-elements-d9922790563fa4cfa1b7384749eac5df wp-block-paragraph" style="color:#41c1d6">Daarom: <strong>Nederland volgt zijn eigen horizon</strong>, of een nabijgelegen regio met dezelfde maanzone.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Astronomische berekeningen zijn niet geldig als bewijs</h6>



<p class="wp-block-paragraph">In Jild 7 weerlegt Ālāḥazrat uitgebreid:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Dat berekeningen de Sharʿī ru’yat kunnen vervangen</li>



<li>Dat conjunctietijden voldoende zouden zijn</li>



<li>Dat “onmogelijke zichtbaarheid” volgens astronomie Sharʿī bewijs zou kunnen annuleren</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Zijn positie: (1) Astronomie kan <strong>helpen</strong> om <em>te weten wanneer te kijken</em>, maar <strong>nooit</strong> om <em>Sharʿī vaststelling</em> te doen.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Ḥukm‑e‑Hakīm (beslissing van de qāḍī / overheid) is bindend — mits gebaseerd op ru’yat</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ālāḥazrat maakt onderscheid: (1) Als de overheid <strong>ru’yat‑e‑hilāl</strong> heeft vastgesteld, dan is het bindend. (2) Als de overheid <strong>berekeningen</strong> volgt dan is het <strong>niet bindend</strong>. Dit is een belangrijk punt in Jild 7.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Vaststellen van Ramadan in Europa (zoals Nederland) volgens deze regels</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens de principes van Jild 7:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Nederland moet <strong>eigen waarneming</strong> volgen</li>



<li>Of <strong>getuigenis uit een nabijgelegen maanzone</strong> (VK, België, Duitsland)</li>



<li>Niet automatisch Saudi-Arabië of Marokko volgen</li>



<li>Niet op basis van astronomische tabellen vaststellen</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Dit is volledig in lijn met Ālāḥazrat ’s fiqh.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-5563436384b36b6fa0f0c72a23ba785b">Moet de qāḍī, muftī of commissie ook vermelden <em>waar</em> de maansikkel is waargenomen?</h5>



<p class="wp-block-paragraph">In de klassieke Sunnī‑fiqh is het <strong>verplicht</strong> dat degene die een ru’yat‑e‑hilāl‑melding beoordeelt (qāḍī, muftī, comité) <strong>expliciet vermeldt</strong>:</p>



<ol start="1" class="wp-block-list">
<li><strong>Waar</strong> de sikkel is gezien (plaatsnaam / horizon)</li>



<li><strong>Door wie</strong> (identiteit en betrouwbaarheid van de getuige)</li>



<li><strong>Onder welke omstandigheden</strong> (heldere hemel, bewolking, tijdstip)</li>



<li><strong>Of de locatie binnen dezelfde maanzone valt</strong></li>
</ol>



<p class="wp-block-paragraph">Dit is nodig omdat:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>de <strong>horizon</strong> (maṭlaʿ) bepalend is</li>



<li>getuigenis alleen geldig is binnen een <strong>gelijk maanzonegebied</strong></li>



<li>verre waarnemingen <strong>niet automatisch bindend</strong> zijn</li>



<li>de qāḍī / muftī Sharīʿah‑criteria moet kunnen toetsen</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Dit is exact de reden waarom Ālāḥazrat Imām Aḥmad Raza Khan nadrukkelijk eist dat de <strong>plaats van waarneming</strong> wordt vermeld.</p>



<h6 class="wp-block-heading">In welke Sunnī‑boeken staat dit geschreven?</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Hier zijn de belangrijkste klassieke bronnen die dit expliciet vermelden.</p>



<h6 class="wp-block-heading">al‑Hidāyah (al‑Marghīnānī) – Bāb al‑Ṣawm</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Hierin staat dat de qāḍī de <strong>shahādah</strong> (getuigenis) moet beoordelen op:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><strong>plaats van waarneming</strong></li>



<li><strong>afstand</strong></li>



<li><strong>mogelijkheid van zichtbaarheid</strong></li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">De tekst maakt duidelijk dat <strong>verschil in ma</strong><strong>ṭ</strong><strong>la</strong><strong>ʿ</strong> (horizon) invloed heeft op de geldigheid.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Fatāwā ‘ʿĀlamgīrī (al‑Fatāwā al‑Hindiyyah) – Kitāb al‑Ṣawm</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Hier staat letterlijk dat:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>de qāḍī <strong>moet vragen waar</strong> de maan is gezien</li>



<li>de getuige moet verklaren <strong>op welke locatie</strong> hij stond</li>



<li>verre waarnemingen <strong>niet bindend</strong> zijn voor andere regio’s</li>
</ul>



<h6 class="wp-block-heading">Badāʾiʿal‑Ṣanāʾiʿ(al‑Kāsānī) –Kitāb al‑Ṣawm</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Al‑Kāsānī legt uit dat:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>de <strong>plaats van waarneming</strong> bepalend is</li>



<li>de qāḍī moet nagaan of de locatie binnen dezelfde <strong>ma</strong><strong>ṭ</strong><strong>la</strong><strong>ʿ</strong><strong>‑zone</strong> valt</li>
</ul>



<h6 class="wp-block-heading">Radd al‑Muḥtār (Ibn ‘ʿĀbidīn) – Bāb al‑Ṣawm</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ibn ‘ʿĀbidīn is zeer expliciet:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>de qāḍī moet <strong>vragen naar de locatie</strong></li>



<li>de getuige moet <strong>plaats en tijd</strong> noemen</li>



<li>de qāḍī moet beoordelen of de waarneming <strong>realistisch</strong> is</li>
</ul>



<h6 class="wp-block-heading">Fatāwā Razviyya (Imām Aḥmad Raza Khan) – Jild 7</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ālāḥazrat behandelt dit uitgebreid:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>de qāḍī / muftī moet <strong>plaats van waarneming</strong> registreren</li>



<li>ru’yat uit verre landen is <strong>niet bindend</strong></li>



<li>maanzones verschillen</li>



<li>getuigenis zonder locatie is <strong>niet geldig</strong></li>
</ul>



<h6 class="wp-block-heading">Waarom is dit verplicht? (Sharīʿah‑redenering)</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Omdat de geldigheid van ru’yat afhangt van:</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>1. Maṭlaʿ(horizon)</strong>: De maan staat niet overal op dezelfde hoogte of zichtbaarheid.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>2. Shahādah (getuigenis)</strong>: De qāḍī moet kunnen beoordelen of de getuige:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li>betrouwbaar is</li>



<li>op een realistische plek stond</li>



<li>de maan niet heeft verward met een ster, vliegtuig, wolk, etc.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>3. Ḥukm‑e‑Ḥākim</strong>: De qāḍī kan alleen een bindende uitspraak doen als de <strong>locatie bekend</strong> is.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-ac011dca2e4de38c84cb31bfe499b049">Samenvatting in twee zinnen!</h5>



<ul class="wp-block-list">
<li class="has-text-color has-link-color wp-elements-eaf01998b88bb3e5d71a06d9947e268d" style="color:#41c1d6"><strong>Ja — de qā</strong><strong>ḍ</strong><strong>ī, muftī of commissie moet verplicht vermelden waar de sikkel is gezien, en dit staat duidelijk in al‑Hidāyah, Fatāwā ‘</strong><strong>ʿ</strong><strong>Ā</strong><strong>lamgīrī, Badā</strong><strong>ʾ</strong><strong>i</strong><strong>ʿ</strong><strong> al‑</strong><strong>Ṣ</strong><strong>anā</strong><strong>ʾ</strong><strong>i</strong><strong>ʿ</strong><strong>, Radd al‑Mu</strong><strong>ḥ</strong><strong>tār en Fatāwa Razviyya (Jild 7).</strong></li>



<li class="has-text-color has-link-color wp-elements-bc82474e448318fbf66acc9e1ed2cde2" style="color:#41c1d6"><strong>Ramadan begint wanneer de maansikkel daadwerkelijk wordt gezien binnen de eigen maanzone, met getuigenis volgens Shar</strong><strong>ʿ</strong><strong>ī</strong><strong> voorwaarden; berekeningen en verre landen zijn geen Shar</strong><strong>ʿ</strong><strong>ī</strong><strong> bewijs.</strong></li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Lees verder &#8230;&#8230;&#8230;&#8230;..</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><a href="https://tangali.net/via-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten/">Via media vaststellen van begin/eind vasten &gt;&gt;&gt;</a></li>



<li><a href="https://tangali.net/wetenschap-en-vaststellen-begin-ramadan/">Wetenschap en vaststellen begin Ramadān </a>&gt;&gt;&gt;</li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-77c370aed5d754a0fd038f59b44a806e">Bronnen</h5>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ḥ</strong><strong>anafī</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Ibn ʿĀbidīn, M. A. (n.d.). <em>Radd al‑Mu</em><em>ḥ</em><em>tār </em><em>ʿ</em><em>al</em><em>ā</em><em> al‑Durr al‑Mukht</em><em>ā</em><em>r</em>. Dār al‑Fikr.</li>



<li>Al‑Marghīnānī, B. (n.d.). <em>Al‑Hidāyah fī Shar</em><em>ḥ</em><em> Bidāyat al‑Mubtadī</em>. Dār al‑Kutub al‑ʿIlmiyyah.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Shāfi</strong><strong>ʿ</strong><strong>ī</strong><strong></strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Al‑Nawawī, Y. (n.d.). <em>Al‑Majmū</em><em>ʿ</em><em> Shar</em><em>ḥ</em><em> al‑Muhadhdhab</em>. Dār al‑Fikr.</li>



<li>Al‑Shīrāzī, I. (n.d.). <em>Al‑Muhadhdhab fī Fiqh al‑Imām al‑Shāfi</em><em>ʿ</em><em>ī</em>. Dār al‑Kutub al‑ʿIlmiyyah.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Mālikī</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Al‑Dardīr, A. (n.d.). <em>Al‑Shar</em><em>ḥ</em><em> al‑Kabīr</em>. Dār al‑Fikr.</li>



<li>Al‑Qarāfī, A. (n.d.). <em>Al‑Dhakhīrah</em>. Dār al‑Gharb al‑Islāmī.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ḥ</strong><strong>anbalī</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Ibn Qudāmah, A. (n.d.). <em>Al‑Mughnī</em>. Dār ʿĀlam al‑Kutub.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Hadith‑bronnen</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Al‑Bukhārī, M. (n.d.). <em>Ṣ</em><em>a</em><em>ḥ</em><em>ī</em><em>ḥ</em><em> al‑Bukhārī</em>. Dār Ṭawq al‑Najāh.</li>



<li>Muslim, I. (n.d.). <em>Ṣ</em><em>a</em><em>ḥ</em><em>ī</em><em>ḥ</em><em> Muslim</em>. Dār Iḥyāʾ al‑Turāth al‑ʿArabī.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Fatāwā Razawiyyah</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Aḥmad Raza Khan, A. (n.d.). <em>Fatāwā Razawiyyah</em> (Vols. 1–30). Raza Academy.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Moderne soennitische fiqh‑studies</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Al‑Qaradāwī, Y. (1997). <em>Fiqh al‑</em><em>Ṣ</em><em>iyām</em>. Dār al‑Shurūq.</li>



<li>Al‑Subkī, T. (n.d.). <em>Fatāwā al‑Subkī</em>. Dār al‑Maʿrifah.</li>
</ul>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fprocedure-voor-het-vaststellen-van-de-nieuwe-maansikkel-hilal-volgens-onder-andere-ala%25e1%25b8%25a5azrat%2F&amp;linkname=Procedure%20voor%20het%20vaststellen%20van%20de%20nieuwe%20maansikkel%20%28hil%C4%81l%29%20volgens%20onder%20andere%20%C4%80l%C4%81%E1%B8%A5azrat" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fprocedure-voor-het-vaststellen-van-de-nieuwe-maansikkel-hilal-volgens-onder-andere-ala%25e1%25b8%25a5azrat%2F&amp;linkname=Procedure%20voor%20het%20vaststellen%20van%20de%20nieuwe%20maansikkel%20%28hil%C4%81l%29%20volgens%20onder%20andere%20%C4%80l%C4%81%E1%B8%A5azrat" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fprocedure-voor-het-vaststellen-van-de-nieuwe-maansikkel-hilal-volgens-onder-andere-ala%25e1%25b8%25a5azrat%2F&amp;linkname=Procedure%20voor%20het%20vaststellen%20van%20de%20nieuwe%20maansikkel%20%28hil%C4%81l%29%20volgens%20onder%20andere%20%C4%80l%C4%81%E1%B8%A5azrat" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fprocedure-voor-het-vaststellen-van-de-nieuwe-maansikkel-hilal-volgens-onder-andere-ala%25e1%25b8%25a5azrat%2F&#038;title=Procedure%20voor%20het%20vaststellen%20van%20de%20nieuwe%20maansikkel%20%28hil%C4%81l%29%20volgens%20onder%20andere%20%C4%80l%C4%81%E1%B8%A5azrat" data-a2a-url="https://tangali.net/procedure-voor-het-vaststellen-van-de-nieuwe-maansikkel-hilal-volgens-onder-andere-ala%e1%b8%a5azrat/" data-a2a-title="Procedure voor het vaststellen van de nieuwe maansikkel (hilāl) volgens onder andere Ālāḥazrat"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Het drievoudige vasten volgens al‑Ghazālī</title>
		<link>https://tangali.net/het-drievoudige-vasten-volgens-al-ghazali/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 18 Feb 2026 16:53:59 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=6574</guid>

					<description><![CDATA[Fiqh, Ethiek en Mystieke aandacht in de Iḥyā’ ʿUloom al‑Dīn DEEL 1 — Inleiding &#38; Literatuuroverzicht Inleiding Het vasten (ṣawm) behoort tot de meest fundamentele rituele praktijken binnen de islamitische traditie. Hoewel het in de juridische literatuur primair wordt gedefinieerd als het zich onthouden van voedsel, drank en seksuele omgang tussen dageraad en zonsondergang, heeft [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>Fiqh, Ethiek en Mystieke aandacht in de Iḥyā’ ʿUloom al‑Dīn</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>DEEL 1 — Inleiding &amp; Literatuuroverzicht</strong></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-60184573349d9ff5204bc4430ee40c96">Inleiding</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het vasten (<em>ṣ</em><em>awm</em>) behoort tot de meest fundamentele rituele praktijken binnen de islamitische traditie. Hoewel het in de juridische literatuur primair wordt gedefinieerd als het zich onthouden van voedsel, drank en seksuele omgang tussen dageraad en zonsondergang, heeft de spirituele en ethische dimensie van het vasten altijd een prominente plaats ingenomen in de islamitische religieuze psychologie. Binnen deze bredere traditie neemt Abū Ḥāmid al‑Ghazālī (raḍiyAllāhu ʿanhu, 1058–1111) een unieke positie in. Zijn monumentale werk <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’ </em><em>ʿ</em><em>Ul</em><em>o</em><em>om al‑D</em><em>ī</em><em>n</em> vormt een synthese van fiqh, ethiek en mystiek, waarin rituele handelingen worden geherinterpreteerd als instrumenten voor innerlijke transformatie (Griffel, 2009).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het zesde boek van de <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’</em>, <em>Kitāb Asrār al‑</em><em>Ṣ</em><em>awm</em> (Het Boek van de Geheimen van het Vasten), biedt een diepgaande analyse van het vasten als multidimensionale praktijk. Al‑Ghazālī (raḍiyAllāhu ʿanhu) onderscheidt drie niveaus van vasten: het vasten van de algemene gelovigen (<em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em>), het vasten van de selecte gelovigen (<em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>) en het vasten van de spiritueel intiemen (<em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>). Deze driedeling vormt niet slechts een hiërarchische classificatie, maar een normatieve routekaart voor de ontwikkeling van de menselijke ziel. Het vasten wordt zo een microkosmos van al‑Ghazālī’s bredere project om uiterlijke rituele handelingen te verbinden met innerlijke ethische en mystieke staten (Garden, 2014).</p>



<p class="wp-block-paragraph">De centrale onderzoeksvraag van dit artikel luidt: <strong>Hoe functioneren de drie niveaus van vasten als model voor morele en spirituele transformatie in Imām al‑Ghazālī’s religieuze psychologie?</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze vraag is relevant omdat al‑Ghazālī’s (raḍiyAllāhu ʿanhu) driedeling van het vasten een unieke combinatie biedt van juridische normativiteit, morele disciplinering en mystieke aandacht. Het vasten wordt niet slechts opgevat als een rituele verplichting, maar als een pedagogisch instrument dat lichaam, zintuigen en bewustzijn ordent in een graduele beweging naar Allāh Ta’ālā gerichtheid. Daarmee vormt het een cruciale toegangspoort tot het begrijpen van al‑Ghazālī’s religieuze antropologie, zijn concept van de <em>nafs</em>, en zijn hermeneutiek van innerlijke daden (Heck, 2010).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Leeswijzer</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">In dit artikel maak ik gebruik van een tekstuele en hermeneutische analyse van de primaire bron, aangevuld met secundaire literatuur uit de islamologie, religiewetenschap en mystiekstudies. De analyse wordt gestructureerd in drie delen die overeenkomen met de drie niveaus van vasten. Elk niveau wordt onderzocht in relatie tot al‑Ghazālī’s bredere ethische en mystieke project. Vervolgens wordt een synthese gepresenteerd waarin het vasten wordt gepositioneerd als een microkosmos van zijn integratieve benadering van religieuze praxis.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-a4d8a6fad03a83631aba96eb905c8715">Literatuuroverzicht</h5>



<h6 class="wp-block-heading">Primaire literatuur</h6>



<p class="wp-block-paragraph">De primaire bron voor dit onderzoek is het zesde boek van de <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’ </em><em>ʿ</em><em>Ul</em><em>o</em><em>om al‑D</em><em>ī</em><em>n</em>, waarin al‑Ghazālī de rituele, ethische en mystieke dimensies van het vasten uiteenzet. De <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’</em> is een encyclopedisch werk dat vier grote delen omvat: (1) rituele praktijken, (2) sociale omgangsvormen, (3) destructieve eigenschappen van de ziel en (4) verlossende eigenschappen. Het boek over het vasten bevindt zich in het eerste deel, dat gewijd is aan rituele handelingen (<em>ʿ</em><em>ibādāt</em>). Al‑Ghazālī’s behandeling van het vasten is echter niet louter juridisch-theologisch; hij verbindt de rituele vorm met innerlijke ethiek en mystieke aandacht, waardoor het vasten een instrument wordt voor spirituele transformatie (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Naast de <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’</em> zijn ook andere werken van al‑Ghazālī relevant voor het begrijpen van zijn visie op de ziel en morele psychologie. In <em>Mīzān al‑</em><em>ʿ</em><em>Amal</em> ontwikkelt hij een systematische ethiek waarin de menselijke ziel wordt geanalyseerd in termen van krachten, neigingen en morele evenwichten. In <em>Kīmiyā’ al‑Sa</em><em>ʿ</em><em>ā</em><em>da</em> presenteert hij een meer toegankelijke versie van zijn ethische en mystieke inzichten, waarin de nadruk ligt op de zuivering van het hart en de strijd tegen de <em>nafs</em>. Deze werken bieden belangrijke context voor het begrijpen van de driedeling van het vasten.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Secundaire literatuur</h6>



<p class="wp-block-paragraph">De moderne academische literatuur over al‑Ghazālī is omvangrijk en divers. Griffel (2009) biedt een diepgaande analyse van al‑Ghazālī’s theologische synthese, waarin hij laat zien hoe al‑Ghazālī <em>fiqh</em>, <em>kalām</em> en <em>tasawwuf</em> integreert in een coherente religieuze visie. Garden (2014) interpreteert de <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’</em> als een project van morele hervorming, gericht op het herstellen van de balans tussen uiterlijke rituele conformiteit en innerlijke spirituele authenticiteit. Heck (2010) benadrukt dat mystiek bij al‑Ghazālī functioneert als een vorm van ethiek: mystieke praktijken zijn niet gericht op esoterische kennis, maar op morele transformatie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarnaast bieden studies over islamitische mystiek belangrijke context voor het begrijpen van het hoogste niveau van vasten. Chittick (1989) analyseert de rol van aandacht, intentie en innerlijke gerichtheid in de mystieke epistemologie van Ibn ʿArabī (raḍiyAllāhu ʿanhu), inzichten die nauw aansluiten bij al‑Ghazālī’s concept van <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>. Knysh (2000) biedt een overzicht van de ontwikkeling van islamitische mystiek, waarin ascese, aandacht en innerlijke zuivering centraal staan. Karamustafa (2007) beschrijft de vroege ascetische bewegingen die de basis vormden voor de soefi‑traditie waarin al‑Ghazālī zich positioneert.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Lacunes in de bestaande literatuur</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Hoewel de secundaire literatuur uitgebreid is, zijn er enkele lacunes die dit artikel beoogt te vullen. Ten eerste is er relatief weinig aandacht voor de driedeling van het vasten als geïntegreerd model. Veel studies bespreken het vasten slechts als onderdeel van al‑Ghazālī’s bredere ethische project, zonder de interne structuur van zijn typologie systematisch te analyseren. Ten tweede is de cognitieve dimensie van het hoogste niveau van vasten — het vasten van het hart — onderbelicht. Deze dimensie is cruciaal voor het begrijpen van al‑Ghazālī’s mystieke epistemologie en zijn concept van aandacht (<em>murāqaba</em>). Ten derde ontbreekt een analyse die de drie niveaus van vasten expliciet verbindt met al‑Ghazālī’s religieuze antropologie, met name zijn driedeling van de ziel in <em>nafs</em>, <em>qalb</em> en <em>rū</em><em>ḥ</em>.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>DEEL 2 — Theoretisch Kader</strong></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-c748e9131c6f37c2327c8595a75021e9">Theoretisch kader</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het theoretisch kader van dit onderzoek bestaat uit drie onderling verbonden domeinen die essentieel zijn voor het begrijpen van al‑Ghazālī’s (raḍiyAllāhu ʿanhu) driedeling van het vasten: (1) zijn religieuze antropologie, (2) zijn ethiek van ascese en morele psychologie, en (3) zijn mystieke epistemologie. Deze drie domeinen vormen de conceptuele basis waarop al‑Ghazālī zijn analyse van het vasten bouwt. Het vasten is voor hem niet slechts een rituele handeling, maar een middel om de menselijke ziel te ordenen, te disciplineren en uiteindelijk te verheffen. In dit theoretisch kader worden deze drie domeinen systematisch uiteengezet en in verband gebracht met de drie niveaus van vasten.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Religieuze antropologie: de structuur van de menselijke ziel</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Al‑Ghazālī’s (raḍiyAllāhu ʿanhu) religieuze antropologie is gebaseerd op een driedeling van de menselijke innerlijkheid: <em>nafs</em> (het ego of de lagere ziel), <em>qalb</em> (het hart als spiritueel centrum) en <em>rū</em><em>ḥ</em> (de geest of hogere ziel). Deze driedeling is niet uniek voor al‑Ghazālī, maar hij geeft er een eigen, systematische invulling aan die diep verweven is met zijn ethische en mystieke project (Griffel, 2009).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>De nafs: locus van begeerte en verstoring</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">De <em>nafs</em> vertegenwoordigt de lagere neigingen van de mens: begeerte, drift, trots en zelfzucht. In al‑Ghazālī’s visie is de <em>nafs</em> de primaire bron van morele verstoring. Het vasten speelt een cruciale rol in het disciplineren van de <em>nafs</em>, omdat het de fysieke en psychologische bronnen van begeerte tijdelijk onderbreekt. Door voedsel en seksuele omgang te beperken, wordt de <em>nafs</em> verzwakt, waardoor het hart ontvankelijker wordt voor spirituele inzichten (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Het qalb: centrum van morele en spirituele perceptie</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Het <em>qalb</em> is bij al‑Ghazālī geen biologisch orgaan, maar een spiritueel centrum dat fungeert als de zetel van morele perceptie en Allāh’s kennis. Het hart is in staat tot zowel verduistering als verlichting. Het vasten dient als een middel om het hart te zuiveren van verstoringen die voortkomen uit de <em>nafs</em>. Wanneer het hart gezuiverd is, wordt het een spiegel die de Allāh’s werkelijkheid kan reflecteren (Heck, 2010).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>De rū</strong><strong>ḥ</strong><strong>: de hogere ziel en de bron van Allāh’s nabijheid</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">De <em>rū</em><em>ḥ</em> vertegenwoordigt de hoogste dimensie van de menselijke ziel. Het is de bron van intuïtieve kennis, spirituele aanwezigheid en Allāh’s nabijheid. Het hoogste niveau van vasten — <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> — is direct verbonden met de <em>rū</em><em>ḥ</em>, omdat het gericht is op het volledig richten van het bewustzijn op Allāh Ta’ālā. Dit niveau van vasten overstijgt de fysieke en morele dimensies en wordt een vorm van contemplatieve aandacht (Chittick, 1989).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Samenhang tussen de drie niveaus van de ziel</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">De drie niveaus van vasten corresponderen met deze driedeling van de ziel:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><em>Ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> disciplineert de <em>nafs</em>.</li>



<li><em>Ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> zuivert het <em>qalb</em>.</li>



<li><em>Ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> activeert de <em>rū</em><em>ḥ</em>.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Deze correspondentie vormt de basis voor al‑Ghazālī’s integratieve benadering van religieuze praxis.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Ascese en morele psychologie: de strijd tegen de nafs</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ascese (<em>zuhd</em>) en morele disciplinering (<em>riyā</em><em>ḍ</em><em>a</em>) vormen de kern van al‑Ghazālī’s ethische project. Hij beschouwt de mens als een wezen dat voortdurend in strijd is met zijn lagere neigingen. Deze strijd — <em>mujāhada</em> — is noodzakelijk om morele deugd en spirituele zuiverheid te bereiken (Garden, 2014).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Mujāhada: de innerlijke strijd</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Mujāhada</em> verwijst naar de voortdurende inspanning om de <em>nafs</em> te beteugelen. Het vasten is een van de meest effectieve vormen van <em>mujāhada</em>, omdat het de fysieke basis van begeerte tijdelijk onderbreekt. Door honger en dorst te ervaren, wordt de mens geconfronteerd met zijn afhankelijkheid en kwetsbaarheid, wat leidt tot nederigheid en zelfbewustzijn (Karamustafa, 2007).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Riyā</strong><strong>ḍ</strong><strong>a: disciplinering van gedrag en zintuigen</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Riyā</em><em>ḍ</em><em>a</em> verwijst naar de systematische training van gedrag en zintuigen. In het tweede niveau van vasten — <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> — wordt deze training expliciet gemaakt. Al‑Ghazālī benadrukt dat het vasten niet beperkt mag blijven tot het lichaam; ook de ogen, oren, tong, handen en voeten moeten vasten. Deze zintuiglijke disciplinering vormt de kern van zijn morele psychologie (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Tazkiyat al‑nafs: zuivering van de ziel</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Tazkiyah</em> verwijst naar het proces van innerlijke zuivering. Het vasten fungeert als een katalysator voor dit proces, omdat het de mens dwingt om zijn innerlijke neigingen te observeren en te reguleren. Door het lichaam te disciplineren en de zintuigen te beteugelen, wordt het hart gezuiverd van verstoringen die spirituele perceptie belemmeren (Heck, 2010).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ascese als pedagogiek</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Voor al‑Ghazālī is ascese geen doel op zich, maar een pedagogisch instrument. Het vasten is een middel om de mens te trainen in zelfbeheersing, nederigheid en aandacht. Deze pedagogische functie is vooral zichtbaar in het tweede niveau van vasten, waarin de nadruk ligt op morele disciplinering en zintuiglijke controle.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Mystieke epistemologie: aandacht, aanwezigheid en Allāh’s kennis</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het hoogste niveau van vasten — <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> — kan alleen worden begrepen binnen al‑Ghazālī’s mystieke epistemologie. Deze epistemologie is gebaseerd op het concept van <em>ʿ</em><em>ilm </em><em>ḥ</em><em>u</em><em>ḍ</em><em>ūrī</em> (kennis door aanwezigheid), waarbij kennis niet wordt verworven door rationele reflectie, maar door directe, innerlijke ervaring (Chittick, 1989).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Murāqaba: aandacht als spirituele methode</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Murāqaba</em> verwijst naar voortdurende aandacht voor Allāh Ta’ālā. Het is een vorm van innerlijke waakzaamheid waarbij de mens zijn gedachten, intenties en innerlijke bewegingen observeert. In het hoogste niveau van vasten wordt deze aandacht de kern van de praktijk: het hart onthoudt zich van elke gedachte die niet op Allāh Ta’ālā gericht is (Knysh, 2000).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ḥ</strong><strong>u</strong><strong>ḍ</strong><strong>ūr: aanwezigheid bij Allāh</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Ḥ</em><em>u</em><em>ḍ</em><em>ūr</em> verwijst naar een staat van innerlijke aanwezigheid bij Allāh Ta’ālā. Deze staat wordt bereikt wanneer het hart volledig gezuiverd is van verstoringen. Het vasten fungeert als een middel om deze staat te bereiken door de mens te bevrijden van lichamelijke en psychologische afleidingen (Chittick, 1989).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Mystieke kennis als verlichting van het hart</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">In al‑Ghazālī’s visie is mystieke kennis geen esoterische informatie, maar een vorm van verlichting van het hart. Het hart wordt een spiegel die de Allāh’s werkelijkheid reflecteert. Het hoogste niveau van vasten is gericht op het polijsten van deze spiegel door middel van aandacht, stilte en innerlijke gerichtheid (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>DEEL 3 — Analyse van Niveau 1: </strong><strong>Ṣ</strong><strong>awm al‑</strong><strong>ʿ</strong><strong>Ā</strong><strong>mm</strong></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-aa3ee8095b30c03aca016ce5ebbaef9f">Analyse van het eerste niveau: Ṣawm al‑ʿĀmm —Juridische normativiteit en de grenzen van rituele conformiteit</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het eerste niveau van vasten, <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em>, vormt de basis van al‑Ghazālī’s driedeling. Dit niveau correspondeert met de minimale juridische vereisten zoals geformuleerd in de klassieke fiqh‑traditie: onthouding van voedsel, drank en seksuele omgang tussen fajr en maghrib. Hoewel dit niveau noodzakelijk is voor de geldigheid van het vasten, benadrukt al‑Ghazālī dat het slechts de uiterlijke vorm van de praktijk vertegenwoordigt. Het is een rituele handeling die, hoewel religieus verplicht, nog geen innerlijke transformatie garandeert (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het juridische kader van ṣawm al‑ʿĀmm</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Binnen de fiqh‑traditie wordt het vasten primair gedefinieerd in termen van fysieke onthouding. De nadruk ligt op de correcte uitvoering van de handeling: het tijdstip van intentie (<em>niyyah</em>), de geldige periode van onthouding, en de handelingen die het vasten ongeldig maken. Deze juridische benadering is gericht op het waarborgen van de rituele integriteit van de handeling, maar houdt zich niet bezig met de innerlijke staat van de vastende (Griffel, 2009).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Al‑Ghazālī erkent het belang van deze juridische dimensie, maar beschouwt haar als een noodzakelijke maar onvoldoende voorwaarde. Het vasten dat beperkt blijft tot fysieke onthouding is volgens hem vergelijkbaar met een lichaam zonder ziel: het heeft vorm, maar mist leven. Deze metafoor benadrukt dat rituele conformiteit slechts de eerste stap is in een proces van morele en spirituele ontwikkeling.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het lichaam als locus van gehoorzaamheid</h6>



<p class="wp-block-paragraph">In <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> staat het lichaam centraal. Het lichaam wordt gezien als het primaire instrument van gehoorzaamheid: door het te onthouden van voedsel, drank en seksuele omgang, toont de gelovige zijn bereidheid om zich te onderwerpen aan Allāh’s geboden. Deze lichamelijke dimensie van het vasten heeft een duidelijke pedagogische functie: het confronteert de mens met zijn afhankelijkheid van materiële behoeften en herinnert hem aan zijn positie als dienaar (<em>ʿ</em><em>abd</em>) (Garden, 2014).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Toch blijft dit niveau volgens al‑Ghazālī beperkt. Het lichaam kan zich onthouden van materiële consumptie, maar de zintuigen blijven vrij om te zondigen. De ogen kunnen kijken naar verboden zaken, de tong kan liegen of roddelen, en de oren kunnen luisteren naar schadelijke woorden. Hierdoor ontstaat een discrepantie tussen uiterlijke gehoorzaamheid en innerlijke realiteit. Deze discrepantie vormt de kern van al‑Ghazālī’s kritiek op een louter juridisch begrip van het vasten.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De rol van de nafs in het eerste niveau van vasten</h6>



<p class="wp-block-paragraph">De <em>nafs</em> speelt een centrale rol in al‑Ghazālī’s analyse van <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em>. Hoewel het vasten op dit niveau de fysieke basis van begeerte tijdelijk onderbreekt, blijft de <em>nafs</em> grotendeels onaangetast. De lagere ziel blijft actief in haar neigingen, zelfs wanneer het lichaam zich onthoudt van voedsel en drank. Al‑Ghazālī benadrukt dat de <em>nafs</em> subtieler is dan het lichaam: zij kan zich voeden met immateriële vormen van begeerte, zoals trots, ijdelheid of morele zelfgenoegzaamheid (Heck, 2010).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hierdoor kan het vasten op dit niveau zelfs contraproductief worden wanneer het leidt tot spirituele arrogantie. De vastende kan zichzelf beschouwen als vroom of moreel superieur, terwijl zijn innerlijke staat niet overeenkomt met zijn uiterlijke handelingen. Al‑Ghazālī waarschuwt expliciet voor deze valkuil en benadrukt dat het vasten slechts waarde heeft wanneer het gepaard gaat met nederigheid en zelfbewustzijn.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De grenzen van rituele conformiteit</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Een van de belangrijkste inzichten van al‑Ghazālī is dat rituele conformiteit op zichzelf geen garantie biedt voor morele of spirituele transformatie. Het vasten op het niveau van <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> kan volledig correct worden uitgevoerd volgens de juridische regels, maar toch spiritueel leeg blijven. Dit komt doordat de juridische dimensie van het vasten zich richt op uiterlijke handelingen, terwijl morele en spirituele transformatie afhankelijk zijn van innerlijke staten (Griffel, 2009).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Al‑Ghazālī illustreert deze beperking met een krachtige metafoor: de vastende die zich onthoudt van voedsel maar zich overgeeft aan roddel of leugen, is als iemand die zich onthoudt van fruit maar gif drinkt. Deze metafoor benadrukt dat het vasten op dit niveau slechts een gedeeltelijke onthouding is: het lichaam vast, maar de zintuigen en het hart blijven actief in zonde.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De pedagogische functie van ṣawm al‑ʿĀmm</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Ondanks deze beperkingen heeft <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> een belangrijke pedagogische functie. Het vormt de eerste stap in een proces van morele disciplinering. Door het lichaam te onderwerpen aan honger en dorst, wordt de mens geconfronteerd met zijn afhankelijkheid en kwetsbaarheid. Deze ervaring kan leiden tot nederigheid, zelfbewustzijn en een besef van de noodzaak van verdere innerlijke zuivering (Karamustafa, 2007).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Bovendien creëert het vasten op dit niveau de voorwaarden voor de hogere niveaus van vasten. Zonder fysieke onthouding is zintuiglijke of cognitieve onthouding onmogelijk. Het lichaam vormt de basis waarop de hogere dimensies van het vasten worden gebouwd. In die zin is <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> niet slechts een rituele verplichting, maar een noodzakelijke voorbereiding op de morele en mystieke dimensies van het vasten.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Conclusie: ṣawm al‑ʿĀmm als fundament maar niet als voltooiing</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het eerste niveau van vasten vormt het fundament van al‑Ghazālī’s driedeling. Het is noodzakelijk voor de geldigheid van de rituele handeling en heeft een belangrijke pedagogische functie. Toch benadrukt al‑Ghazālī dat dit niveau slechts de uiterlijke vorm van het vasten vertegenwoordigt. Zonder zintuiglijke disciplinering en innerlijke aandacht blijft het vasten beperkt tot rituele conformiteit. Het lichaam vast, maar het hart blijft onveranderd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarom vormt <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> slechts de eerste stap in een proces van morele en spirituele transformatie. De hogere niveaus van vasten — <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> en <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> — bouwen voort op dit fundament en brengen de mens dichter bij de innerlijke betekenis van het vasten.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>DEEL 4 — Analyse van Niveau 2: </strong><strong>Ṣ</strong><strong>awm al‑Khawā</strong><strong>ṣṣ</strong><strong></strong></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-c9d88808eb9252412c3962eebdc78f86">Analyse van het tweede niveau: Ṣawm al‑Khawāṣṣ — Morele disciplinering en zintuiglijke ascese</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het tweede niveau van vasten, <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>, vormt de kern van al‑Ghazālī’s (raḍiyAllāhu ʿanhu) ethische project. Waar <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> zich beperkt tot de uiterlijke, juridische vorm van het vasten, richt <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> zich op de innerlijke dimensie van morele disciplinering. Dit niveau omvat een systematische training van de zintuigen, het gedrag en de innerlijke houding van de mens. Het is een vorm van ascese die niet gericht is op fysieke onthouding alleen, maar op het beteugelen van morele neigingen die de zuiverheid van het hart verstoren (al‑Ghazālī, z.j.). Al‑Ghazālī specificeert zes componenten van dit niveau: (1) het vasten van de ogen, (2) het vasten van de tong, (3) het vasten van de oren, (4) het vasten van de ledematen, (5) matiging bij het verbreken van het vasten, en (6) het bewaren van een innerlijke balans tussen hoop en vrees. Deze zes componenten vormen samen een moreel‑ascetisch programma dat de mens voorbereidt op de hogere mystieke dimensies van het vasten.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten van de ogen: visuele onthouding en morele perceptie</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het eerste element van <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> is het vasten van de ogen. Al‑Ghazālī benadrukt dat de blik een van de belangrijkste toegangspoorten is tot begeerte en zonde. De ogen kunnen worden verleid door verboden zaken, maar ook door wereldse afleidingen die het hart wegleiden van aandacht voor Allāh Ta’ālā. Hij verwijst naar de profetische uitspraak dat “de blik een giftige pijl is van de duivel” (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Visuele onthouding is daarom niet slechts een kwestie van het vermijden van expliciet verboden beelden, maar van het cultiveren van een vorm van aandacht die gericht is op morele zuiverheid. De ogen moeten worden getraind om niet te dwalen naar zaken die het hart onrustig maken of afleiden van spirituele reflectie. Deze vorm van visuele ascese vormt een cruciale stap in de zuivering van het hart (<em>qalb</em>), omdat het hart wordt beïnvloed door wat de ogen waarnemen (Heck, 2010).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten van de tong: ethiek van spreken en stilte</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het tweede element is het vasten van de tong. Al‑Ghazālī beschouwt de tong als een van de gevaarlijkste organen, omdat zij gemakkelijk kan vervallen in leugen, roddel, laster, ruzie en ijdel gepraat. Deze vormen van spraak zijn volgens hem schadelijker voor het vasten dan het eten van voedsel, omdat zij direct het hart aantasten (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Het vasten van de tong omvat drie dimensies:</strong></p>



<ol start="1" class="wp-block-list">
<li><strong>Het vermijden van verboden spraak</strong>: leugen, roddel, laster, vloeken.</li>



<li><strong>Het vermijden van nutteloze spraak</strong>: woorden zonder spirituele of morele waarde.</li>



<li><strong>Het cultiveren van stilte en dhikr</strong>: het vullen van de tong met herinnering aan Allāh.</li>
</ol>



<p class="wp-block-paragraph">Al‑Ghazālī benadrukt dat de tong een spiegel is van de innerlijke staat. Een vastende die zich onthoudt van voedsel maar zich overgeeft aan roddel, “breekt zijn vasten met het vlees van zijn broeder”, verwijzend naar de Qurʾānische metafoor van roddel als het eten van mensenvlees (Q. 49:12). Deze metafoor benadrukt de ernst van verbale zonden en hun destructieve invloed op het hart (Garden, 2014).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten van de oren: auditieve zuiverheid en morele ontvankelijkheid</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het derde element is het vasten van de oren. Al‑Ghazālī stelt dat het horen van verboden of schadelijke spraak moreel gelijkstaat aan het uitspreken ervan. De oren zijn niet passief: zij nemen deel aan de zonde door te luisteren naar roddel, laster of obscene taal. De Qurʾān verwijst naar “luisteraars naar leugen en eters van onrechtmatig voedsel”, waarmee horen en eten moreel worden gelijkgesteld (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="has-text-align-right has-text-color has-link-color has-large-font-size wp-elements-ffd21565716f6620db253d34854bdabd wp-block-paragraph" style="color:#05f707">&nbsp;سَمَّاعُونَ لِلْكَذِبِ أَكَّالُونَ لِلسُّحْتِ فَإِن جَآءُوكَ فَٱحْكُمْ بَيْنَهُمْ أَوْ أَعْرِضْ عَنْهُمْ وَإِن تُعْرِضْ عَنْهُمْ فَلَن يَضُرُّوكَ شَيْئاً وَإِنْ حَكَمْتَ فَٱحْكُمْ بَيْنَهُمْ بِٱلْقِسْطِ إِنَّ ٱللَّهَ يُحِبُّ ٱلْمُقْسِطِينَ</p>



<p class="wp-block-paragraph">“Zij zijn luisteraars naar leugens en verbruikers van verboden dingen. Indien zij tot u om recht komen, spreek recht tussen hen of wend u van hen af. En indien gij u van hen afwendt kunnen zij u in het geheel niet schaden. En indien gij rechtspreekt, richt tussen hen met rechtvaardigheid. Voorzeker, Allāh heeft de rechtvaardigen lief.” (Qur’ān 5:42)</p>



<p class="wp-block-paragraph">Auditieve zuiverheid is daarom essentieel voor het vasten van de selecte gelovigen. De oren moeten worden beschermd tegen woorden die het hart bezoedelen. Dit vereist een actieve houding: de vastende moet situaties vermijden waarin schadelijke spraak wordt geuit en moet weigeren deel te nemen aan gesprekken die moreel destructief zijn (Knysh, 2000).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten van de ledematen: morele controle over handelen</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het vierde element betreft het vasten van de ledematen: handen, voeten en andere organen. Al‑Ghazālī benadrukt dat het vasten geen betekenis heeft wanneer de ledematen worden gebruikt voor zondige handelingen. De handen mogen geen onrecht plegen, de voeten mogen niet leiden naar plaatsen van zonde, en het lichaam mag niet worden ingezet voor immoraliteit (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze dimensie van het vasten benadrukt dat morele zuiverheid niet slechts een innerlijke staat is, maar een concrete praktijk die zichtbaar wordt in gedrag. Het lichaam wordt een instrument van morele discipline, en elke handeling wordt beoordeeld op haar bijdrage aan de zuivering van het hart (Heck, 2010).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Matiging bij het verbreken van het vasten: ascese en lichamelijke balans</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het vijfde element betreft matiging bij het verbreken van het vasten (<em>iftār</em>). Al‑Ghazālī bekritiseert degenen die tijdens het vasten overdag honger lijden, maar ’s avonds overvloedig eten. Hij stelt dat dit gedrag de spirituele voordelen van het vasten tenietdoet. Een buik die ’s avonds overvol is, is schadelijker dan een buik die overdag leeg is (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Matiging is essentieel omdat het vasten bedoeld is om de begeerten te beteugelen, niet om ze uit te stellen. Overeten na zonsondergang versterkt de <em>nafs</em> en ondermijnt de ascetische discipline die het vasten beoogt te cultiveren (Karamustafa, 2007).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Innerlijke balans tussen hoop en vrees: spirituele psychologie</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het zesde element betreft de innerlijke houding van de vastende. Al‑Ghazālī benadrukt dat de vastende zich voortdurend moet bevinden tussen hoop (<em>rajā</em><em>ʾ</em>) en vrees (<em>khawf</em>). Hoop op de acceptatie van zijn vasten, en vrees dat het ondanks uiterlijke correctheid innerlijk gebrekkig kan zijn (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze balans vormt de kern van al‑Ghazālī’s spirituele psychologie. Het vasten wordt een oefening in nederigheid en zelfbewustzijn. De vastende moet zichzelf voortdurend evalueren en zijn intenties zuiveren. Deze innerlijke houding bereidt hem voor op het hoogste niveau van vasten, waarin het hart volledig gericht is op Allāh Ta’ālā (Chittick, 1989).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Conclusie: ṣawm al‑khawāṣṣals morele transformatie</h6>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> vormt de morele kern van al‑Ghazālī’s driedeling. Het is een niveau van vasten dat verder gaat dan rituele conformiteit en gericht is op de zuivering van het hart door middel van zintuiglijke en gedragsmatige disciplinering. Dit niveau vormt de noodzakelijke brug tussen de uiterlijke vorm van het vasten en de innerlijke mystieke dimensie. Zonder deze morele zuivering is het hoogste niveau van vasten — <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> — onmogelijk te bereiken.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>DEEL 5 — Analyse van Niveau 3: </strong><strong>Ṣ</strong><strong>awm Khawā</strong><strong>ṣṣ</strong><strong> al‑Khawā</strong><strong>ṣṣ</strong><strong></strong></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-4e97c6b3f691dec1d285b70a190887bc">Analyse van het derde niveau: Ṣawm Khawāṣṣal‑Khawāṣṣ — Mystieke aandacht en de zuivering van het bewustzijn</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het derde niveau van vasten, <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>, vormt de culminatie van al‑Ghazālī’s driedeling. Waar het eerste niveau gericht is op fysieke onthouding en het tweede niveau op morele disciplinering van de zintuigen, richt het derde niveau zich op de volledige innerlijke gerichtheid van het hart op Allāh Ta’ālā. Dit niveau overstijgt de lichamelijke en zintuiglijke dimensies van het vasten en wordt een vorm van contemplatieve aandacht (<em>murāqaba</em>) en spirituele aanwezigheid (<em>ḥ</em><em>u</em><em>ḍ</em><em>ūr</em>). Het is het vasten van de profeten, de waarheidsgetrouwen (<em>ṣ</em><em>iddīqūn</em>) en de spiritueel ingewijden (<em>ʿ</em><em>ā</em><em>rifūn</em>) (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het hart als centrum van spirituele gerichtheid</h6>



<p class="wp-block-paragraph">In al‑Ghazālī’s antropologie is het <em>qalb</em> het centrum van spirituele perceptie. Het hart is in staat tot zowel verduistering als verlichting, afhankelijk van de mate waarin het wordt beïnvloed door de <em>nafs</em> en de zintuigen. In <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> wordt het hart volledig gezuiverd van wereldse afleidingen en gericht op Allāh Ta’ālā. Dit niveau van vasten vereist dat de vastende zich onthoudt van elke gedachte, intentie of innerlijke beweging die niet direct op Allāh Ta’ālā gericht is (Heck, 2010).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze vorm van innerlijke onthouding is radicaal: het gaat niet slechts om het vermijden van zonde, maar om het vermijden van elke vorm van mentale verstrooiing. Het hart moet worden bevrijd van gehechtheid aan de wereld, zelfs wanneer deze gehechtheid op zichzelf niet verboden is. De wereld wordt slechts benaderd als middel voor het Hiernamaals, niet als doel op zich (Garden, 2014).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Cognitieve onthouding: het vasten van gedachten</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het centrale kenmerk van <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> is cognitieve onthouding. Al‑Ghazālī stelt dat het hart moet vasten van allesbehalve Allāh Ta’ālā. Dit betekent dat de vastende zijn gedachten moet bewaken en elke gedachte die niet leidt tot spirituele nabijheid moet afwijzen. Deze vorm van innerlijke discipline is gebaseerd op het concept van <em>murāqaba</em>, voortdurende aandacht voor de eigen innerlijke toestand (Chittick, 1989).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Cognitieve onthouding omvat drie dimensies:</strong></p>



<ol start="1" class="wp-block-list">
<li><strong>Het vermijden van wereldse gedachten</strong> die het hart afleiden van Allāh Ta’ālā.</li>



<li><strong>Het cultiveren van gedachten die leiden tot spirituele reflectie</strong>, zoals contemplatie van Allāh Ta’ālā’s namen en eigenschappen.</li>



<li><strong>Het ontwikkelen van een staat van innerlijke stilte</strong>, waarin het hart rust in de aanwezigheid van Allāh Ta’ālā.</li>
</ol>



<p class="wp-block-paragraph">Deze vorm van vasten is niet passief, maar actief: het vereist voortdurende waakzaamheid en zelfbewustzijn. De vastende moet zijn innerlijke wereld observeren en reguleren, net zoals hij zijn lichaam en zintuigen reguleert in de lagere niveaus van vasten (Knysh, 2000).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Qurʾānische hermeneutiek: “Zeg: Allah —en laat hen dan in hun ijdele gesprekken”</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Al‑Ghazālī baseert dit niveau van vasten op een specifieke Qurʾānische passage:</p>



<p class="has-text-align-right has-text-color has-link-color has-large-font-size wp-elements-928a68578253516407cad067cc93108d wp-block-paragraph" style="color:#05f707">وَمَا قَدَرُواْ ٱللَّهَ حَقَّ قَدْرِهِ إِذْ قَالُواْ مَآ أَنزَلَ ٱللَّهُ عَلَىٰ بَشَرٍ مِّن شَيْءٍ قُلْ مَنْ أَنزَلَ ٱلْكِتَٰبَ ٱلَّذِي جَآءَ بِهِ مُوسَىٰ نُوراً وَهُدًى لِّلنَّاسِ تَجْعَلُونَهُ قَرَاطِيسَ تُبْدُونَهَا وَتُخْفُونَ كَثِيراً وَعُلِّمْتُمْ مَّا لَمْ تَعْلَمُوۤاْ أَنتُمْ وَلاَ ءَابَآؤُكُمْ قُلِ ٱللَّهُ ثُمَّ ذَرْهُمْ فِي خَوْضِهِمْ يَلْعَبُونَ</p>



<p class="wp-block-paragraph">“En zij schatten de juiste waarde van Allāh niet wanneer zij zeggen: &#8220;Allāh heeft aan niemand iets geopenbaard.&#8221; Zeg: &#8220;Wie openbaarde het Boek dat Mozes bracht als licht en leiding voor de mensen &#8211; dat gij op papieren schrijft, en bekend maakt, terwijl gij toch veel verbergt en (waardoor) aan u is onderwezen, hetgeen gij noch uw vaderen wisten?&#8221; &#8211; Zeg: &#8220;Allāh&#8221;. Laat hen dan met rust om zich met hun ledig spel te vermaken.” (Qur’ān 6:91)</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze versregel fungeert als hermeneutisch fundament voor <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>. De instructie “Zeg: Allah” wordt door al‑Ghazālī geïnterpreteerd als een oproep tot radicale theocentriciteit: het hart moet zich richten op Allāh Ta’ālā en zich losmaken van alle andere zaken. De toevoeging “laat hen dan in hun ijdele gesprekken” benadrukt dat de gelovige zich moet distantiëren van wereldse afleidingen en zich moet concentreren op Allāh’s werkelijkheid (al‑Ghazālī, z.j.).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze hermeneutiek sluit aan bij bredere soefi‑tradities waarin de zuivering van het hart wordt gezien als voorwaarde voor spirituele kennis. De versregel wordt een spirituele methode: een instructie om het bewustzijn te richten en te zuiveren.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten van de innerlijke bewegingen: intentie, wil en verlangen</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Naast gedachten moeten ook intenties, wil en verlangen vasten. Al‑Ghazālī benadrukt dat de innerlijke bewegingen van de ziel subtieler zijn dan gedachten. Zelfs wanneer het hart niet actief wordt afgeleid door wereldse zaken, kan het verlangen naar erkenning, spirituele status of innerlijke voldoening de zuiverheid van het vasten aantasten (Heck, 2010).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarom vereist <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> een radicale vorm van oprechtheid (<em>ikhlā</em><em>ṣ</em>). De vastende moet zijn intenties voortdurend zuiveren en elke vorm van subtiele zelfzucht elimineren. Dit niveau van vasten is daarom niet slechts een praktijk, maar een existentiële staat van voortdurende zelfreflectie en innerlijke zuivering.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De rol van stilte en innerlijke leegte</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Een belangrijk aspect van dit niveau is de rol van innerlijke stilte. Al‑Ghazālī benadrukt dat het hart pas ontvankelijk wordt voor Allāh’s kennis wanneer het wordt bevrijd van innerlijke ruis. Deze stilte is geen afwezigheid van activiteit, maar een vorm van spirituele leegte waarin het hart ruimte maakt voor Allāh’s aanwezigheid (Chittick, 1989).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze leegte is verwant aan het concept van <em>fanā</em><em>ʾ</em> (zelfuitwissing) in de soefi‑traditie, hoewel al‑Ghazālī dit concept niet expliciet gebruikt in de <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’</em>. Het vasten van de innerlijke bewegingen creëert een staat waarin het ego wordt verzwakt en het hart wordt gevuld met Allāh’s nabijheid.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten als existentiële staat: van praktijk naar zijnswijze</h6>



<p class="wp-block-paragraph">In <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> wordt het vasten een existentiële staat. Het is niet langer een handeling die wordt uitgevoerd binnen een bepaalde tijdsperiode, maar een permanente houding van innerlijke gerichtheid. De vastende leeft in een staat van voortdurende aandacht voor Allāh Ta’ālā, zelfs buiten de maand Ramadan. Het vasten wordt een manier van zijn, niet slechts een rituele verplichting (Garden, 2014).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze existentiële dimensie maakt duidelijk waarom al‑Ghazālī dit niveau toeschrijft aan de profeten en de spiritueel ingewijden. Het vereist een mate van innerlijke zuivering en aandacht die slechts kan worden bereikt door langdurige ascetische training en spirituele discipline.</p>



<h6 class="wp-block-heading">Conclusie: ṣawm khawāṣṣal‑khawāṣṣals voltooiing van het vasten</h6>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> vormt de voltooiing van al‑Ghazālī’s driedeling. Het is het niveau waarin het vasten zijn diepste betekenis bereikt: volledige innerlijke gerichtheid op Allāh Ta’ālā. Dit niveau overstijgt de fysieke en morele dimensies van het vasten en wordt een vorm van contemplatieve aanwezigheid. Het hart wordt gezuiverd van wereldse afleidingen en gevuld met Allāh’s nabijheid. Hiermee wordt het vasten een instrument voor spirituele verlichting en existentiële transformatie.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>DEEL 6 — Synthese, Conclusie en Literatuurlijst</strong></p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-a50246ef70ebddbbae7276e0db9bd230">Synthese: Het vasten als microkosmos van al‑Ghazālī’s integratieve project</h5>



<p class="wp-block-paragraph">De driedeling van het vasten in <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em>, <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> en <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> vormt een microkosmos van al‑Ghazālī’s bredere project om fiqh, ethiek en mystiek te integreren in één coherente religieuze antropologie. Elk niveau van vasten correspondeert met een specifieke dimensie van de menselijke ziel en een specifieke vorm van religieuze praxis. Door deze niveaus systematisch te analyseren, wordt duidelijk hoe al‑Ghazālī rituele handelingen herinterpreteert als instrumenten voor morele en spirituele transformatie.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De integratie van fiqh, ethiek en mystiek</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Al‑Ghazālī’s benadering van het vasten laat zien hoe hij juridische normativiteit (<em>fiqh</em>), morele disciplinering (<em>akhlāq</em>) en mystieke aandacht (<em>ta</em><em>ṣ</em><em>awwuf</em>) niet als afzonderlijke domeinen beschouwt, maar als onderling verbonden dimensies van één religieuze werkelijkheid. Het eerste niveau van vasten vertegenwoordigt de fiqh‑dimensie: de uiterlijke vorm van gehoorzaamheid. Het tweede niveau vertegenwoordigt de ethische dimensie: de disciplinering van zintuigen en gedrag. Het derde niveau vertegenwoordigt de mystieke dimensie: de innerlijke gerichtheid van het hart op Allāh Ta’ālā (Griffel, 2009).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze integratie is kenmerkend voor al‑Ghazālī’s bredere project in de <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’</em>, waarin hij rituele handelingen herstructureert als pedagogische middelen voor innerlijke transformatie. Het vasten is in dit opzicht exemplarisch: het toont hoe een rituele verplichting kan worden verheven tot een spirituele methode.</p>



<h6 class="wp-block-heading">De driedeling van de ziel en de driedeling van het vasten</h6>



<p class="wp-block-paragraph">De drie niveaus van vasten corresponderen met de drie niveaus van de menselijke ziel:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><em>Ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em> disciplineert de <strong>nafs</strong> door fysieke onthouding.</li>



<li><em>Ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> zuivert het <strong>qalb</strong> door zintuiglijke en morele disciplinering.</li>



<li><em>Ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> activeert de <strong>rū</strong><strong>ḥ</strong> door cognitieve onthouding en contemplatieve aandacht.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Deze correspondentie toont aan dat het vasten niet slechts een rituele handeling is, maar een methode om de ziel te ordenen en te verheffen. Het vasten wordt een middel om de mens te bevrijden van de overheersing van de <em>nafs</em>, het hart te zuiveren van verstoringen en de geest te richten op Allāh Ta’ālā (Heck, 2010).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten als pedagogiek van aandacht</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Een centraal thema in al‑Ghazālī’s analyse is aandacht (<em>murāqaba</em>). In het eerste niveau wordt aandacht gericht op het lichaam; in het tweede niveau op de zintuigen en het gedrag; in het derde niveau op het hart en het bewustzijn. Deze graduele verschuiving van aandacht weerspiegelt de beweging van uiterlijke naar innerlijke religieuze praxis.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het vasten wordt zo een pedagogiek van aandacht: een methode om de mens te trainen in zelfbewustzijn, zelfbeheersing en innerlijke gerichtheid. Deze pedagogiek is essentieel voor al‑Ghazālī’s visie op spirituele ontwikkeling, waarin aandacht de sleutel vormt tot morele zuivering en mystieke kennis (Chittick, 1989).</p>



<h6 class="wp-block-heading">Het vasten als existentiële transformatie</h6>



<p class="wp-block-paragraph">Het hoogste niveau van vasten, <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>, toont dat het vasten uiteindelijk een existentiële transformatie beoogt. Het is niet slechts een handeling die wordt uitgevoerd binnen een bepaalde tijdsperiode, maar een permanente staat van innerlijke gerichtheid. De vastende leeft in een staat van voortdurende aandacht voor Allāh Ta’ālā, zelfs buiten de maand Ramadan. Het vasten wordt een manier van zijn, niet slechts een rituele verplichting (Garden, 2014).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze existentiële dimensie maakt duidelijk waarom al‑Ghazālī het vasten beschouwt als een van de meest verheven vormen van aanbidding. Het vasten is een daad die het lichaam, de zintuigen en het bewustzijn omvat en die de mens in staat stelt om dichter bij Allāh Ta’ālā te komen.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-ddc56385f37c60f33175e40bf9f0bacb">Conclusie</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Dit artikel heeft aangetoond dat al‑Ghazālī’s driedeling van het vasten een diepgaande visie biedt op religieuze praxis waarin lichaam, gedrag en bewustzijn worden geordend in een graduele beweging naar Allāh Ta’ālā gerichtheid. Het vasten wordt niet slechts opgevat als een rituele verplichting, maar als een multidimensionale praktijk die fysieke onthouding, morele disciplinering en contemplatieve aandacht omvat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het eerste niveau, <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>Ā</em><em>mm</em>, vormt het noodzakelijke fundament van rituele conformiteit. Het tweede niveau, <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>, vormt de morele kern van het vasten door de zintuigen en het gedrag te disciplineren. Het derde niveau, <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>, vormt de voltooiing van het vasten door het hart volledig te richten op Allāh Ta’ālā.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze driedeling weerspiegelt al‑Ghazālī’s bredere project om fiqh, ethiek en mystiek te integreren in één coherente religieuze antropologie. Het vasten wordt een pedagogisch instrument dat de mens begeleidt van uiterlijke gehoorzaamheid naar innerlijke zuivering en uiteindelijk naar spirituele nabijheid.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Door het vasten te analyseren als microkosmos van al‑Ghazālī’s religieuze psychologie, wordt duidelijk dat zijn visie op religieuze praxis niet gericht is op rituele conformiteit alleen, maar op de transformatie van de gehele menselijke persoon. Het vasten is een weg naar morele deugd, spirituele verlichting en existentiële vervulling.</p>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-112a4ab725253d49e4f08c4ee7206e4a">Besluit — Het drievoudige vasten als microkosmos van al‑Ghazālī’s religieuze psychologie</h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het drievoudige vasten dat Imām al‑Ghazālī (raḍiyAllāhu ʿanhu) in <em>Kitāb Asrār al‑</em><em>Ṣ</em><em>awm</em> ontvouwt, vormt veel meer dan een classificatie van spirituele niveaus. Het is een uitgewerkt model van menselijke transformatie waarin fiqh, ethiek en mystiek elkaar wederzijds versterken. Uit de analyse van de drie niveaus — <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>ā</em><em>mm</em>, <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> en <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em> — komt een coherent pedagogisch project naar voren dat de mens stap voor stap bevrijdt van lichamelijke afhankelijkheid, zintuiglijke verstrooiing en innerlijke verdeeldheid.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het eerste niveau, <em>ṣ</em><em>awm al‑</em><em>ʿ</em><em>ā</em><em>mm</em>, legt het noodzakelijke fundament door het lichaam te onderwerpen aan de rituele normativiteit van de sharīʿa. Zoals al‑Ghazālī benadrukt, blijft dit niveau echter beperkt zolang de zintuigen en het hart vrij blijven om zich te voeden met immateriële vormen van begeerte. Het tweede niveau, <em>ṣ</em><em>awm al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>, vult deze lacune door een moreel‑ascetisch programma te introduceren dat de ogen, oren, tong en ledematen disciplineert. Hier wordt het vasten een oefening in karaktervorming, gericht op het zuiveren van het hart van morele ruis. Het derde niveau, <em>ṣ</em><em>awm khawā</em><em>ṣṣ</em><em> al‑khawā</em><em>ṣṣ</em>, vormt de voltooiing van dit proces: het hart onthoudt zich van allesbehalve Allāh Taʿālā en bereikt een staat van innerlijke aanwezigheid (<em>ḥ</em><em>u</em><em>ḍ</em><em>ūr</em>) en aandacht (<em>murāqaba</em>).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze driedeling weerspiegelt al‑Ghazālī’s bredere religieuze antropologie, waarin de mens wordt begrepen als een wezen dat bestaat uit <em>nafs</em>, <em>qalb</em> en <em>rū</em><em>ḥ</em>. Elk niveau van vasten correspondeert met een dimensie van de ziel: het lichaam disciplineert de <em>nafs</em>, de zintuigen zuiveren het <em>qalb</em>, en de innerlijke aandacht activeert de <em>rū</em><em>ḥ</em>. Daarmee wordt het vasten een microkosmos van al‑Ghazālī’s integratieve project: een synthese van uiterlijke gehoorzaamheid, morele zuivering en mystieke gerichtheid.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het drievoudige vasten functioneert zo als een pedagogische routekaart die de mens begeleidt van rituele conformiteit naar spirituele intimiteit. Het toont hoe een ogenschijnlijk eenvoudige rituele handeling kan worden getransformeerd tot een instrument van diepgaande morele en existentiële transformatie. In een tijd waarin religieuze praktijken vaak worden gereduceerd tot uiterlijke vormen of psychologische technieken, herinnert al‑Ghazālī’s analyse ons eraan dat ware spirituele groei ontstaat wanneer lichaam, zintuigen en bewustzijn gezamenlijk worden gericht op het Ene doel: nabijheid tot Allāh Taʿālā.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als synthese laat dit onderzoek zien dat het drievoudige vasten niet slechts een onderdeel is van de Iḥyā’, maar een sleutel tot het begrijpen van al‑Ghazālī’s gehele religieuze psychologie. Het is een model dat de mens uitnodigt om het rituele te verdiepen, het ethische te verfijnen en het mystieke te realiseren — een weg van transformatie die begint bij de maag, maar eindigt in het hart.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Lees verder &#8230;.</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><a href="https://tangali.net/verdiensten-van-jumuah-gebed/">Verdiensten van Jumu’ah gebed</a> >>></li>



<li><a href="https://tangali.net/voorwaarden-voor-jumuah-gebed/">Voorwaarden voor Jumu’ah gebed >>></a></li>
</ul>



<h5 class="wp-block-heading has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-77c370aed5d754a0fd038f59b44a806e">Bronnen</h5>



<ul class="wp-block-list">
<li>Al‑Ghazālī, A. H. (z.j.). <em>I</em><em>ḥ</em><em>yā’ </em><em>ʿ</em><em>Ul</em><em>o</em><em>om al‑D</em><em>ī</em><em>n</em>. Dār al‑Maʿrifa.</li>



<li>Chittick, W. C. (1989). <em>The Sufi Path of Knowledge: Ibn al‑</em><em>ʿ</em><em>Arab</em><em>ī’</em><em>s Metaphysics of Imagination</em>. State University of New York Press.</li>



<li>Garden, K. (2014). <em>The First Islamic Reviver: Abū </em><em>Ḥ</em><em>āmid al‑Ghazālī and His Revival of the Religious Sciences</em>. Oxford University Press.</li>



<li>Griffel, F. (2009). <em>Al‑Ghazālī’s Philosophical Theology</em>. Oxford University Press.</li>



<li>Heck, P. L. (2010). Mysticism as morality: The case of al‑Ghazālī. <em>Journal of Religious Ethics, 38</em>(3), 459–489.</li>



<li>Heilige Qur’ān</li>



<li>Karamustafa, A. T. (2007). <em>Sufism: The Formative Period</em>. Edinburgh University Press.</li>



<li>Knysh, A. (2000). <em>Islamic Mysticism: A Short History</em>. Brill.</li>



<li>Qushayrī, A. (2007). <em>Al‑Risāla al‑Qushayriyya</em> (A. Knysh, Vert.). Garnet Publishing.</li>
</ul>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fhet-drievoudige-vasten-volgens-al-ghazali%2F&amp;linkname=Het%20drievoudige%20vasten%20volgens%20al%E2%80%91Ghaz%C4%81l%C4%AB" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fhet-drievoudige-vasten-volgens-al-ghazali%2F&amp;linkname=Het%20drievoudige%20vasten%20volgens%20al%E2%80%91Ghaz%C4%81l%C4%AB" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fhet-drievoudige-vasten-volgens-al-ghazali%2F&amp;linkname=Het%20drievoudige%20vasten%20volgens%20al%E2%80%91Ghaz%C4%81l%C4%AB" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fhet-drievoudige-vasten-volgens-al-ghazali%2F&#038;title=Het%20drievoudige%20vasten%20volgens%20al%E2%80%91Ghaz%C4%81l%C4%AB" data-a2a-url="https://tangali.net/het-drievoudige-vasten-volgens-al-ghazali/" data-a2a-title="Het drievoudige vasten volgens al‑Ghazālī"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ai&#8217;tekāf  (verblijven, logeren in de moskee)</title>
		<link>https://tangali.net/aitekaf-verblijven-logeren-in-de-moskee/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Fri, 14 Mar 2025 08:54:08 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=3110</guid>

					<description><![CDATA[Ai’tekāf is om te verblijven met de intentie van Ai’tekāf ter wille van Allah in de moskee. Er zijn drie soorten Ai’tekāf, Wājib, Sunnat-e-Maukida en Mustahhab. Definitie van Aiʾtekāf Aiʾtekāf betekent het verblijven in de moskee met de expliciete intentie om zich ter wille van Allah Ta’ālā terug te trekken voor aanbidding. Volgens de Ḥanafī-school [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">Ai’tekāf is om te verblijven met de intentie van Ai’tekāf ter wille van Allah in de moskee. Er zijn drie soorten Ai’tekāf, Wājib, Sunnat-e-Maukida en Mustahhab.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Definitie van Ai</strong><strong>ʾtek</strong><strong>āf</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Aiʾtekāf betekent het verblijven in de moskee met de expliciete intentie om zich ter wille van Allah Ta’ālā terug te trekken voor aanbidding. Volgens de Ḥanafī-school zijn er drie categorieën: <strong>Ai</strong><strong>ʾtek</strong><strong>āf W</strong><strong>ājib: </strong>Dit betreft een verplicht Aiʾtekāf dat voortvloeit uit een gelofte (nadhr). Bijvoorbeeld: “Als mijn zus geneest, zal ik twee dagen Aiʾtekāf verrichten.” Zodra de voorwaarde is vervuld, wordt het Aiʾtekāf verplicht. <em>Vasten is een noodzakelijke voorwaarde</em>; zonder vasten is het Aiʾtekāf ongeldig (Durr-e-Mukhtār, vol. 3, p. 431; Fatāwā Razviyya, vol. 10, p. 720).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ai</strong><strong>ʾtek</strong><strong>āf Sunnat-e-Mu</strong><strong>ʾakkadah: </strong>Dit vindt plaats gedurende de laatste tien dagen van Ramaḍān, beginnend bij zonsondergang op de 20e tot zonsondergang op de 30e (of 29e bij waarneming van de maan). Het is <em>Sunnat-e-Kifāyah</em>: als één persoon het uitvoert, is de gemeenschap vrijgesteld; als niemand het doet, zijn allen verantwoordelijk. Vasten tijdens Ramaḍān volstaat als voorwaarde (Hindiyya, vol. 1, p. 211; Durr-e-Mukhtār, vol. 3, p. 432).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ai</strong><strong>ʾtek</strong><strong>āf Mustahhab (Nafl): </strong>Elke andere vorm van Aiʾtekāf buiten de bovengenoemde is aanbevolen. Vasten is <em>geen vereiste</em>. Zelfs een kort verblijf in de moskee met intentie volstaat. De gedachte “Ik verricht Aiʾtekāf voor Allah” is voldoende (ʿĀlamgīrī, vol. 1, p. 211; Bahār-e-Sharīʿat, vol. 5, p. 179).</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Juridisch-theologische regelgeving Tangali:</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Plaats: Voor mannen is een moskee verplicht; voor vrouwen volstaat de ruimte waar zij gewoonlijk Ṣalāh verrichten (Hidāyah, vol. 1, p. 211; Radd-ul-Muḥtār, vol. 3, p. 433).</li>



<li>Verboden onderbreking: Het is <em>ḥarām</em> om zonder geldige reden de moskee te verlaten. Geldige redenen zijn natuurlijke behoeften (toilet, reiniging, ghusl) en religieuze verplichtingen (Jumuʿah, ʿĪd-Ṣalāh) indien niet beschikbaar in de moskee (ʿĀlamgīrī, vol. 1, p. 212).</li>



<li>Verblijf en gedrag: De Muʾtakif eet, drinkt en slaapt in de moskee. Verlaat hij deze ruimte zonder geldige reden, dan wordt het Aiʾtekāf verbroken (Durr-e-Mukhtār, vol. 3, p. 434).</li>



<li>Handel: Kopen en verkopen is toegestaan voor noodzakelijke items, mits het geen commerciële intentie betreft (Radd-ul-Muḥtār, vol. 3, p. 435).</li>



<li>Activiteiten: Zwijgen zonder reden is afkeurenswaardig. Aangeraden zijn: Qurʾān recitatie, Hadithstudie, Dhikr, religieuze lezingen en schrijven over Islamitische kennis (Durr-e-Mukhtār, vol. 3, p. 436).</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Breken en Qazā van Ai</strong><strong>ʾtek</strong><strong>āf</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Mustahhab Aiʾtekāf: Geen Qazā vereist.</li>



<li>Sunnat Aiʾtekāf: Alleen de verbroken dag vereist Qazā.</li>



<li>Wājib Aiʾtekāf: Als de intentie was voor aaneengesloten dagen, moet het Aiʾtekāf opnieuw worden gestart. Bij niet-aaneengesloten intentie volstaat het hervatten vanaf het breekpunt (Fatāwā Razviyya, vol. 10, p. 725).</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>APA-verwijzingen (voorbeeldstijl)</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Aḥmad Raza Khan Bareilwī. (2005). <em>Fatāwā Razviyya</em> (Vol. 10). Lahore: Raza Foundation.</li>



<li>Ibn ʿĀbidīn. (n.d.). <em>Radd-ul-Mu</em><em>ḥtār </em><em>ʿalā al-Durr al-Mukht</em><em>ār</em> (Vol. 3). Cairo: Dar al-Fikr.</li>



<li>Al-Marghīnānī. (n.d.). <em>Al-Hidāyah</em>. Beirut: Dar al-Kutub al-ʿIlmiyya.</li>
</ul>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Faitekaf-verblijven-logeren-in-de-moskee%2F&amp;linkname=Ai%E2%80%99tek%C4%81f%20%C2%A0%28verblijven%2C%20logeren%20in%20de%20moskee%29" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Faitekaf-verblijven-logeren-in-de-moskee%2F&amp;linkname=Ai%E2%80%99tek%C4%81f%20%C2%A0%28verblijven%2C%20logeren%20in%20de%20moskee%29" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Faitekaf-verblijven-logeren-in-de-moskee%2F&amp;linkname=Ai%E2%80%99tek%C4%81f%20%C2%A0%28verblijven%2C%20logeren%20in%20de%20moskee%29" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Faitekaf-verblijven-logeren-in-de-moskee%2F&#038;title=Ai%E2%80%99tek%C4%81f%20%C2%A0%28verblijven%2C%20logeren%20in%20de%20moskee%29" data-a2a-url="https://tangali.net/aitekaf-verblijven-logeren-in-de-moskee/" data-a2a-title="Ai’tekāf  (verblijven, logeren in de moskee)"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Vasten in de Ramadān, een verdieping</title>
		<link>https://tangali.net/vasten-in-de-ramadan-een-verdieping/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 10 Mar 2025 12:30:22 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=3091</guid>

					<description><![CDATA[Inleiding Een van de vijf principes van de Islam is om elke dag te vasten in de gezegende maand Ramadān al-Mubārak. Het vasten werd verplicht op de tiende dag van de maand Sha’bān, achttien maanden na de Hegira en een maand voor de Ghazâ (Heilige Oorlog) van Bedr. Ramadān al-Mubārak betekent branden. De zonden van [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<h5 class="wp-block-heading"><strong>Inleiding</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">Een van de vijf principes van de Islam is om elke dag te vasten in de gezegende maand Ramadān al-Mubārak. Het vasten werd verplicht op de tiende dag van de maand Sha’bān, achttien maanden na de Hegira en een maand voor de Ghazâ (Heilige Oorlog) van Bedr. Ramadān al-Mubārak betekent branden. De zonden van degenen die vasten en Allāh Ta’ālā in deze maand om vergeving smeken, zullen branden en vergaan.</p>



<h5 class="wp-block-heading"><strong>Begin Ramadān al-Mubārak en de zegeningen</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">In het boek <strong>Riy</strong><strong>ād-un-N</strong><strong>āsihīn</strong> staat geschreven dat Hazrat Abu Hurairah (radi Allāhu anhu) in het boek Bukhārī verklaarde: de Profeet ﷺ verklaarde: &#8220;Wanneer de maand Ramadān komt, worden de poorten van het Paradijs geopend en de poorten van de Hel gesloten, en de duivels worden gebonden.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Imam-ul-Aimma Muhammad bin Is&#8217;haq bin Huzeyma schrijft dat Hazrat Selman-i-Farsi (radi Allāhu anhu) heeft overgeleverd dat Rasoolullah ﷺ in zijn Khutbah op de laatste dag van de maand Sha’bān had verklaard: &#8220;O moslims! Zo&#8217;n geweldige maand staat op het punt je te overschaduwen dat één nacht [Qadr-nacht] in deze maand gunstiger is dan duizend maanden. Allāh Ta’ālā heeft bevolen om in deze maand dagelijks te vasten. Ook is het een soenna om de namāz van Tarawīh &#8216;s nachts in deze maand uit te voeren. Het doen van een kleine gunst ter wille van Allāh Ta’ālā tijdens deze maand is als het doen van een farz daad in andere maanden. De farz daden laten in deze maand is hetzelfde als zeventig farz doen in andere maanden. Deze maand is de maand van het geduld. De plaats waar de geduldige persoon naartoe zal gaan is het paradijs. Deze maand is de maand van goed met elkaar opschieten. Er is een toename in het levensonderhoud van gelovigen gedurende deze maand. Als een persoon in deze maand iets geeft aan een vastende persoon, zullen zijn zonden worden vergeven. Allāh Ta’ālā zal hem uit het hellevuur bevrijden. En hem zal evenveel zegeningen worden gegeven als die vastende persoon.&#8221; De Sahabah zeiden: &#8220;O Rasoolullah! Ieder van ons is niet zo rijk om de Iftār aan een vastende persoon te geven of hem een hele maaltijd te geven. De Boodschapper ﷺ verklaarde: &#8220;De zegeningen zullen zelfs gegeven worden aan een persoon die een dadel geeft als de Iftār of die een beetje water geeft om het vasten te verbreken of die een beetje melk aanbiedt. Deze maand is zo&#8217;n maand dat er in het begin mededogen is, in het midden vergeving en in de laatste dagen bevrijding uit de hel. Allāh Ta’ālā zal die [beschermheren, leiders, commandanten en directeuren] vergeven en redden van het hellevuur die de plichten van [arbeiders, ambtenaren, soldaten en studenten] vergemakkelijken. Doe vier dingen heel vaak in deze maand! Twee van hen houdt Allāh Ta’ālā erg van. Zij moeten de Kalma-e-Shahāda en de Istaghfār zeggen.<a href="#_ftn1" id="_ftnref1">[1]</a> En de andere twee moet je te allen tijde doen. Zij moeten het Paradijs vragen aan Allāh Ta’ālā en zich aan Allāh Ta’ālā toevertrouwen om beschermd te worden tegen de Hel. Iemand die in deze maand water geeft aan een vastende persoon, zal nooit water nodig hebben op de Dag van de Opkomst.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een hadith in Sahīh Bukhārī verklaart: &#8220;Als een persoon het als verplicht en als een plicht kent om te vasten in de maand Ramadān al-Mubārak en als hij de Sawāb ervan verwacht van Allāhu Ta’ālā, zullen zijn zonden uit het verleden worden vergeven.&#8221; Dat betekent dat het nodig is om te geloven dat vasten het Gebod van Allāh Ta’ālā is en om er zegeningen voor te verwachten. Het is een voorwaarde om niet te klagen dat de dagen (te) lang zijn of dat het moeilijk is om te vasten. Men zou het als geluk en een groot fortuin moeten beschouwen om met moeite te vasten onder mensen die niet vasten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het wordt verklaard in een hadith, die wordt geciteerd uit Jābir ibn Abdullah (radi Allāhu anhu) door Abdul &#8216;Azīm Munzirī, die een hāfiz [geleerde van hadith] was, in zijn boek <strong>Itterghīb Wetterhīb</strong>, en door hāfiz Ahmad Bayhakī in zijn boek Sunan dat de Profeet ﷺ zei: &#8220;In Ramadān schenkt Allāh Ta’ālā vijf geschenken aan mijn Ummah, die Hij aan geen enkele andere Profeet heeft gegeven:&nbsp; (1) De eerste nacht van Ramadān al-Mubārak Allāh Ta’ālā beschouwt de gelovigen met mededogen. Hij kwelt nooit een geboren slaaf van Hem die Hij met mededogen beschouwt. (2) Op het moment van Iftār ruikt de adem van de vastende persoon voor Allāh Ta’ālā geuriger dan welke geur dan ook. (3) Tijdens de Ramadān al-Mubārak bidden de engelen dag en nacht, opdat degenen die vasten vergeving van hun zonden zullen ontvangen. In Ramadān al-Mubārak wijst Allāh Ta’ālā een plaats in het Paradijs toe om te geven aan degenen die vasten. (5) Op de laatste dag van Ramadān al-Mubārak vergeeft Hij de zonden van alle gelovigen die gevast hebben.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hazrat Imām-e-Rabbānī &#8216;quddisa sirruh&#8217; stelt in de vijfenveertigste schriftuur van het eerste deel van Maktubāt: &#8220;De dooi die gegeven wordt voor alle nafl vereringen, zoals vrijwillige namāz, zikr, en aalmoezen die worden verricht tijdens de maand Ramadān, is gelijk aan die welke gegeven wordt voor de verplicht vereringen die in andere maanden worden verricht. Eén farz die in deze maand wordt uitgevoerd, is hetzelfde als zeventig verplichte daden die in andere maanden wordt uitgevoerd. Een persoon die (de maaltijd genaamd) Iftār serveert aan een vastende persoon zal zijn zonden vergeven worden. Hij zal bevrijd worden uit de hel. Ook zal hem evenveel zegeningen worden gegeven als de vastende persoon wordt gegeven, terwijl de zegeningen van de vastende persoon helemaal niet zullen afnemen. Ook zullen superieuren die het in deze maand gemakkelijker maken, zodat mensen onder hun bevel gemakkelijk kunnen vasten, hun zonden vergeven krijgen. Ze zullen bevrijd worden van de hel. Tijdens de maand Ramadān al-Mubārak zou Rasoolullah ﷺ slaven bevrijden en geven waar hij om gevraagd werd. Degenen die in deze maand aanbidding en goede daden verrichten, krijgen de zegeningen voor het uitvoeren ervan het hele jaar door. Wie deze maand niet respecteert en er zonden in begaat, brengt het hele jaar door met het begaan van zonden. Men moet deze maand als een goede gelegenheid beschouwen. Men moet zoveel mogelijk aanbidding verrichten. Men moet de daden verrichten die Allāh Ta’ālā bevalt. Men moet deze maand aangrijpen als een kans om het Hiernamaals te verdienen. De Heilige Qur’ān werd geopenbaard tijdens de Ramadān al-Mubārak. De nacht van Qadr is in deze maand. Het is soenna om de Iftār [het vasten te verbreken] met dadels in Ramadān. Enkele belangrijke soennats tijdens de Ramadān al-Mubārak zijn het bidden. bij het verrichten van de Iftār [zoals vermeld in de Shalbi annotatie bij Tabi’īn], het verrichten van de namāz van Tarawīh, en het lezen van de gehele Heilige Qur’ān.&#8221;</p>



<h5 class="wp-block-heading"><strong>Het vasten heeft drie verplichtingen</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">(1) Niyyah (voornemen), (2) om de vroegste tijd van de niyyah te kennen, evenals de laatste tijd en (3) om de dingen af te weren die het vasten zullen verbreken vanaf de zonsopgang (fajr sādiq) tot zonsondergang, [dat wil zeggen, binnen de Shar’ī dag].<a href="#_ftn2" id="_ftnref2">[2]</a></p>



<h5 class="wp-block-heading"><strong>Er zijn acht soorten vasten</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">(1) De vasten die een plicht zijn. Verplicht vasten heeft ook twee soorten: degene die op een bepaald moment wordt uitgevoerd en het vasten tijdens Ramadān, (2) het vasten dat verplicht is en toch niet op een bepaald moment wordt uitgevoerd. Voorbeelden hiervan zijn het vasten van qazā (inhalen) en kaffārat, maar het vasten van kaffārat is farz-e-&#8216;Amalî. Dit wil zeggen, hij die het ontkent, wordt geen ongelovige. (3) Het vasten dat wājib is en dat ook op een bepaald tijdstip wordt uitgevoerd, zoals de gelofte om op een bepaalde dag of op een bepaalde dag te vasten. (4) Het vasten dat op willekeurige momenten wordt uitgevoerd.<a href="#_ftn3" id="_ftnref3">[3]</a> (5) Het vasten dat soenna is, zoals vasten op de negende en tiende dag van Muharram. (6) Het vasten dat mustahab is, voorbeelden hiervan zijn het vasten op de dertiende, veertiende en vijftiende dag van elke Arabische maand, het vasten alleen op vrijdag, het vasten op de dag van &#8216;Arafa, dat is de dag voorafgaand aan de &#8216;Eid van Qurbāni. Er wordt ook gezegd (door sommige geleerden) dat het makruh is om alleen op vrijdag te vasten. Iemand die op vrijdag wil vasten, kan beter ook op donderdag of zaterdag vasten. Want het is beter om iets te vermijden waarvan gezegd wordt dat het soenna of makruh is. (7) Het vasten dat harām is. Het is harām om te vasten op de eerste dag van de &#8216;Eid van Fitra en op elk van alle vier de dagen van de &#8216;Eid van Qurbāni. (8) Het vasten dat makruh is: alleen vasten op de tiende dag van Muharram, alleen op zaterdagen, op de dagen van Nawruz en Mihrijan, [die respectievelijk de twintigste dagen van maart en september zijn], om elke dag gedurende het hele jaar te vasten, en om te vasten zonder te praten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In een hadith die in <strong>Mar</strong><strong>āqil-Fal</strong><strong>āh</strong> wordt geciteerd, wordt verklaard: &#8220;Als je de maan ziet, begin dan met vasten! Als je haar weer ziet, stop dan met vasten.&#8221; Volgens dit Gebod begint de maand Ramadān al-Mubārak wanneer de wassende maan (de nieuwe maansikkel) voor het eerst wordt waargenomen. In Ibn &#8216;Âbidīn’s bespreking van de Qibla en in de boeken Ashī&#8217;at-ul-Lama&#8217;āt en Ni&#8217;mat-e-Islam, merken de auteurs &#8216;Rahmatullāhi Ta’ālā &#8216;alaihim ajma’īn&#8217; op dat het niet is toegestaan om te beginnen met vasten door te verwijzen naar een kalender die is opgesteld of door berekening voordat de nieuwe halve maan wordt gezien. Het is wājib-e-Kifāya voor elke moslim om op de dertigste van de maand Sha’bān op het moment van zonsondergang uit te kijken naar de nieuwe halve maan en naar de Qāzi te gaan en hem te informeren zodra ze de nieuwe maan zien. Taqiyyuddîn Muhammad ibn Daqīq stelt dat de nieuwe maan nooit kan worden waargenomen vóór één of twee dagen na de ijtimâ&#8217;-e-Neyyireyn (samenvoeging).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Geleerden van de vier Mazahib stellen unaniem dat het vasten begint bij het begin van de witheid op een bepaald punt van de horizon, dat fajr-e-sādiq wordt genoemd. In het boek <strong>Multaq</strong><strong>ā</strong> staat vermeld: &#8220;Vasten is niet het eten, drinken of geslachtsgemeenschap hebben van zonsopgang tot zonsondergang. Het is ook wenselijk om met het hart (op elk moment) binnen de periode vanaf de zonsondergang van de vorige dag tot de tijd van dahwa-e-kubrā te zijn op de dag waarop je zult vasten in de maand Ramadān al-Mubārak. Zo is het ook met de tijd van niyyah voor een vasten dat gezworen is voor een bepaalde dag en voor een bovengronds vasten. Het is noodzakelijk om voor elke individuele dag te plannen. Wanneer men de intentie heeft om in Ramadān al-Mubārak te vasten, is het ook toegestaan om de intentie te hebben om alleen maar te vasten of om te vasten zonder de naam Ramadān al-Mubārak te noemen. De tijd van dahwa-e-kubrā is het midden van de duur van het vasten, dus van de islamitische dag; daarom is het voor de middag. Het interval tussen deze twee tijden (tussen de tijd van dahwa-e-kubrā en de tijd van de middag) is gelijk aan de helft van het tijdsinterval tussen de tijd van zonsopgang en de tijd van fajr, of imsāk, dat wil zeggen, evenveel minuten als de helft van de tijd die Hissa-e-fajr wordt genoemd. [Gebaseerd op de tijd die Adhānī wordt genoemd, is dahwa-e-kubrā Fajr+(24-Fajr)÷2=Fajr+12-Fajr÷2=12+Fajr÷2. Met andere woorden, de helft van de Fajr-tijd vanaf 12 uur &#8216;s morgens is dahwa-e-kubrā.] Zoals men niyyah maakt vóór Fajr, dus vóór de tijd van imsāk, zegt men: &#8220;Ik doe niyyah (voornemen) om morgen te vasten.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">En als men niyyah maakt na de Imsāk, zegt men: &#8220;Ik maak niyyah te vasten vandaag.&#8221; Aangezien het vasten tijdens de Ramadān al-Mubārak verplicht is voor elke moslim, is het verplicht voor degenen die niet kunnen vasten om er qazâ van te maken, (dat wil zeggen, om later te vasten). Het vasten van qazâ of kaffārat en het vasten dat is gezworen maar niet voor een bepaalde dag kan niet bedoeld zijn voor na de dageraad.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Om Ramadān al-Mubārak te zijn, moet de nieuwe maan worden waargenomen en aan de hemel worden gezien op het moment van zonsondergang op de negenentwintigste van Sha’bān of, als het niet kan worden gezien, moet de dertigste dag van Sha’bān voorbij zijn. Er wordt gevast tot de tijd van het vroege middaggebed op de dertigste dag van Sha’bān, en dan wordt het vasten verbroken als de dag niet wordt aangekondigd als Ramadān al-Mubārak. Het is makruh tahrīmī om het niet te verbreken en door te gaan met vasten. Als men begint te vasten zonder de nieuwe maan te observeren die het begin van Ramadān al-Mubārak aangeeft, en als vervolgens de nieuwe maan wordt gevierd in de negenentwintigste nacht, wat betekent (dat de volgende dag het begin is van de volgende maand, Shawwāl, waarvan de eerste dag tegelijkertijd de eerste dag is van) &#8216;Eid,&nbsp; qaza voor één dag wordt verricht (dat wil zeggen, men vast weer een dag), na de &#8216;Eid, als bekend is dat de maand Sha’bān is begonnen met de waarneming van de nieuwe maan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Aan de andere kant staat er in (de beroemde boeken) <strong>Hindiyya</strong> en <strong>Q</strong><strong>āzi-Khân</strong> geschreven dat, als bekend is dat de maand Sha’bān niet is begonnen met de waarneming van de nieuwe maan, men qaza maakt voor twee dagen, (dat wil zeggen, men vast twee dagen met de intentie van qaza.) Bij bewolkt weer, wanneer een &#8216;ādil (rechtvaardig, geen grote zondaar) moslimvrouw of -man zegt dat zij of hij de nieuwe maan heeft gezien, en bij helder weer, wanneer veel mensen zeggen dat ze het hebben gezien, kondigt de Qāzi, dat wil zeggen, de rechter die de ahkām-e-islāmiyya executeert, aan dat het Ramadān al-Mubārak is. Op plaatsen zonder een Qāzi begint Ramadān al-Mubārak wanneer een &#8216;ādil persoon zegt dat hij de nieuwe maan heeft gezien. Het is vastbesloten om de &#8216;Eid te zijn wanneer twee &#8216;ādil moslims zeggen dat ze (de nieuwe maan) hebben gezien. &#8216;Ādil betekent (iemand) die geen ernstige zonden begaat en die er geen gewoonte van heeft gemaakt om dagelijkse zonden te begaan. [Het is een ernstige zonde om namāz (salāt) op te geven. Het woord van een persoon van twijfelachtige &#8216;adāla is ook acceptabel. Het staat ook in het Fatāwā-e-Hindiyya geschreven dat het niet is toegestaan om te beginnen met (vasten in) Ramadān al-Mubārak, of (te stoppen met vasten om de) &#8216;Eid te vieren door (de) kalender of berekening (als leidraad) te nemen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het staat geschreven op pagina 139 van Hadīqa: &#8220;Houders van bid&#8217;at, dat wil zeggen, alle tweeënzeventig groepen die zijn afgeweken van de Ahle soenna, zijn niet &#8216;ādil, ook al zijn ze Ahle Qibla en doen ze allerlei soorten aanbidding. Want, of ze zijn mulhiden geworden en hebben hun Imān verloren, of ze zijn houders van bid&#8217;at, en ze schelden de (ware moslims die worden genoemd) de Ahle soennat, wat ook een ernstige zonde is.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het boek <strong>Durr-ul-Mukhtār</strong>, dat ons adviseert over hoe we een getuige moeten zijn en hoe we ons getuigenis moeten geven, zegt: &#8220;Kwaad spreken over een moslim is een zonde. Het vernietigt iemands &#8216;adāla. (Als iemand deze ernstige zonde begaat), moet zijn getuigenis niet worden aanvaard.&#8221; Daarom, bij het bepalen van de tijden voor Ramadān al-Mubārak, &#8216;Eid, hadj, Iftār en namāz, of bij het zoeken naar enige religieuze kennis, moet men het getuigenis van de lā mazahib (mensen zonder een bepaalde geautoriseerde Mazhab) niet accepteren.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wanneer de nieuwe maan in een stad wordt gezien in de dertigste nacht van Sha’bān, is het noodzakelijk om over de hele wereld met het vasten te beginnen. De nieuwe maan die overdag te zien is, is de nieuwe maan van de volgende avond. Ook een moslim die naar een van de polen of naar de maan gaat, moet daar vasten gedurende de dagen van deze maand, tenzij hij de bedoeling heeft gehad safari<a href="#_ftn4" id="_ftnref4">[4]</a> te zijn. Op dagen langer dan vierentwintig uur begint hij het vasten door de tijd en verbreekt het door de tijd. Hij past zich aan de tijd aan die de moslims volgen in een stad waar de dagen niet zo lang zijn. Als hij niet vast, maakt hij er qaza van als hij naar een stad gaat waar de dagen niet lang zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De eerste dag van de Ramadān al-Mubārak (bepaald en waarbij het vasten is) die begint bij het zien van de nieuwe maan kan een dag zijn die volgt op die welke door berekening wordt geschat, maar het kan niet de dag ervoor zijn. Het geval is hetzelfde met de dag van &#8216;Arafa, waarin we verblijven voor de waqfa in &#8216;Arafat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op pagina 283 van het boek <strong>Bahr</strong> wordt gezegd<a href="#_ftn5" id="_ftnref5">[5]</a>: &#8220;Als een gevangene zich in het land van een ongelovigen bevindt, de juiste tijd van Ramadān al-Mubārak niet kent, doet hij een onderzoek en vast een maand wanneer hij vermoedt dat het de maand Ramadān al-Mubārak is. Later, als hij op de hoogte is van de juiste tijd, zal hij qaza maken van de dagen dat hij voor de Ramadān al-Mubārak heeft gevast. Als hij zijn vasten begon na de juiste dag, maar zijn intentie maakte voor zonsopgang (elke dag vastte hij), worden alle dagen dat hij vastte geteld als qaza. Als een dag waarop hij vastte samenviel met de eerste dag van Eid-ul-Fitr, zal hij een extra qaza voor die dag maken.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op plaatsen waar de Ramadān al-Mubārak of &#8216;Eid wordt begonnen door te vertrouwen op kalenders en astronomische calculaties in plaats van door te kijken naar de nieuwe maan aan de hemel, kan het vasten en &#8216;Eid een dag voor of na de juiste tijd zijn begonnen. Zelfs als de eerste en laatste dagen van het vasten samenvielen met de juiste tijd van Ramadān al-Mubārak, zou het twijfelachtig zijn of het Ramadān-dagen waren of niet.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ibn &#8216;Âbidīn (radi Allāhu anhu) zegt in het hoofdstuk over Ramadān al-Mubārak: &#8220;Vasten is tahrīmī makruh op dagen waarvan niet met zekerheid bekend is dat het de juiste dagen van Ramadān al-Mubārak zijn. Het is geen excuus om niet op de hoogte te zijn van de eredienst in een land van moslims.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarom, op plaatsen waar de Ramadān al-Mubārak begint met het vertrouwen op een kalender of met het imiteren van lā-mazhabî-landen, zal het nodig zijn om twee extra dagen qaza te vasten. Ongelovigen en de vijanden van de Islam veranderen overal moslimlanden in bloed, slopen en vernietigen moskeeën en andere islamitische kunstwerken, aan de ene kant; en vinden ongeletterde, ketterse en immorele mensen die in moslimlanden wonen en via hen de islamitische leer ontwortelen, hun eigen ketterijen en leugens schrijven in naam van de islam,&nbsp; en het aanvallen van de boeken geschreven door de geleerden van Ahle soenna, aan de andere kant. Deze aanslagen tegen de islam worden alleen en altijd gepland door Britse samenzweerders. Ze zeggen bijvoorbeeld: &#8220;Wie heeft die eigenaardigheid van twee dagen vasten met de bedoeling van qaza na Ramadān al-Mubārak uitgevonden? Niets van dit soort bestaat in welk boek dan ook.&#8221; Het is verkeerd om te zeggen dat het niet in boeken staat. Want de maand Ramadān al-Mubārak begon altijd met het zien van de nieuwe maan, overal en in elke eeuw. Het zou daarom niet nodig zijn om nog twee dagen te vasten met de bedoeling qaza te maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Vandaag de dag beginnen moskeeën de maand Ramadān al-Mubārak echter op het moment dat de nieuwe maan van tevoren berekend is om waargenomen te worden. Daarom is het begin van Ramadān al-Mubārak niet in overeenstemming met de ahkām-e-islāmiyya (regels van de islam). Dat deze verkeerde toepassing moet worden rechtgezet door twee dagen te vasten met de bedoeling qaza na &#8216;Eid van Ramadān al-Mubārak, staat geschreven in <strong>Taht</strong><strong>āwī&#8217;s</strong> annotatie bij (Shernblālī&#8217;s commentaar op) Marāqil-Falāh.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In het boek <strong>Majmu&#8217;a-e-Zuhdiyya</strong> staat geschreven: &#8220;Een persoon die de nieuwe maan van de maand Shawwāl ziet, kan zijn vasten niet verbreken. Want bij bewolkt weer is het noodzakelijk dat twee mannen of een man en twee vrouwen getuigen dat ze de nieuwe maan van Shawwāl hebben gezien. Als de lucht helder is, is het voor veel mensen noodzakelijk om getuige te zijn van de manen van Ramadān al-Mubārak en Shawwāl.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het staat in <strong>Qāzi Khân</strong>: &#8220;Als de nieuwe maan ondergaat na de Shafaq (nachtgebed), behoort het tot de tweede nacht (van de nieuwe maand); als het voor de Shafaq ondergaat, behoort het tot de eerste nacht.<a href="#_ftn6" id="_ftnref6">[6]</a></p>



<p class="wp-block-paragraph">Om je voor te bereiden op het vasten van Ramadān is het nodig om te stoppen met vasten op de vijftiende van Sha’bān en het lichaam te versterken door het eten van voedzaam sterk en heerlijk voedsel, en het zo voor te bereiden op het doen van de scheten. Arbeiders, soldaten en studenten die de gewoonte hebben om de vasten van de soenna na de vijftiende Sha’bān te verrichten, moeten deze in hun vrije tijd na de Ramadān al-Mubārak verrichten. Het is ook soenna om de soenna uit te stellen om de verplicht te doen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is soenna om zich te haasten naar de Iftār en om de sahur te laat te hebben, op voorwaarde dat het is voordat de fajr aanbreekt. De Profeet ﷺ was erg enthousiast over het observeren van deze twee sunnats. In <strong>Dürer</strong> staat geschreven: &#8220;De maaltijd die ten tijde van seher wordt gegeten, wordt sahur genoemd. De tijd van seher is het laatste zesde deel van de nacht, [dus (van de tijd) van de zonsondergang van de Shar’ī tot de tijd van imsāk.]&#8221; Het is tot een soenna gemaakt om zich te haasten voor de Iftār en om de sahur te laat te hebben, misschien omdat het laat zien dat de mens zwak en behoeftig is. In feite zijn aanbiddingen bedoeld om zwakte en nood te tonen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In het boek <strong>Riyād-un-Nāsihīn</strong> wordt gezegd: &#8220;Een ayat-e-Karim in Surah al-Baqarah luidt: &#8216;Eet en drink totdat je in staat bent een witte draad van een zwarte draad te onderscheiden.&#8217; Later werd het woord fajr in geopenbaard om aan te geven dat deze draden het daglicht en de duisternis van de nacht vertegenwoordigen. Zo werd begrepen dat het vasten zou beginnen wanneer de witheid van de dag kon worden onderscheiden van de zwartheid van de nacht als draden.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">In de boeken <strong>Majm</strong><strong>ā&#8217;-ul-Anhur</strong> en <strong>Hindiyya</strong> wordt gezegd: &#8220;Volgens de meerderheid van de Hanafi-geleerden, wanneer de witheid op een plaats aan de horizon verschijnt, begint de imsāk-tijd en zou het vasten moeten beginnen. 15 Minuten na de imsāk-tijd, wanneer de witheid zich als een draad over de horizon heeft verspreid, begint de tijd van het ochtendgebed. Het zou verstandig zijn dienovereenkomstig te handelen. [Dat wil zeggen, het zou beter en voorzichtiger zijn.] Het vasten en bidden van iedereen die dit beleid volgt, zal geldig zijn volgens alle geleerden, maar als hij begint te vasten na de als tweede genoemde imsāk-tijd (d.w.z. vijftien minuten later), zal het twijfelachtig zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De Imsāk-tijd wordt bepaald door astronomische berekeningen en geschreven in kalenders. Tegenwoordig wordt in sommige kalenders de tweede keer, ja zelfs later, wanneer de roodheid van de zon zich over de horizon verspreidt, geschreven als het begin van het vasten. Als iemand zich aan deze nieuwe kalenders houdt, is zijn vasten onjuist en ongeldig. Of, in het beste geval, zal de geldigheid van hun vasten twijfelachtig zijn. Het verschil tussen deze twee tijden (het begin van het vasten en het ochtendgebed) is ongeveer 10 minuten en wordt &#8220;Voorzorg tijd&#8221; genoemd. Het is niet correct om die tijd te beschrijven als &#8220;tamkīn&#8221;. De auteur van het boek, <strong>Bahr-ur-R</strong><strong>āiq</strong>, informeert ons dat het makruh zou zijn om de vastentijd uit te stellen tot de twijfelachtige tijd. In feite zullen de vasten die beginnen na het verschijnen van roodheid helemaal niet geldig zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Shernbali &#8216;Rahmatullāhi Ta’ālā &#8216;alaih&#8217;, stelt in het boek <strong>Noor-ul-Id</strong><strong>āh</strong>: &#8220;Het is mustahab om de Iftār vroeg te hebben in wolkeloze nachten.&#8221; In zijn commentaar op hetzelfde boek zegt hij: &#8220;Op bewolkte nachten moet men voorzichtig zijn om te voorkomen dat het vasten wordt verbroken, [dat wil zeggen, men moet de Iftār een beetje uitstellen]. Iemand die de Iftār eet voordat de sterren worden gezien, heeft het vroeg genoeg gedaan.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Tahtāwī</strong> zegt in zijn annotatie bij het boek: &#8220;Het is mustahab om het vasten te verbreken voordat het avondgebed wordt verricht. Zoals geschreven staat in het boek <strong>Bahr</strong> [en ook in Ibn &#8216;Âbidīn’s], betekent haasten naar de Iftār het hebben van de Iftār voordat de sterren worden gezien.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is ook mustahab om op dat moment het avondgebed te verrichten; dat wil zeggen, om het vroeg uit te voeren. Wanneer het goed begrepen is dat de zon is ondergegaan, worden eerst (de (gebeden genoemd) &#8216;A&#8217;ûdhu&#8217; en &#8216;BasmAllāh&#8217; gezegd en onmiddellijk daarna wordt het volgende gebed gezegd: &#8220;<strong><em>Allâhumma yâ wâsi&#8217;al maghfireh ighfirlî wa li-wâlideyya wa li ustâziyya wa li-l-mu&#8217;minîna wa-l-mu&#8217;minât yawma yekûm-ul hisâb</em></strong>.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Vervolgens worden er een paar hapjes gegeten voor Iftār. Dan wordt het volgende gebed gezegd: &#8220;<strong><em> Allahumma inni laka sumtu wa bika aamantu wa alayka tawakkaltu wa ala rizq-ika-aftartu</em></strong>.&#8221; (De betekenis van dit gebed is: O Allah! Ik vastte voor U en ik geloof in U en ik stel mijn vertrouwen in U en ik verbreek mijn vasten met Uw levensonderhoud.)</p>



<p class="wp-block-paragraph">Vervolgens wordt de Iftār gemaakt door het eten van dadels, water, olijven of zout. Dat wil zeggen, het vasten is verbroken. Dan wordt het avondgebed in Jama’ah verricht in een moskee of thuis. Dan wordt het avondeten gebruikt. Omdat het lang zal duren om het eten aan tafel te eten, vooral tijdens de Ramadān al-Mubārak, moet de Iftār worden gemaakt met een beetje voedsel en het avondmaal moet na het avondgebed worden genuttigd, zodat het avondgebed vroeg kan worden verricht en de maaltijd met gemak en zonder haast kan worden gegeten. Het vasten zal dus vroeg worden verbroken en het gebed zal vroeg worden verricht.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Waar het terrein vlak is, zoals zeeën en vlaktes, of op elk punt waar er geen barrière is, zoals heuvels en gebouwen ertussen, vindt zonsondergang plaats wanneer de bovenste ledemaat van de zon onder de zichtbare horizon verdwijnt [niet de echte horizon]. Op dat moment zal de zon nog steeds de heuvels aan de oostkant verlichten. Voor iemand die niet in staat is om de zonsondergang op de zichtbare horizonlijn te zien, is de zonsondergang Shar’ī zonsondergang, dat is het verdwijnen van de zon onder de Shar’ī horizon, op welk moment de zon niet langer de bergen en wolken aan de oostkant verlicht. De lichten trekken zich terug en de oostkant wordt donkerder.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op heuvelachtig of bergachtig terrein is het niet voldoende dat de zon achter de heuvels en gebouwen verdwijnt, maar het is ook nodig dat het licht overal zwak wordt en dat de lucht aan de oostkant donkerder wordt. Aangezien de tijden van de Shar’ī zonsondergang op kalenders zijn geschreven, is het noodzakelijk voor degenen die de zichtbare horizon niet kunnen zien om Iftār te verrichten in overeenstemming met de kalender.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ibn &#8216;Âbidīn</strong>, terwijl hij de mustahab van het vasten bespreekt, zegt: &#8220;Mensen die in lage gebieden wonen, zouden Iftār moeten hebben als ze de zonsondergang zien. Degenen die op grotere hoogten wonen, kunnen de Iftār niet op hetzelfde moment hebben als de eersten, omdat ze op dat moment geen zonsondergang zien.&#8221; Hij informeert ons dat de hadith die luidt: &#8220;Iftār begint wanneer de nacht daar begint&#8221;, die hij citeert in de loop van zijn uitweiding over vasten, betekent dat de Iftār wordt gehouden wanneer het donker begint te worden aan de oostkant. [Het begin van het donker betekent het verdwijnen van het licht, zelfs in de hoogste gebieden.]</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is mustahab om de Iftār te hebben voordat het avondgebed wordt verricht. De mustahab moet echter zonder worden gedaan om een daad van aanbidding te redden van het gevaar van niets te doen. Men moet eerst het avondgebed verrichten en dan de Iftār hebben. De Iftār zal dus nog steeds worden verkregen voordat de sterren worden gezien. Dat wil zeggen, men zal zich hebben gehaast en zijn vasten zal veilig zijn voor het gevaar van nietigheid en nietigheid. Het is mogelijk om de Maghrib salāt (avondgebed) opnieuw te verrichten voordat de tijd voorbij is. De fout dat men zich op de kalender, de klok, de kaarsen, het geweer of de Azān bevindt, voorkomt niet dat iemands vasten ten onder gaat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ibn &#8216;Âbidīn zegt in het gedeelte over gebedstijden: &#8220;Het starten van de Iftār vereist twee &#8216;ādil moslims&#8217; die melden dat de zon is ondergegaan. Zelfs één moslim is voldoende.&#8221; [Zoals hierboven is gezien, zouden de persoon die de kalender voorbereidt, de persoon die het Iftār-kanon afvuurt en de persoon die de Azān oproept, allemaal &#8216;ādil moslims&#8217; moeten zijn.]</p>



<h5 class="wp-block-heading"><strong>Wat verbreekt het vasten?</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">In de maand Ramadān al-Mubārak, terwijl men weet dat men aan het vasten is en terwijl men zich voor het aanbreken van de vorige fajr heeft voorgenomen om te vasten, eet of drinkt men iets voedselrijks, dat wil zeggen, het via de mond in de maag stoppen van een voedzame, medicinale, verdovende of bedwelmende substantie in de maag, of het hebben of gedwongen worden om geslachtsgemeenschap te hebben, verbreekt het vasten en maakt qaza en kaffārat noodzakelijk.<a href="#_ftn7" id="_ftnref7">[7]</a></p>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens deze definitie verbreekt roken het vasten en zijn zowel qaza als kaffārat nodig. Want de vaste en vloeibare deeltjes in de rook gaan samen met het speeksel de maag in. Na dingen als cupping en roddel, waarvan zeker bekend is dat ze het vasten niet verbreken, als men bewust iets eet omdat men denkt dat men zijn vasten al verbroken heeft, zal men deze keer verbroken worden en zal qaza en kaffārat noodzakelijk zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als een persoon die zijn niyyah niet voor zonsopgang in Ramadān al-Mubārak heeft gedaan, iets doet om zijn vasten voor dahwa te verbreken, zijn zowel qaza als kaffārat noodzakelijk volgens de twee imams. Want hij miste de kans om niyyah van vasten te doen terwijl het voor hem mogelijk was om dat te doen, maar volgens Imām-e-Azam is alleen qaza nodig. Als die persoon na de dahwa-tijd eet en drinkt, is kaffārat volgens alle drie de Imāms niet nodig. De straf van kaffārat is de beloning voor het ontheiligen van de eer en waardigheid van de gezegende maand Ramadān al-Mubārak. Het is de straf voor het opzettelijk verbreken van het vasten van de Ramadān al-Mubārak, die sahīh is volgens alle vier de Mazāhib.<a href="#_ftn8" id="_ftnref8">[8]</a> Om deze reden is het verplicht om de niyyah voor zonsopgang te maken in de Shāfi’ī Mazhab, als een persoon in de Hanafi Mazhab opzettelijk gedurende de dag het vasten verbreekt waarvoor hij niet voor zonsopgang niyyah heeft gemaakt, of als hij gedwongen is het te verbreken of het moet verbreken vanwege een goed excuus,&nbsp; Hij maakt geen kaffārat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wanneer men het vasten van qaza verbreekt, of het gezworen vasten of het boven heersende vasten, maakt men geen kaffārat. Als iemand die op de ene dag van de Ramadān al-Mubārak iets heeft gedaan dat alleen qaza vereist, hetzelfde met opzet op een andere dag doet, is het noodzakelijk dat hij ook kaffārat maakt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als men het per ongeluk breekt, bijvoorbeeld als er wat water door zijn keel ontsnapt tijdens het maken van een woedoe (wassing), als men gedwongen wordt het te breken, als men een darmspoeling toedient, als men vloeibare medicijnen, lotion, rook [de rook van een sigaret die door iemand anders wordt gerookt] of de rook van aloë hout dat met barnsteen is gerookt, opsnuift,&nbsp; in de neus of druppels medicijnen in het oor, als het medicijn dat op de huid wordt gekookt erin doordringt, [als men medicijnen met een spuit injecteert], als men iets doorslikt dat niet medicinaal of voedzaam is, zoals een stuk papier, steen of metaal, katoen of een zaadje van ongekookte rijst, gierst of linzen, als men een hap braakt door zichzelf te dwingen,&nbsp; Als iemand met een bloedende tand alleen het bloed slikt of het bloed dat voor vijftig procent met speeksel is vermengd, als hij eet zonder te weten dat de dageraad is aangebroken of het vasten verbreekt in de veronderstelling dat de zon is ondergegaan, als hij doorgaat met eten in de veronderstelling dat zijn vasten is verbroken omdat hij zijn vasten is vergeten en is begonnen met eten,&nbsp; als ze water in iemands mond gieten of geslachtsgemeenschap hebben met iemand terwijl men slaapt, als men vasten zonder de intentie te hebben of niet van plan is voor zonsopgang in Ramadān al-Mubārak en dan het vasten na dahwa opgeeft, hoewel men van plan was na zonsopgang; het vasten wordt in elk van deze gevallen verbroken en het is nodig om alleen een dag-voor-dag qaza te maken na de &#8216;Eid. Toch is kaffārat niet nodig.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als regen of sneeuw door iemands keel gaat, verbreekt het vasten. Het is noodzakelijk om qaza te maken. Als men junub (onrein) staat wordt door te omhelzen, te knuffelen en te kussen, wordt men vasten onderbroken en wordt qaza noodzakelijk, maar het breekt niet als men geen junub wordt. Het wordt gesteld door de auteurs &#8216;Rahmatullāhi &#8216;alaihim ajma’īn&#8217; van de boeken <strong>Hindiyya</strong>, <strong>Bahr</strong> en <strong>Durr-ul-Mukhtār</strong> dat alleen qaza nodig is als men junub wordt door handmatige masturbatie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als men iets inslikt dat tussen de tanden is blijven zitten van de vorige nacht, verbreekt het vasten als het groter is dan een kikkererwt waardoor qaza noodzakelijk wordt, maar het verbreekt het vasten niet als het kleiner is dan een kikkererwt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als een persoon die zijn vasten is vergeten en iets heeft gegeten weer iets eet of drinkt nadat hij zich heeft herinnerd dat hij aan het vasten is, hoewel hij weet dat vergeten en eten zijn vasten niet zal verbreken, wordt zijn vasten onderbroken en wordt het noodzakelijk om zowel qaza als kaffārat te maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In <strong>Multaq</strong><strong>ā</strong> en in alle andere boeken staat geschreven: &#8220;Als het medicijn dat op iemands hoofd of lichaam wordt gesmeerd, doordringt in de hersenen of het spijsverteringskanaal, wordt het vasten onderbroken en wordt alleen qaza noodzakelijk.&#8221; Het staat geschreven in het commentaar op Multaqā: &#8220;Imām-e-Azam zegt dat een vasten wordt onderbroken wanneer voedsel door een kookpunt doordringt. Maar de twee Imāms zeggen dat het niet breekt omdat het vasten alleen verbreekt als voedsel door de natuurlijke gaten van het lichaam naar binnen gaat.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Tahtāwī legt dit heel goed uit in zijn annotatie bij <strong>Marāqil-Falāh</strong>. Hij zegt: &#8220;Als het bekend is dat het vloeibare of vaste medicijn dat op iemands hoofd of lichaam wordt gezet, in de hersenen of het spijsverteringskanaal is doorgedrongen, breekt iemands vasten. Als het niet goed bekend is dat het is doorgedrongen, als het medicijn vloeibaar is, breekt het vasten volgens Imām-e-Azam, maar de twee Imāms zeiden dat het niet breekt als niet zeker weet dat het medicijn is doorgedrongen. Alle drie de Imāms waren het erover eens dat het vasten niet zou worden verbroken als het medicijn waarvan niet met zekerheid bekend was dat het was doorgedrongen, vast was.&#8221; Vandaar dat alle drie de Imāms het erover eens zijn dat het vasten wordt verbroken wanneer zeker is dat het medicijn is doorgedrongen, of het nu vloeibaar of vast is. Dit komt erop neer dat elke inenting of medische injectie met een spuit onder de huid of in de spieren van iemands armen, benen of enig ander deel het vasten verbreekt.</p>



<h5 class="wp-block-heading"><strong>Wat verbreekt het vasten niet?</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">In Ramadān of tijdens het vasten voor qaza of kaffārat of tijdens het verrichten van gezworen of boven genoeglijk vasten, als men vergeet dat men aan het vasten is en eet, drinkt, of geslachtsgemeenschap heeft, of een nachtelijke uitscheiding heeft terwijl men slaapt of onvrijwillig sperma afgeeft door te kijken [naar iets sexyst] terwijl men wakker is, als men een tinctuur van jodium of een zalf of kajal (kool) aanbrengt [zelfs als hun tint of geur wordt opgemerkt in iemands speeksel of urine],&nbsp; of als iemand wellustig kust, roddelt, cupping aanbrengt, onvrijwillig een mondvol braakt of een beetje vrijwillig braakt, of als er water in zijn oor of stof komt, rook of een vlieg onvrijwillig via zijn mond of neus in zijn keel komt, [of als men kunstmatige lucht met een zuurstofslang krijgt toegediend, of als men niet kan voorkomen dat de rook van andermans sigaretten in iemands mond en neus komt],&nbsp; of als men na het spoelen van de mond de nattigheid die in de mond achterblijft samen met het speeksel inslikt, of als men een medicijn in de oog- of tandholte stopt, zelfs als men de smaak ervan in de keel voelt; het vasten verbreekt in geen van deze gevallen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De auteur van het boek <strong>Bahr-ur-Rāiq </strong>zegt: &#8220;In sommige gevallen wordt de mond gezien als een inwendig deel van het lichaam. Dus, als een vastende persoon zijn speeksel inslikt, zal zijn vasten niet verbreken. Het is alsof er iets vies in het lichaam is dat van maag naar darmen gaat. Bloeden door een verwonding in de mond, door het uittrekken van een tand, of op het punt waar een injectie is gemaakt, of bloed dat van de maag naar de mond komt, verbreekt het vasten of een wassing niet. Wanneer men dit bloed uitspuugt of inslikt, als het speeksel groter is dan het bloed, dat wil zeggen, als het geel van kleur is, is het nog steeds niet gebroken. Het is hetzelfde wanneer andere dingen vanuit de maag naar de mond komen, in welk geval noch de woedoe (wassing), noch het vasten wordt verbroken. Als een hap (uit de maag in de mond komt) uit de mond gaat, zijn beide gebroken. De binnenkant van de mond wordt soms beschouwd als een uitwendig deel van het lichaam. Het vasten wordt niet verbroken wanneer er water in de mond wordt genomen.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hetzelfde wordt ook opgemerkt in <strong>Jawharat-un-Neyyira</strong>. Vandaar dat men ziet dat, wanneer een tand wordt getrokken, als er veel bloedingen zijn, het vasten niet wordt verbroken wanneer men het uitspuugt. Als men niet vast, wordt de wassing niet verbroken als men het inslikt. Geen van de twee is in ieder geval verbroken als het bloed minder is dan de hoeveelheid speeksel.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het staat in <strong>Fatāwā Hindiyya</strong>: &#8220;Het toedienen van darmspoeling of het druppelen van medicijnen in het oor gat zal iemands vasten verbreken, maar het zal geen kaffārat noodzakelijk maken. Het injecteren van water of olie in de penis zal het vasten niet verbreken, zelfs niet als de vloeistof de blaas bereikt. Vloeistof die in het vrouwelijke schaamdelen wordt geïnjecteerd, zal echter het vasten van een vrouw verbreken. Het inbrengen van je natte of gezalfde vinger in je endeldarm of vagina zal je vasten verbreken. Een droge vinger (ingebracht in het endeldarm of de vagina) zal het niet breken. Water dat men per ongeluk in zijn endeldarm laat gaan wanneer hij zich na de ontlasting reinigt, zal zijn vasten verbreken.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zulke handelingen als het proeven van het voedsel (tijdens het koken) zonder het door te slikken, kauwgommastiek kauwen, knuffelen en kussen ondanks het gevaar om junub te worden, het nemen van een bad voor verfrissing zal iemands vasten niet verbreken, maar toch zijn ze tanzīhī makruh.<a href="#_ftn9" id="_ftnref9">[9]</a> Het aanbrengen van kohl (op de ogen) of cosmetica op de snor, het ruiken van bloemen, muskus of lotions zal het vasten niet verbreken; noch zijn ze makruh. Dingen zoals kohl (op de ogen) en cosmetica (op de snor) zijn makruh als ze bedoeld zijn voor versiering; En dat is ook het geval met bloemen die aan de halsband zijn bevestigd of in de hand worden gedragen. Het ruiken van stoffige of rokerige dingen of het kauwen van kunstmatig tandvlees zal het vasten verbreken. Het gebruik van (de stoktandenborstel genaamd) miswāk of cupping of bloeden is niet makruh.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is mustahab om de sahur te laat te hebben en je te haasten voor de Iftār. Ibn &#8216;Âbidīn zegt: &#8220;Deze aanbeveling is bedoeld om de Iftār te beschermen tegen uitstel totdat de sterren worden gezien. Bij bewolkt weer, zelfs als de Azān wordt afgeroepen en het pistool wordt afgevuurd, moet men niet vasten totdat men er zeker van is dat de zon is ondergegaan.&#8221; In de 187<sup>e</sup> ayat van Surah al-Baqarah wordt bevolen dat het vasten begint als de sādiq<a href="#_ftn10" id="_ftnref10">[10]</a> breekt. Dit is een Gebod van Allāh Ta’ālā en kan niet worden veranderd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een invalide vast niet als zijn ziekte verergert; Een zwangere vrouw, een vrouw met een zoogdier en een soldaat in oorlogsvoering vasten niet als ze zwak zijn. Ze maken qaza van het vasten als ze herstellen. Een arbeider die weet dat hij ziek zal worden terwijl hij werkt om in zijn levensonderhoud te voorzien, mag zijn vasten niet verbreken voordat hij ziek wordt. Een persoon die op weg gaat met de intentie om de weg van drie dagen [104 kilometer] te gaan, wordt een musāfir. De musāfir kan zijn vasten de volgende dag verbreken en qaza maken na Ramadān al-Mubārak; toch kan hij beter vasten als het hem geen kwaad doet. Er is geen kaffārat nodig om het vasten te verbreken tijdens de reis of op plaatsen waar men van plan is minder dan vijftien dagen te blijven. Als zijn reis voorbij is en hij komt terug naar huis of als hij besluit vijftien dagen te blijven op de plaats waar hij naartoe is gegaan, maakt hij qaza van de dagen dat hij niet vastte.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Mensen die niet ziek zijn en degenen die geen musāfir zijn, moeten vasten, zelfs als het arbeiders, soldaten of studenten zijn. Ze zullen ernstig zondig zijn als ze niet vasten. En ze zullen er qaza voor moeten maken. Als ze het vasten verbreken, hoewel ze niyyah hebben gemaakt, zullen ze ook kaffārat moeten maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De auteur van <strong>Behjet-ul-Fa</strong><strong>tāwā</strong> zegt: &#8220;Wanneer Ramadān samenvalt met een van de zomermaanden, kan een leugenaar zich voordoen als een man van religie en jongeren, studenten en arbeiders verhinderen te vasten door te zeggen: &#8216;Het is toegestaan voor jullie om de niyyah niet te maken en nu niet te vasten; je mag qaza maken als de dagen in de winter korter zijn. Als je eet en drinkt door niet van plan te zijn om in Ramadān al-Mubārak te vasten, is kaffārat niet nodig.&#8217; Hij zal zwaar gestraft worden. Hij zal worden verhinderd om dat te zeggen.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ibn &#8216;Âbidīn</strong> zegt: &#8220;Als een zieke persoon zich ernstig zorgen maakt dat zijn ziekte erger kan worden, of dat zijn herstel kan worden vertraagd of dat hij hevige pijn kan hebben, of als een ziekenhuismedewerker vreest dat hij zelf ziek zal worden (in het geval dat hij vast) en daardoor helāk zal veroorzaken bij zijn patiënten, vasten deze moslims niet en maken later qaza. Als een gezond persoon er sterk van overtuigd is dat hij ziek zou worden, of een ambtenaar die handenarbeid verricht onder ongunstige omstandigheden, d.w.z. het schoonmaken van de rivier, zich zorgen maakt om ernstig ziek te worden door het effect van zeer warm of koud weer, wat op zijn beurt helāk veroorzaakt, of als een vrouw [die werkt om in haar levensonderhoud te voorzien en die alleen woont en nergens financiële steun krijgt] er sterk van overtuigd is dat ze ziek zou worden als ze vast tijdens het verrichten van zware lichamelijke arbeid, zoals een was, het wassen of huishoudelijk werk, wat, nogmaals, een oorzaak is van helāk, is het toegestaan om niet te vasten of het voorgenomen vasten te verbreken, en er qaza voor te maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een sterk geloof betekent het opmerken van de symptomen van de dood op basis van iemands eigen persoonlijke ervaring of de informatie gegeven door een moslimdeskundige arts (Tabīb-e Muslim-e-Hāziq). Expert (hāziq) betekent specialist op een bepaald gebied van de geneeskunde. Het is toegestaan om onderzocht en behandeld te worden door een arts die bekend staat als een kāfir (ongelovige) of als een persoon die een ernstige zonde of ernstige zonden begaat, maar daden van aanbidding moeten niet worden opgegeven met hun advies. Je vasten verbreken omdat ze je dat adviseren, brengt kaffārat met zich mee.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">De auteur zegt onder het onderwerp Ikrāh (dwang) dat het verliezen van een orgaan of ledemaat; om iemands hele eigendom te verliezen; om een gewelddadige of martelende gevangenschap te ondergaan; deze dingen zijn alle oorzaken van helāk.<a href="#_ftn11" id="_ftnref11">[11]</a></p>



<p class="wp-block-paragraph">Het staat geschreven in het boek <strong>Im</strong><strong>ād-ul-Islam</strong>: &#8220;Als men geen moslimdeskundige arts kan vinden en zelf geen ervaring heeft, moet men eerst een klein opgerold stukje papier doorslikken of een ongekookte rijstkorrel zonder water doorslikken, dan wat eten en dan het medicijn innemen. Deze procedure zal iemand bevrijden van kaffārat.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">In het boek <strong>Bahr-ur-Rāiq</strong> staat: &#8220;Een persoon die gebeten is door een giftig dier, verbreekt het vasten om een tegengif te nemen en maakt na de Ramadān al-Mubārak qaza.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Ibn &#8216;Âbidīn</strong> zegt aan het einde van zijn verhandeling over de handelingen die het vasten nietig verklaren: &#8220;Een persoon die een middel van bestaan nodig heeft en gelooft dat hij mogelijk ziek zal worden als hij werkt, verbreekt het vasten. Als hij een werknemer is op contractuele basis en zijn werkgever hem geen verlof verleent tijdens de maand Ramadān al-Mubārak, en toch als hij en zijn gezin over de middelen van bestaan beschikken, verbreekt hij het vasten niet. Want bedelen is harām voor zo&#8217;n persoon. Als hij niet over de middelen van bestaan van hem en zijn gezin beschikt, is het noodzakelijk dat hij een gemakkelijkere baan zoekt die niet wordt belemmerd door zijn vasten. Als hij geen gemakkelijkere baan kan vinden, is het toegestaan om het vasten te verbreken en verder te werken. Evenzo, als het vasten tijdens de Ramadān al-Mubārak iemand schaadt die het gewas maait, d.w.z. als hij niet in staat zal zijn om het gewas te maaien en het gewas zal worden vernietigd of gestolen als gevolg van het vasten, [of als het zeker is dat het gebouw zal worden vernietigd door regen in het geval dat de constructie niet op tijd kan worden voltooid], en als het onmogelijk is om iemand te vinden om tegen betaling te werken is het toegestaan om het vasten te verbreken en het werk te doen. Na het voltooien van het werk vast hij en maakt qaza, na Ramadān al-Mubārak, van de dagen (hij niet vastte). Het zal geen zonde zijn. Iedereen die zeker ziek zal worden of zal sterven van de dorst (in het geval dat hij doorgaat met vasten) mag het vasten verbreken en qaza verrichten. In dit geval maakt hij geen kaffārat.&#8221;</p>



<h5 class="wp-block-heading"><strong>Qaza voor het vasten</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">Het betekent één dag voor één dag vasten, wat zowel sporadisch als op opeenvolgende dagen kan worden uitgevoerd. Als een andere Ramadān al-Mubārak tussenbeide komt terwijl men met tussenpozen vast, vast men eerst voor de Ramadān al-Mubārak. Een persoon die zo oud is dat hij niet in staat zal zijn om het vasten van Ramadān al-Mubārak of zijn vasten van qaza tot aan zijn dood uit te voeren, en een invalide wiens herstel hopeloos is, moet in het geheim eten. Als hij rijk is, geeft hij voor elke dag één fitra, dat wil zeggen vijfhonderdtwintig dirham [1.750 gram] tarwe of meel of het equivalent daarvan in goud of zilvergeld aan een of meer arme mensen. Het totale bedrag kan ook aan het begin of het einde van de Ramadān al-Mubārak in één keer aan één arme worden gegeven. Als hij herstelt na het geven van de fidya, verricht hij zowel zijn vasten van Ramadān al-Mubārak als zijn vasten van qaza (d.w.z. die welke hij niet heeft gevast vanwege zijn ziekte). Als hij sterft zonder de fidya te geven, zal hij (voordat hij sterft) voor isqāt<a href="#_ftn12" id="_ftnref12">[12]</a>. Als hij arm is, geeft hij de fidya niet. Hij bidt. Als een oude of invalide van dit soort niet kan vasten in het warme of koude seizoen, maakt hij qaza in elk seizoen dat voor hem geschikt is. Een persoon die de salāt niet staand kan verrichten terwijl hij vast, vast en de salāt zittend verricht. Als een persoon het vasten verbreekt of als een kind in de pubertas komt of als een ongelovige een moslim wordt of als een musāfir terugkeert naar de stad waar hij woont of als een vrouw rein wordt (van menstruatie); Zij moeten zich onthouden (van eten, enz.) alsof zij die dag tot de avond vasten. De musāfir en de vrouw maken daar later qaza van.</p>



<h5 class="wp-block-heading"><strong>Kaffārat voor het (gebroken) vasten</strong></h5>



<p class="wp-block-paragraph">Een slaaf wordt gemanipuleerd voor de kaffārat van een vasten. Hij die een slaaf niet kan manipuleren, vast achtereenvolgens zestig dagen. Na zestig dagen maakt hij qaza voor elke dag dat hij niet vastte.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een persoon die kaffārat schulden heeft voor verschillende Ramadān al-Mubārak in het verleden, of die elk twee dagen een kaffārat nodig heeft gehad voor dezelfde Ramadān al-Mubārak, maakt slechts één kaffārat voor beiden, als hij geen kaffārat heeft gemaakt voor de eerste. Maar als hij de eerste kaffārat maakte (vóór de tweede overtreding die een kaffārat met zich meebracht), maakt hij ook de tweede.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als het vasten van kaffārat wordt verbroken om verontschuldigbare redenen zoals ziekte en langeafstandsreizen, of omdat het wordt onderbroken door dagen van &#8216;Eid of door Ramadān al-Mubārak, is het noodzakelijk om opnieuw zestig dagen te vasten. Als men het niet breekt op dagen van &#8216;Eid, moet men nog steeds opnieuw beginnen. Als een vrouw het verbreekt vanwege menstruatie of lochia (de vaginale afscheiding die optreedt na de bevalling), begint ze er niet opnieuw mee. Ze voltooit het tot zestig als ze rein wordt. Maar als een van dezelfde redenen, (d.w.z. menstruatie of lochia), het vasten van een kaffārat van een vrouw onderbreekt voor een (gebroken) eed, die bestaat uit drie opeenvolgende dagen vasten, moet ze weer drie opeenvolgende dagen vasten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Men moet zijn kaffārat vasten op zo&#8217;n moment beginnen dat het niet samenvalt met de Ramadān al-Mubārak of met enige &#8216;Eid. Als men zijn kaffārat begint op de eerste dag van Rajab en als de zestig dagen niet voltooid zijn op de laatste dag van Sha’bān, is men van plan een reis van drie dagen te maken en verlaat men zijn stad. Men is van plan om op de eerste dag van de Ramadān al-Mubārak [Ishbāh] te vasten met de kaffārat. Want het is niet verplicht voor een musāfir om het vasten van Ramadān al-Mubārak te verrichten; het is hem toegestaan er later qaza van te maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Als iemand voortdurend ziek is of te oud om zestig dagen te vasten, voedt hij op een dag zestig arme mensen. (Om dit te doen) is het nodig om op één dag twee volledige maaltijden te geven aan zestig hongerige arme mensen. Het is niet nodig dat ze allemaal op dezelfde dag eten. Het is ook toegestaan om twee volledige maaltijden per dag te geven aan één arme gedurende zestig dagen, of één volledige maaltijd per dag gedurende honderdtwintig dagen. Of hij geeft een halve sâ&#8217; [1.750 gram] tarwe of meel, of een sâ&#8217; gerst, rozijnen of dadels aan elk van de zestig arme mensen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is ook toegestaan om het equivalent daarvan in brood of ander bezit of goud of zilver te geven aan elk van de zestig armen, of om hetzelfde bedrag aan één arme te geven gedurende zestig opeenvolgende dagen. In het boek <strong>Bad</strong><strong>āyi&#8217;</strong> staat geschreven dat ook fuloos (papiergeld) aan de armen gegeven mogen worden om zichzelf te voeden in plaats van maaltijden. Als hij het voedsel voor de zestig dagen in totaal aan één arme op één dag geeft, zal hij dat van slechts één dag hebben gegeven. Als hij &#8216;s morgens zestig armen voedt en &#8216;s avonds zestig andere armen, dan zal hij degenen die hij &#8216;s morgens gevoed heeft, &#8216;s avonds nog eens te eten moeten geven, of degenen die hij &#8216;s avonds gevoed heeft, &#8216;s morgens nog een keer.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Of, hij geeft goederen ter waarde van één sadaqa fitr aan elk van de zestig armen. Als hij tweemaal de hoeveelheid tarwe geeft aan elk van de zestig arme mensen voor twee kaffārat, dan zal hij één kaffārat hebben betaald. Het is niet toegestaan voor iemand die een slaaf kan kopen om te vasten (in plaats van de slaaf te kopen) en voor iemand die kan vasten om de armen te voeden (in plaats van te vasten). Als deze zieke of oude arm is, voedt hij de armen als hij rijk wordt. Het is noodzakelijk om een niyyah voor kaffārat te maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Mensen die een excuus hebben, moeten stiekem eten op de dagen dat ze niet kunnen vasten. Degenen die opzettelijk niet vasten en eten in het bijzijn van moslims op openbare plaatsen en degenen die vastende mensen misleiden en hun vasten voorkomen, zullen hun Imān (om dit te doen) verliezen. Het is zondig om tijdens de dagen van de Ramadān al-Mubārak eet- en drinkgelegenheden te runnen, zoals restaurants, cafetaria&#8217;s, casino&#8217;s en buffetten.</p>



<hr class="wp-block-separator has-alpha-channel-opacity"/>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref1" id="_ftn1">[1]</a> De Istaghfār is een korte aanroep die wordt uitgesproken voor vergeving van zonden, voor bescherming tegen rampen, schade en gevaren, en voor het aanvaarden van daden van aanbidding. Het is als volgt: &#8220;Astaghfirullah al &#8216;Azīm al-Karim allazî lā illāha illā Anta Huwa al-Hayyu al-Qayyuma wa atubu ilaih.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref2" id="_ftn2">[2]</a> Het woord &#8216;Shar’ī&#8217; is een bijvoeglijk naamwoord. Het betekent &#8216;dat wat is voorgeschreven door de Islamitische Shari’ah.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref3" id="_ftn3">[3]</a> Het spreekt voor zich dat het geen tijden mogen zijn waarin Islam het vasten verbiedt.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref4" id="_ftn4">[4]</a> De term &#8220;Safari Moslim&#8221; lijkt geen algemeen erkende of specifieke betekenis te hebben in de islamitische terminologie. Als u echter naar &#8220;Safar&#8221; verwijst, is dit de tweede maand van de islamitische maankalender. Het woord &#8220;Safar&#8221; in het Arabisch vertaalt zich naar &#8220;leeg&#8221;, wat historisch verwees naar de tijd dat huizen leeg waren toen mensen reisden voor voedsel of handel in pre-islamitische tijden.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref5" id="_ftn5">[5]</a> Bahr-ur-Rāiq, door Zeyn-al-&#8216;Âbidīn bin Ibrāhīm ibn Nujaym Misrî &#8216;Rahmatullāhi Ta’ālā &#8216;alaih&#8217;, (926 – 970 [1562 n. Chr.], Egypte,) is een commentaar op het boek Kenz, dat was geschreven door Abdullah bin Ahmad Nesefî</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref6" id="_ftn6">[6]</a> Het is relevant om er op dit punt aan te herinneren dat de &#8216;tweede&#8217; en &#8216;eerste&#8217; nachten die hier worden genoemd, de nachten zijn die respectievelijk voorafgaan aan de &#8216;tweede&#8217; en &#8216;eerste&#8217; dag.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref7" id="_ftn7">[7]</a> Kaffārat voor het vrijwillig verbreken van het vasten zal een paar pagina&#8217;s verderop worden uitgelegd.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref8" id="_ftn8">[8]</a> Mazāhib is de meervoudsvorm van Mazhab</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref9" id="_ftn9">[9]</a> Daden die onze Profeet ﷺ niet leuk vond, zich van onthield of ervan afraadde, worden makruh genoemd. Deze handelingen zijn niet duidelijk verboden in de Heilige Qur’ān. De Boodschapper van Allāh Ta’ālā vermeed sommigen van hen echter strenger dan hij de anderen vermeed. De geleerden van Ahle soenna (radi Allāhu anhum) scheidden deze daden af van de andere en noemden ze &#8216;tahrīmī&#8217; vanwege het gevaar dat deze daden harām zouden kunnen zijn. En zij noemden de andere handelingen van makruh &#8216;tanzīhī&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref10" id="_ftn10">[10]</a> Fajr-e-sādiq is de tijd waarin de bovenste stralen van de zon 19° onder de horizon staan.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref11" id="_ftn11">[11]</a> De lexicale betekenis van &#8216;helāk&#8217; is &#8216;vernietiging&#8217;, &#8216;vergaan&#8217;, &#8216;uitputting&#8217;. In dit register wordt het gebruikt in de betekenis van &#8216;de maat van schade of gevaar die de islam heeft gedicteerd als een maatstaf om te beslissen over de te nemen stap&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="#_ftnref12" id="_ftn12">[12]</a> &#8220;Isqāt&#8221; kan verschillende betekenissen hebben, afhankelijk van de context. In het Arabisch verwijst het vaak naar &#8216;vallen&#8217; of &#8216;gevallen&#8217; en het kan in verschillende contexten worden gebruikt, zoals juridische, politieke of zelfs poëtische uitdrukkingen.</p>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvasten-in-de-ramadan-een-verdieping%2F&amp;linkname=Vasten%20in%20de%20Ramad%C4%81n%2C%20een%20verdieping" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvasten-in-de-ramadan-een-verdieping%2F&amp;linkname=Vasten%20in%20de%20Ramad%C4%81n%2C%20een%20verdieping" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvasten-in-de-ramadan-een-verdieping%2F&amp;linkname=Vasten%20in%20de%20Ramad%C4%81n%2C%20een%20verdieping" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvasten-in-de-ramadan-een-verdieping%2F&#038;title=Vasten%20in%20de%20Ramad%C4%81n%2C%20een%20verdieping" data-a2a-url="https://tangali.net/vasten-in-de-ramadan-een-verdieping/" data-a2a-title="Vasten in de Ramadān, een verdieping"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ramadaan zegeningen</title>
		<link>https://tangali.net/ramadaan-zegeningen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 10 Mar 2025 08:22:43 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=3087</guid>

					<description><![CDATA[In Riyâd-un-Nâsihîn is aangehaald uit Bukhari dat Hazrat Abu Hurairah en andere Groot Schriftgeleerden (radi Allāhu anhum) overleverde dat de Profeet ﷺ zei:]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">In Riyâd-un-Nâsihîn is aangehaald uit Bukhari dat Hazrat Abu Hurairah en andere Groot Schriftgeleerden (radi Allāhu anhum) overleverde dat de Profeet ﷺ zei:</p>



<ol class="wp-block-list">
<li>Wanneer de maand Ramadan aanbreekt, worden de poorten van het Paradijs geopend en de poorten van de hel gesloten, en worden de duivels vastgebonden.&#8221;</li>



<li>&#8220;O moslims! Zo&#8217;n geweldige maand staat op het punt je te overschaduwen dat één nacht [Qadr-nacht] in deze maand heilzamer is dan 1.000 maanden.</li>



<li>Ook is het een soenna om de Tarawīh &#8216;s nachts in deze maand uit te voeren.</li>



<li>Het doen van een kleine gunst omwille van Allāh Ta’ālā tijdens deze maand is als het doen van de fard in andere maanden.</li>



<li>Het doen van de fard in deze maand is als het doen van 70 fards in andere maanden.</li>



<li>Deze maand is de maand van het geduld. De plaats waar de geduldige persoon naartoe zal gaan is het Paradijs.</li>



<li>Deze maand is de maand van het goed met elkaar opschieten.</li>



<li>Er is een toename in het levensonderhoud van gelovigen gedurende deze maand.</li>



<li>Als een persoon in deze maand Iftār geeft aan een vastende persoon, zullen zijn zonden worden vergeven. Allāh Ta’ālā zal hem uit het hellevuur bevrijden. En hem zal evenveel zegeningen worden gegeven als die vastende persoon.&#8221;</li>



<li>De zegeningen zullen zelfs gegeven worden aan een persoon die een dadel als Iftār geeft of die een beetje water geeft om het vasten te verbreken of die een beetje melk aanbiedt.</li>



<li>Deze maand is zo&#8217;n maand dat het mededogen heeft in zijn vroege dagen, vergeving in het midden, en bevrijding uit de hel in de laatste dagen.</li>



<li>Allāh Ta’ālā zal diegenen [beschermheren, leiders, commandanten en directeuren] die de plichten van [arbeiders, ambtenaren, soldaten en studenten] vergemakkelijken redden van het Hellevuur.</li>



<li>Doe vier dingen heel vaak in deze maand! Twee van deze waarvan Allāh Ta’ālā veel plezier wordt gedaan zijn: (1) Kalima-i-Shahâda zeggen en de istighfâr en de twee moet je te allen tijde doen.</li>



<li>Moslims moeten vragen om het Paradijs van Allāh Ta’ālā en zich aan Hem toevertrouwen om beschermd te worden tegen de Hel.</li>



<li>Iemand die tijdens deze maand water geeft aan een vastende persoon, zal op de Dag des Oordeels geen water nodig hebben.&#8221;</li>
</ol>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Framadaan-zegeningen%2F&amp;linkname=Ramadaan%20zegeningen" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Framadaan-zegeningen%2F&amp;linkname=Ramadaan%20zegeningen" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Framadaan-zegeningen%2F&amp;linkname=Ramadaan%20zegeningen" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Framadaan-zegeningen%2F&#038;title=Ramadaan%20zegeningen" data-a2a-url="https://tangali.net/ramadaan-zegeningen/" data-a2a-title="Ramadaan zegeningen"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ishā&#8217; en Sehri-tijden in Engeland volgens Ḥanafī-fiqh</title>
		<link>https://tangali.net/isha-in-zomertijd/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 13 Jun 2024 00:45:57 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Fiqh al-ʿibādāt]]></category>
		<category><![CDATA[Moskee en namāz]]></category>
		<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=1681</guid>

					<description><![CDATA[De Ishā’ en Sehri-tijd in het Verenigd Koninkrijk zijn toegelicht door Mufti Zāhid Husain Al-Qādrī (Dāmat Barakātuhu) uit Preston, tijdens een toespraak in Ghousia Masjid, Gloucester. Volgens Imām Abū Ḥanīfah (RaḥimahuAllāh) begint de tijd van Ishā’ Ṣalāh wanneer de horizon na zonsondergang volledig donker wordt. Bij zonsondergang verschijnt eerst een roodheid aan de horizon, bekend [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>De Ishā’ en Sehri-tijd in het Verenigd Koninkrijk zijn toegelicht door Mufti Zāhid Husain Al-Qādrī (Dāmat Barakātuhu) uit Preston, tijdens een toespraak in Ghousia Masjid, Gloucester.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens <strong>Imām Abū </strong><strong>Ḥanīfah (Ra</strong><strong>ḥimahuAllāh)</strong> begint de tijd van <em>Ishā’ </em><em>Ṣalāh</em> wanneer de horizon na zonsondergang volledig donker wordt. Bij zonsondergang verschijnt eerst een roodheid aan de horizon, bekend als de <strong>nautische schemering</strong> (<em>shafaq a</em><em>ḥmar</em>). Daarna volgt een witheid, de <strong>astronomische schemering</strong> (<em>shafaq abya</em><em>ḍ</em>). Wanneer deze witheid verdwijnt, is de horizon volledig donker. Dit markeert het einde van <em>Maghrib</em> en het begin van <em>Ishā’</em>.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De <strong>Boodschapper van Allāh </strong><strong>ﷺ</strong> zei: “De tijd voor <em>Ishā’ </em><em>Ṣalāh</em> begint wanneer de <em>shafaq</em> (schemering) ondergaat.” (Sunan al-Tirmidhī, 149). <strong>Imām Ibn al-Humām</strong> vermeldt in <em>Fat</em><em>ḥ al-Qadīr</em> dat de Profeet ﷺ zei: “Wanneer de horizon volledig donker wordt.” (Fatḥ al-Qadīr, Ibn al-Humām, vgl. ook: <em>Al-Fatāwā al-Hindiyyah</em>, <em>Fatāwā Qā</em><em>ḍī Khan</em>)</p>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens <em>Al-Fatāwā al-Hindiyyah</em> en <em>Fatāwā Qā</em><em>ḍī Khan</em> zei Imām Abū Ḥanīfah: “Het is de witheid die volgt op de roodheid. Als iemand zijn <em>Ishā’ </em><em>Ṣalāh</em> uitvoert nadat de roodheid is verdwenen maar vóórdat de witheid is verdwenen, dan is het niet toegestaan.” (<em>Al-Fatāwā al-Hindiyyah</em>, Vol. 1; <em>Fatāwā Qā</em><em>ḍī Khan</em>, Vol. 1)</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarom is het volgens de <strong>Ḥanafī-school</strong> verplicht om <em>Ishā’ </em><em>Ṣalāh</em> pas te verrichten nadat de witheid is verdwenen. Anders is de ṣalāh ongeldig en moet deze opnieuw worden uitgevoerd. Dit standpunt is bevestigd in de volgende werken: <em>Fat</em><em>ḥ al-Qadīr, Ta</em><em>ṣḥī</em><em>ḥ al-Qudūrī, Ba</em><em>ḥr al-Rāqā’iq, Radd al-Mu</em><em>ḥtār, Fatāwā al-Ri</em><em>ḍāwiyyah en Bahār-e-Sharī</em><em>ʿat.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Op dagen waarop de <em>Ishā’-tijd</em> niet optreedt (zoals in noordelijke landen tijdens zomerse periodes), dient men de <em>Qa</em><em>ḍā</em><em>ʾ’</em> van <em>Ishā’ </em><em>Ṣalāh</em> te verrichten tijdens de <em>Fajr</em>-tijd. Dit is vermeld door <strong>Imām A</strong><strong>ḥmad Raza Khan</strong> in <em>Fatāwā al-Ri</em><em>ḍāwiyyah</em> en door <strong>Ṣadr al-Sharī</strong><strong>ʿah</strong> in <em>Bahār-e-Sharī</em><em>ʿat</em>.</p>



<figure class="wp-block-audio"><audio controls src="https://tangali.net/wp-content/uploads/2024/06/Tajush_Shariah-Isha-Qaza-lezen-part-2.mp3"></audio></figure>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Al-Shaykh Taajush Sharī</strong><strong>ʿah</strong> bevestigde dit ook in <em>Fatāwā Europe</em> van <strong>Mufti </strong><strong>ʿAbd al-Waj</strong><strong>īd</strong> uit Amsterdam. Indien zulke dagen vallen in <strong>Rama</strong><strong>ḍān</strong>, en het niet verrichten van <em>Tarāwī</em><em>ḥ </em><em>Ṣalāh</em> tot maatschappelijke opschudding leidt, dan mogen moslims de <em>Ishā’-tijd</em> volgen volgens de <strong>Sā</strong><strong>ḥibayn</strong> (Imām Abū Yūsuf en Imām Muḥammad), zoals toegestaan door <strong>Mufti Sharīf al-</strong><strong>Ḥaqq Amjadī</strong>.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Bronnen</strong></p>



<ul class="wp-block-list">
<li>Ibn al-Humām. (n.d.). <em>Fat</em><em>ḥ al-Qadīr</em>. Dār al-Fikr.</li>



<li>Al-Hindī, N. (n.d.). <em>Al-Fatāwā al-Hindiyyah</em>. Dār al-Fikr.</li>



<li>Khan, Q. (n.d.). <em>Fatāwā Qā</em><em>ḍī Khan</em>. Dār al-Kutub al-ʿIlmiyya.</li>



<li>Raza Khan, A. (n.d.). <em>Fatāwā al-Ri</em><em>ḍāwiyyah</em>. Markaz al-Ahl al-Sunnah.</li>



<li>Ṣadr al-Sharīʿah. (n.d.). <em>Bahār-e-Sharī</em><em>ʿat</em>. Maktaba al-Madīna.</li>



<li>Sunnah.com. (n.d.). <em>Sunan al-Tirmidhī</em>, 149.</li>



<li>Zahid Husain al-Qādrī. (2012). <em>Ishā and Sehri Times During UK Summer</em>. Ghousia Masjid, Gloucester.</li>
</ul>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fisha-in-zomertijd%2F&amp;linkname=Ish%C4%81%E2%80%99%20en%20Sehri-tijden%20in%20Engeland%20volgens%20%E1%B8%A4anaf%C4%AB-fiqh" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fisha-in-zomertijd%2F&amp;linkname=Ish%C4%81%E2%80%99%20en%20Sehri-tijden%20in%20Engeland%20volgens%20%E1%B8%A4anaf%C4%AB-fiqh" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fisha-in-zomertijd%2F&amp;linkname=Ish%C4%81%E2%80%99%20en%20Sehri-tijden%20in%20Engeland%20volgens%20%E1%B8%A4anaf%C4%AB-fiqh" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fisha-in-zomertijd%2F&#038;title=Ish%C4%81%E2%80%99%20en%20Sehri-tijden%20in%20Engeland%20volgens%20%E1%B8%A4anaf%C4%AB-fiqh" data-a2a-url="https://tangali.net/isha-in-zomertijd/" data-a2a-title="Ishā’ en Sehri-tijden in Engeland volgens Ḥanafī-fiqh"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		<enclosure url="https://tangali.net/wp-content/uploads/2024/06/Tajush_Shariah-Isha-Qaza-lezen-part-2.mp3" length="413790" type="audio/mpeg" />

			</item>
		<item>
		<title>Via media vaststellen van begin/eind vasten</title>
		<link>https://tangali.net/via-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[© Shaykh Dr Mohamed Juzoef Tangali Qādri Noorani]]></dc:creator>
		<pubDate>Fri, 07 Jun 2024 00:49:26 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Ramadān al-Mubārak]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://tangali.net/?p=1245</guid>

					<description><![CDATA[Telefoon en faxberichten zijn als bewijs ongeldig om begin van Ramadān Sharīf en Eid-ul-Fitr dag vast te stellen. Mufakkir-e-Azam Allama Qamaruzzaman Azmi (Damat Barakātuhu) Faqīh-e-Islam Mufti-e-Holland Hazrat Allāma Maulana Mufti Abdul Wajīd Qādri Tien tot twaalf jaar geleden is een Roeyat-e-Hilāl Comité bijeenkomst van Majlis-e-Ulema Nederland (groep islamitische Schriftgeleerden) in Taibah Moskee te Amsterdam geweest. [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-241ef01c6e5724798625fdd59d1db956 wp-block-paragraph">Telefoon en faxberichten zijn als bewijs ongeldig om begin van Ramadān Sharīf en Eid-ul-Fitr dag vast te stellen.</p>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph">Mufakkir-e-Azam Allama Qamaruzzaman Azmi (Damat Barakātuhu)</p>



<figure class="wp-block-audio"><audio controls src="https://tangali.net/wp-content/uploads/2024/06/Maulana-Qamaruzzaman-Azmi-over-hilaal.mp3"></audio></figure>



<p class="has-primary-color has-text-color has-link-color wp-elements-3fb7692b4c394cc84c8a8c6fc8628609 wp-block-paragraph">Faqīh-e-Islam Mufti-e-Holland Hazrat Allāma Maulana Mufti Abdul Wajīd Qādri</p>



<p class="wp-block-paragraph">Tien tot twaalf jaar geleden is een Roeyat-e-Hilāl Comité bijeenkomst van Majlis-e-Ulema Nederland (groep islamitische Schriftgeleerden) in Taibah Moskee te Amsterdam geweest. In die bijeenkomst is gediscussieerd over de geldigheid van telefoon- en fax berichten ter vaststelling van het begin van Ramadān Sharīf. Het resultaat van deze bijeenkomst was dat telefoon- en fax berichten acceptabel zijn voor het kunnen vaststellen van het begin van Ramadān Sharīf.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Na enige tijd werd deze maslah (vraag) voorgelegd aan de superieure en hooggeleerde Ulema-e-Ahle Sunnat van India en Pakistan. Na behandeling in beide landen is het besluit anoniem geweest dat telefoon- en fax berichten ongeldig zijn als bewijsvoering voor het vaststellen van het begin en einde van Ramadān Sharīf. Vervolgens hebben Mufti Abdul Wajīd Qādri, Maulana Siddiq Naeemi, Maulana Sultan Raza Qādri en andere Ulema in verschillende jalsa (bijeenkomsten e.d.) hun spijt betuigt aan de moslimgemeenschap, hun woorden teruggenomen en de moslimgemeenschap laten weten dat zij achter de fatwa (juridisch besluit) van de Ulema van India en Pakistan staan. Ook hebben zij bekend gemaakt dat telefonische- en faxberichten geen bewijsvoering is voor Roeyat-e-Hilāl Comité.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Vervolgens is na lange tijd wederom op 16 juni 2003 in Halqa Ashrafia te Rotterdam een bijeenkomst geweest over dit onderwerp. Het verslag van deze bijeenkomst is in het bezit van Mufti Abdul Wajīd Qādri. In deze bijeenkomst van Majlis-e-Ulema Nederland, dat tussen 2 en 2 ¼ uur heeft geduurd hebben de aanwezige Ulema unaniem besloten hun woorden – dat telefoon en faxberichten geldig is- terug te nemen en zich te verbinden aan de fatwa die in India en Pakistan was uitgevaardigd. De Ulema die in Halqa Ashrafia aanwezig waren en zich aan de fatwa verbinden zijn onder andere: Mufti Abdul Wajīd Qādri, Maulana Mohammed Siddiq Naeemi, Maulana Abdul Rashied, Maulana Abdul Gaffār Noorani, Maulana Mohammed Rafiek Noorani, Maulana Mohammed Tāhir Noorani, Maulana Mohammed Sahied.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze berichtgeving die u op dit moment leest is noodzakelijk geweest onder de Ahle Sunnat bekend te maken, omdat sommige mensen de soenniet moslimgemeenschap willen bedriegen en dat een zekere Mufti en enkele Ulema nog steeds telefoon- en faxberichten als bewijs accepteren en op grond van deze onbeduidende berichten hun besluiten nemen voor het begin en eind van Ramadān Sharīf ondanks dat velen malen in jalsa’s bekend is gemaakt over de ongeldigheid van telefoon- en faxberichten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Alahazrat Imam-e-Ahle Sunnat Azīm-ul-Barkat (radi Allāhu anhu) heeft in zijn Fatāwa Razvia het volgende geschreven: “een Mufti kan alleen degene zijn die na een gemaakte fout ongetwijfeld deze fout publiekelijk hersteld. De Ulema die zijn fout op deze wijze hersteld is zeker waard gewaardeerd en geaccepteerd te worden.” Moge Allāh Ta’ālā zulke Mufti’s standvastig en gezegend op de waarheid laten blijven. Amien.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wa sallallāhu ta barakāh Ta’ālā ‘ala Sayyidena wa Maulana Mohammedien wa alā alihī wa sakhbihī ajma’in bi Rahmatika ar-Rahimīn.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Mufti Abdul Wajīd Qādri</em>, <em>Khadim-u-Iftā wa Qada Majlis-e-Ulema Nederland</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>3 Zill-Hijjah 1425/15 januari 2005</em></p>



<p class="has-medium-font-size wp-block-paragraph"><strong>Besluit</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Op 15 januari 2005 werd het bovengenoemde document geconcipieerd ter verzending aan alle Ahle Sunnat organisaties. Doch, op aandringen van twee prominente Schriftgeleerden, die in Engeland wonen, is de openbaarmaking van het document aangehouden. Deze Schriftgeleerden geven als reden op, dat het Comité en de besluitvormers in verlegenheid gebracht zouden kunnen worden. Echter, dit stilzwijgen heeft ertoe geleid, dat de Roeyate-e-Hilāl Comité misplaatste handelingen hebben verricht en mij in het kwade daglicht hebben gezet.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze zaak werd daarom onder aandacht gebracht van Muhaddith-e-Kabir Zia-ul-Mustafa Maddezillu. Muhaddith-e-Kabir is de Janashin-e-Sadruh Shari’ah sabieq, Sheikh-ul-hadīth al-Jamiat-ul-Ashrafia in Mubārak Pur en maujuda Sheikh-ul-hadīth van Jamia Amjadiyya in Ghosi. In deze zaak heb ik bij Muhaddith-e-Kabir mijn mening geuit en de onrechtmatige daad van de Roeyate-e-Hilāl Comité beklaagd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dit jaar (1428 H/2007) heeft Muhaddith-e-Kabir voor Noori Moskee te Amsterdam ter gelegenheid van tarawīh namāz janāb Maulana Mufti Hāfiz Mohammed Shamshad Sāhib Rizvi uitgezonden. Ook aan Mufti Shamshad Rizvi heeft Mufti Abdul Wajīd de zaak van telefoon- en faxberichten onder aandacht gebracht. Roeyat-e-Hilāl Comité op zijn beurt heeft aan Mufti Shamshad bericht, dat zij besluit hebben genomen op een juridische beslissing van Mufti Abdul Wajīd Qādri dat telefoon- en faxberichten geaccepteerd kunnen worden. Na deze ongewettigde uitspraak van Roeyat-e-Hilāl Comité heeft Mufti Abdul Wajīd Qādri zich bewust voorgenomen om de boven aangehaalde zaak toch publiekelijk te maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Getekend te Amsterdam d.d. 17 september 2007</p>



<p class="wp-block-paragraph">Mufti Abdul Wajīd Qādri.</p>
<p><a class="a2a_button_facebook" href="https://www.addtoany.com/add_to/facebook?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvia-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten%2F&amp;linkname=Via%20media%20vaststellen%20van%20begin%2Feind%20vasten" title="Facebook" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_mastodon" href="https://www.addtoany.com/add_to/mastodon?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvia-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten%2F&amp;linkname=Via%20media%20vaststellen%20van%20begin%2Feind%20vasten" title="Mastodon" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_button_email" href="https://www.addtoany.com/add_to/email?linkurl=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvia-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten%2F&amp;linkname=Via%20media%20vaststellen%20van%20begin%2Feind%20vasten" title="Email" rel="nofollow noopener" target="_blank"></a><a class="a2a_dd addtoany_share_save addtoany_share" href="https://www.addtoany.com/share#url=https%3A%2F%2Ftangali.net%2Fvia-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten%2F&#038;title=Via%20media%20vaststellen%20van%20begin%2Feind%20vasten" data-a2a-url="https://tangali.net/via-media-vaststellen-van-begin-eind-vasten/" data-a2a-title="Via media vaststellen van begin/eind vasten"></a></p>]]></content:encoded>
					
		
		<enclosure url="https://tangali.net/wp-content/uploads/2024/06/Maulana-Qamaruzzaman-Azmi-over-hilaal.mp3" length="11191567" type="audio/mpeg" />

			</item>
	</channel>
</rss>

<!--
Object caching 138/1890 objecten gebruiken Disk
Paginacaching met Disk: Enhanced 

Served from: tangali.net @ 2026-07-15 01:09:31 by W3 Total Cache
-->